10 Jaar Webwereld
Gepubliceerd: Maandag 14 november 2005
Auteur: Maarten Reijnders en Laurens Verhagen
1995. Windows 95 zag net het licht; Planet Internet haalde zijn eerste abonnees binnen; Amazon bestond een paar maanden; in het straatbeeld begon de gsm net de Kermit te verdringen en Google lag nog niet eens in de luiers. In dit landschap begon Webwereld.
Toen Webwereld van start ging, in november 1995, was internet voor de meeste Nederlanders nog een grote onbekende. Slechts 1 procent van de Nederlanders had toegang tot het wereldwijde computernetwerk: voornamelijk mannen, jongeren, hoogopgeleiden en inwoners van de Randstad (zie hier). Planet Internet, de op de massa gerichte internetaanbieder van PTT (tegenwoordig KPN), had pas enkele maanden eerder zijn deuren geopend.
De snelheid waarmee de digitale voorhoede in 1995 over internet bewoog, lag aanmerkelijk lager dan nu. Wie een 14K4-modem had, was al een hele bink. Www stond voor de meeste internetters synoniem voor 'world wide wait'. Breedbandverbindingen waren niet meer dan toekomstmuziek. De tweemaandelijkse telefoonrekening betekende voor menig internetter een rib uit het lijf.
Netscape Navigator
Irc en usenet waren de aangewezen plaatsen om met anderen van gedachten te wisselen. Wel begon het web - destijds nog met aanmerkelijk minder interactiemogelijkheden dan nu - een steeds belangrijker onderdeel te worden van internet. Anderhalve maand voor de lancering van Webwereld werd versie 2.0 van Netscape Navigator uitgebracht.
Het Nederlandse bedrijfsleven en de overheid lieten internet in het midden van de jaren negentig nog voornamelijk links liggen. De Verenigde Staten waren destijds nog de onbetwiste koploper op internetgebied. Zo opende online boekwinkel Amazon in 1995 zijn deuren. Inmiddels is Amazon uitgegroeid tot het vlaggenschip van de e-commerce: het grootste online warenhuis ter wereld.
Ondertussen ontstonden in de Verenigde Staten de eerste gespecialiseerde nieuwssites die zich puur op het ict-nieuws richtten. Zo zag in juni 1995 het Amerikaanse CNet het licht. In Nederland was het nog betrekkelijk stil op dat gebied. De meeste kranten deden toen überhaupt nog niets met internet. De geeks moesten hun informatie voor een groot deel nog halen van nieuwsgroepen en bulletin boards.
Daily Planet
In Nederland had Francisco van Jole een duidelijke voortrekkersrol. Hij begon al in juni 1995 met zijn roemruchte Daily Planet, een door Planet Internet uitgegeven online nieuwsbrief. Deze provider speelde dezer dagen sowieso een belangrijke rol op het gebied van het dan nog zeer prille metier van internetjournalistiek. Tegelijk met Daily Planet zag namelijk Planet Multimedia het licht en eind 1996 begon Erwin van der Zande met Shift. Van deze Planet-trojka is alleen Planet Multimedia nog altijd actief.
Webwereld zag tijdens de HCC Dagen in november 1995 het licht. Geestelijk vader van Webwereld is Oscar Kneppers, die later succes had met Emerce en momenteel uitgever van het blad Bright is. Kneppers had in 1995 enkele maanden inspiratie opgedaan in San Francisco, alwaar hij had meegeholpen aan het opzetten van de site Macworld.com. Een van de grote inspiratiebronnen voor Kneppers was Wired, een site en blad waar alle opwindende ontwikkelingen op internetgebied werden verslagen.
Webwereld was in eerste bedoeld als paraplusite voor de diverse titels van uitgever IDG, maar werd al snel een nieuwssite. Dit legde Webwereld geen windeieren. Na een jaar waren er al 88.000 gebruikers, dit ondanks het ontbreken van een marketingbudget en het feit dat er maar één projectredacteur was.
Belangrijk voor het succes was ook de nieuwsbrief, waarin niet alleen nieuws stond, maar ook nog softwaretips, links naar freeware en quotes van lezers. Hierin lazen we typerende humor voor ict'ers, zoals 'In God we trust, all others we verify with pgp signatures'.
Goed, en waarover schreven de redacteuren van Webwereld (toen nog WebWereld) dan wel? Hedentendage populaire onderwerpen als breedband, peer-to-peer en voice-over-ip speelden nog geen rol. Helaas zijn de beginjaren niet goed gearchiveerd; pas vanaf 1997 zijn de artikelen van Webwereld beschikbaar. Maar gelukkig is daar nog altijd Google, dat met terugwerkende kracht een handje helpt. Zo zien we dat Webwereld in 1995 een voorpublicatie publiceerde van een interview dat het internetblad Net (dat niet meer bestaat) hield met Julia Rijnvis en Martin Weightman van Scientology Nederland. Inderdaad, in het kader van de nog altijd slepende zaak tegen publiciste Karin Spaink.
Populaire sites
Andere populaire internetuitgaven in de tweede helft van de jaren negentig waren De Cursor en BSE in Beeld! (Net als Yahoo! inclusief uitroepteken), een door computerleverancier BSE uitgegeven nieuwsbrief met hardwareweetjes. Beide uitgaven zijn al geruime tijd ter ziele.
Al deze first movers maakten jaren lang de dienst uit. Zo waren de sites van Webwereld-uitgever IDG in 1997 volgens marktonderzoeker Multiscope na die van Planet Internet de best bezochte Nederlandse sites. Vóór onder meer de Telegraaf, KPN, Omroep.nl of de Postbank. Verder was de nieuwsbrief van Webwereld de bestgelezen nieuwsbrief (met een jaren negentigwoord ook wel e-zine genoemd), gevolgd door Daily Planet, BSE in Beeld en Shift. Tekenend genoeg wordt deze lijst gedomineerd door nieuwsbrieven die zich bezighouden met ict-nieuws.
Commercie
In de tweede helft van de jaren negentig steeg het aantal internetgebruikers spectaculair. Door de opkomst van 'gratis internet' - providers als Superweb en Raketnet die geen abonnementsgeld vroegen voor de toegang tot het net - werd een belangrijke drempel geslecht. Dit had onder meer tot gevolg dat het internet in rap tempo vercommercialiseerde. Zakenmannen met dollartekens in de ogen roken hun kans en stampten het ene na het andere webinitiatief uit de grond - in veel gevallen zonder zich daarbij de vraag te stellen hoe hun projecten rendabel zouden worden.
Vanzelfsprekend volgde Webwereld dergelijke onderwerpen op de voet. Vooral met onderwerpen als gratis internet en domeinkaping wist Webwereld een steeds grotere groep lezers aan zich te binden. Lezers smulden bijvoorbeeld van verhalen over domeinkaper Gijs Graafland en zijn bedrijf Namespace. Verder passeerden de nodige hypes de revue, zoals het semantische web, softwareagents, sociale netwerken, Bitmagic of Pointcast (screensavers met het laatste nieuws en weerberichten). Ook een verhaal uit 2000 van Webwereld waarin voor het eerst het commerciële karakter van Startpagina werd onthuld, zorgde voor de nodige opwinding.
De meeste mensen vermaakten zich sowieso prima op het net. Hele volksstammen hielden zich avond na avond onledig met het surfen over internet, het bezoeken van chatboxen en met het downloaden van muziek. Dankzij het in 1999 gelanceerde programma Napster was dat laatste - tot afgrijzen van de muziekindustrie - makkelijker geworden dan ooit.
Zeepbel
In het voorjaar van 2000 klapte de zeepbel. De daaropvolgende jaren werden gekenmerkt door een aaneenschakeling van faillissementen en ontslagen. Werknemers in de it-sector werden met tienduizenden tegelijk op straat gezet.
Maar terwijl veel bedrijven internet noodgedwongen de rug toekeerden, bleven de internetgebruikers gewoon zitten. Sterker nog: er kwamen alleen maar meer gebruikers bij.
Tegelijkertijd met de ineenstorting van de nieuwe economie, begon bovendien het weblog aan zijn opmars. Net zoals bij internet een paar jaar eerder, waren weblogs aanvankelijk het domein van een digitale voorhoede. Jeroen Bosch, maker van Alt0169.com ('s Neerlands eerste weblog, soort van), omschreef de bloggers en hun lezers als 'internerds en frieks'. Een beschrijving waaraan hij zelf ook voldeed. "Ik lees toch wel driemaal daags het ganze internet af."
In 2000 organiseerde Bosch een bijeenkomst voor webloggers. De Nederlandse bloggers pasten met gemak in een zaaltje in Rotterdam. Wie nu een vergelijkbaar evenement voor alle Nederlandse webloggers zou willen organiseren, heeft aan de Kuip waarschijnlijk niet genoeg. Bloggen is mainstream geworden. Tienduizenden Nederlanders onderhouden via web-log.nl (van Ilse Media) of via MSN Spaces een blog.
Weblogs zijn niet de enige plaatsen waar internetters van zich laten horen. Op een groot aantal nieuwssites is het inmiddels mogelijk voor bezoekers om te reageren op berichten. Bij Webwereld kan dat sinds april 2001.
De jaren erna zijn de bezoekersaantallen in gestaag tempo blijven stijgen. Momenteel heeft Webwereld zo'n 650.000 unieke bezoekers per maand. Een deel hiervan volgt de redactie zeer kritisch. We hopen dat u dat ook de komende tien jaar (sic) zult blijven doen.
