`Glasvezel te groot risico voor gemeenten'
Gepubliceerd: Dinsdag 2 november 2004
Auteur: Laurens Verhagen
Glasvezelprojecten in andere landen, die door Nederlandse gemeenten vaak als voorbeeld worden aangehaald, zijn helemaal niet zo succesvol.
Sterker nog: aanbieders van diensten via glasvezel stappen over naar bestaande infrastructuren. Tot deze conclusie komt Quintel Management Consulting, dat onderzoek deed naar de twee Europese glasvezelbedrijven die in de Nederlandse discussie vaak als voorbeeld worden genoemd: Fastweb in Italië en Stokab/B2 Bredband in Zweden.
Het onderzoek is verricht in opdracht van de Vecai, de brancheorganisatie van de kabelsector en een verklaard tegenstander van gemeentelijke glasvezelprojecten. Critici menen echter dat het rapport (pdf) een vertekend beeld geeft.
Quintel komt tot de conclusie dat de glasvezelactiviteiten van zowel Stokab als Fastweb niet rendabel zijn. Zo leed Stokab over 2003 een verlies van ruim zeventig miljoen euro, bijna geheel het gevolg van een afwaardering van de waarde van het netwerk.
"Veel gemeenten die pleiten voor het aanleggen van glasvezel en deze projecten als alternatief voor de bestaande kabel aandragen, blijken zich niet te realiseren dat de buitenlandse glasvezelbedrijven zijn gestopt met de uitrol van glasvezel naar de huishoudens", zo stellen de onderzoekers.
Risico's
De situatie in Nederland is zelfs nog minder rooskleurig, zo zegt Jan-Piet Nelissen van Quintel: "Ten eerste heeft het glasnetwerk in Zweden en Italië alleen concurrentie van dsl. Nederland is dicht bekabeld waardoor de kans op grote aantallen klanten in ons land nóg lager is. In de tweede plaats werd in Zweden en Italië glasvezel alleen maar uitgerold naar bedrijven en appartementsgebouwen. Gemeentelijke plannen in Nederland gaan uit van het veel duurdere glasvezel naar ieder huis."
Het aandragen van buitenlandse successen als argument voor Nederlandse glasvezelprojecten is dan ook op `achterhaalde en onvolledige informatie' gebaseerd, zo stelt de Vecai. Directeur Rob van Esch legt het verband met eerdere adviezen van de Commissie Andriessen: "In die rapporten wordt gesteld dat de gemeente geen commercieel risico loopt als men in glasvezel investeert. De verliezen van tientallen miljoenen euro's in Zweden bewijzen dat dat soort beweringen ver bezijden de waarheid zijn." Volgens Van Esch kunnen investeringen in glasvezel woningcorporaties en gemeenten in grote financiële problemen brengen.
Kritiek
Niet iedereen is het echter eens met de conclusies van het onderzoeksbureau en de interpretatie van de Vecai. Pieter Visser van het Wassenaarse adviesbureau Bandwith Partner heeft geen goed woord over voor de manier waarop het onderzoek in elkaar steekt.
"De conclusies die de Vecai uit het rapport trekt liegen er niet om", aldus Visser in een reactie. "Zo zou de exploitatie niet rendabel zijn en zouden de projecten overstappen op bestaande infrastructuren in plaats van glasvezel. Naar ons oordeel worden in het rapport conclusies getrokken die niet of onvoldoende door de feiten worden ondersteund, en is vrij willekeurig geput uit de diverse bronnen."
Als voorbeeld noemt Visser het Zweedse glasvezelproject. In het rapport refereren de onderzoekers aan een citaat uit het jaarverslag van 2003. Hieruit zou blijken dat de directeur van Stokab de aanleg van fiber-to-the-home te duur vindt. Bandwith Partner meent echter dat dit citaat uit zijn verband is gerukt. Dit omdat de directeur van het Zweedse glasvezelproject juist pleit voor een verdere uitrol met marktpartijen.
