Vijf populaire smaken desktopvirtualisatie
Gepubliceerd: Maandag 19 oktober 2009
Auteur: Kevin Fogarty
Een van de grote vragen in de IT van de laatste drie jaar is geweest hoe eindgebruikers desktopvirtualisatie zullen gaan gebruiken. Het antwoord, in ieder geval van de early adopters, is: "Hoe zouden we het kunnen negeren?"
4. Lokale virtuele applicaties
Denk aan Java. Applicaties worden van de server gedownload naar de client machine en worden daar uitgevoerd. Ze maken dus gebruik van het lokale geheugen en processorkracht. Maar ze draaien wel binnen een 'sandbox' die met een aantal regels bepaalt wat de lokale machine kan doen en waarmee die kan verbinden.
Voordelen: De prestaties zijn vaak beter dan met applicaties die op een afstand worden gehost. Deze vorm vergt ook minder bandbreedte en kan offline worden gebruikt.
Nadelen: IT heeft minder zicht op de hardware en de veiligheid van de data.
Voorbeelden van productenCitrix XenApp, Wyse TCX, VMware ThinApp, Microsoft Application Virtualization.
5. Lokaal virtueel besturingssysteem
Hierbinnen zijn er twee mogelijkheden. De eerste mogelijkheid: Met een client-side hypervisor kan een virtuele machine worden gecreëerd in een laptop of pc, die als een aparte standalone unit kan functioneren, en die volkomen geïsoleerd is van de hardware en de rest van de software op de client machine.
De tweede mogelijkheid: Een hypervisor draait direct op de BIOS van de machine, waardoor de gebruiker meerdere besturingssystemen kan draaien zonder host-besturingssysteem.
Voordelen: Meerdere besturingssystemen op een enkel systeem. Geen zorgen over compatibiliteit met besturingssystemen, want het draait zelfs op clients als smartphones of PDA's.
Nadelen: Er kunnen conflicten optreden bij het aanspreken van de systeembronnen en de techniek is relatief nieuw, zodat de veiligheid nog niet echt bewezen is.
Voorbeelden van productenCitrix Dazzle en Receiver, Wyse PocketCloud, TCX, VMware View Client Virtualization met Offline Desktop (experimenteel) Microsoft VDI suite.
Bron: Techworld
