'Een paar miljoen krijgen is niet moeilijk'
Gepubliceerd: Woensdag 4 mei 2011
Auteur: Uhro van der Pluijm
Startups schieten nog steeds de grond uit. Ook in Nederland. Toch is het begintraject van een startup vaak moeilijk, want wat doe je met een idee? Hoe paai je investeerders en hoe krijg je aandacht?
Afgelopen week vond in Amsterdam de jaarlijkse The Next Web Conference plaats. Onderdeel van die conferentie is een rally van verschillende startups. In de finale van deze rally waren acht van de 18 startups Nederlands. Ook gevestigde startups in Nederland blijven het goed doen. Toegegeven, een Facebook of Twitter zit er nog niet tussen, maar een aantal bedrijven heeft wel internationaal aanzien.
Idee gelijk waarheid maken
Een startup beginnen in Nederland heeft zowel voor- als nadelen ten opzichte van het beginnen van een startup bedrijf in bijvoorbeeld Silicon Valley. Dat gebied in de Amerikaanse staat Californië is van oudsher de regio waar veel technologiebedrijven gevestigd zijn en bovendien worden opgericht.
De typische kenmerken van Nederland zijn erg belangrijk voor wie zijn startup in Nederland succesvol wil maken. Daarnaast zijn algemene tips natuurlijk erg belangrijk.
Een startup begint natuurlijk altijd met een idee. Renato Valdés Olmos van Cardcloud adviseert om mensen die zo'n idee hebben om daar niet te lang mee rond te lopen. Sterker nog: Starters moet gelijk een prototype gaan bouwen, meent hij. Daarnaast is het blijven praten met mensen in je omgeving erg belangrijk. Zo kan je idee nog iets bijgeschaafd worden en test de ondernemer gelijk hoe het plan valt.
Alles is mogelijk in Nederland
Eén van de grootste voordelen van Nederland, en zeker de Nederlandse startup hotspot Amsterdam, is de relatief grote persoonlijke vrijheid. Het is daardoor mogelijk om bijna ieder idee te maken en te verkopen. Zeker in vergelijking met de VS. Dat meent bijvoorbeeld de Amerikaanse developer Mike Lee, oprichter van Tapulous (de maker van Tap Tap Revenge) en voormalig developer van Apple. De Amerikaan woont zelf inmiddels in Amsterdam en roept alle developers uit de Valley op om ook naar 'Appsterdam' te komen. Het klimaat voor startups zou hier immers veel beter zijn.
Staat een website eenmaal maar blijkt hij niet genoeg bezoekers of gebruikers te trekken, dan is het natuurlijk altijd mogelijk om een idee later nog aan te passen of bij te schaven. Zo startte Valdés zijn dienst Cardcloud ooit als 'My Name Is E'. In het begin was dat een dienst om contactgegevens via een apparaatje door te geven als een digitaal visitekaartje. Later werd het een website voor digitale visitekaartjes. Na de naamsverandering is dat zo gebleven, maar richt de site zich meer op mensen die via een applicatie hun 'kaartjes' door kunnen geven. Inclusief extra informatie, bijvoorbeeld waar men elkaar ontmoet heeft. De ondernemer noemt dat zelf "aanpassen naar wat de markt wenst".
Diezelfde gedacht heeft Robert Gaal van Wakoopa. De dienst die hij mede oprichtte startte vier jaar geleden als sociaal netwerk waar gebruikers konden loggen wat zij op hun computer deden. Inmiddels is het een groot consumentenpanel waar gebruikers vrijwillig maar anoniem kunnen delen wat zij op hun computer doen, inclusief de websites die zij bezoeken. Die informatie is erg nuttig voor bedrijven.
Weinig kleine investeerders
Het nadeel van Nederland wordt echter gevormd door de investeerders, of beter: het gebrek daaraan. Dat stellen althans Gaal en Valdés Olmos. Volgens Gaal is vooral het krijgen van een lage investering moeilijk. "Investeerders willen wel een paar miljoen in je bedrijf steken, maar als beginner is het moeilijk om een goeie investering te krijgen". Bedrijven moeten zich dus eerst bewezen hebben.
In de VS is die cultuur juist heel anders, zo legt Robert Scoble uit, die zich voor hoster Rackspace nu vooral bezighoudt met nieuwe startups. "In de Valley zijn investeerders het gewend om te investeren in bedrijven die zich nog niet bewezen hebben. Er is daar een heel netwerk van investeerders die deze angel investments doen. In de VS is men altijd bezig met investeren in het volgende grote ding. De investeerders hopen dan de volgende Facebook te pakken te hebben".
Als het aan Gaal ligt gaan Nederlandse ex-ondernemers zich ook op deze wijze manifesteren. Hij noemt de oprichters van Hyves als voorbeeld, zij hebben vorig jaar goed verdiend met de verkoop van hun startup aan de Telegraaf Media Groep en zouden met dat geld goed Nederlandse startups kunnen financieren.
