De nieuwe 801.12ac-standaard is al een tijdje op de markt en inmiddels is deze ook te vinden in de gemiddelde router. Hoewel je met deze standaard de theoretische maximumsnelheid van 1300MBps kan halen blijkt er van deze snelheidsbelofte maar weinig te kloppen.

Ook met oudere routers, die gebruik maken van de 802.11n-standaard, haal je maar zelden 300 Mbps. In het bedrijfsleven is het bedienen van remote desktops en real-time data-uitwisseling een behoorlijke uitdaging als je routers last hebben van een lage overdrachtssnelheid. In sommige van onze tests blijkt zelfs dat 802.11n-routers die maar een paar meter van elkaar zijn verwijderd (met alleen maar een muurtje ertussen) terugvallen naar 2 tot 15 Mbps. Ter vergelijking:

0,5 tot 2 Mbps: Genoeg om te e-mailen en chatten, hoewel sommige sites die veel elementen bevatten traag laden op deze snelheid.

4 tot 5 Mbps: Met deze snelheid laden sites en beperkte videostreams prima, maar naar hd kun je fluiten.

20 Mbps of meer: De minimale snelheid om HD-video te streamen. Routers moeten compenseren voor haperende verbindingen, alle verbonden apparaten en buffering. Dus ook al is de gemiddelde bitrate van een 720p-video van iTunes 2 tot 6 Mbps, je router moet aan een hogere standaard voldoen vanwege deze compensatieslag.

50 Mbps of meer: Genoeg voor videostreaming in 1080p en het maken van draadloze back-ups.

Als je lage Wi-Fi-snelheden vervelend vindt, maar niet van plan bent om terug te gaan naar een ethernetverbinding, hebben we een paar tips om zwakke signalen op te schroeven.

1. Vervang je router

Ok, het klinkt misschien een beetje flauw, maar dit idee is lang zo gek nog niet. Veel mensen die hun router al wat jaren geleden hebben gekocht lopen tegen limieten aan. Trage processoren, oude (incomplete) protocollen; het heeft bijvoorbeeld erg lang geduurd voordat de 802.11n-standaard echt af was maar dat hield de fabrikanten niet tegen om toch routers uit te brengen gebaseerd op de 802.11n-draft-standaard. Lang niet alle routers hebben, toen de standaard af was, de update gehad naar 802.11n. Dit betekent meestal ook dat veel gebruikers niet zoveel hebben aan optie 7 (het updaten van de firmware) omdat de fabrikant de router niet meer ondersteunt.

Daarom is het het handigst om te kijken of er een custom firmware als DD-WRT beschikbaar is voor je router of dat je op zoek gaat naar een router waarvan je zeker weet dat deze een lange tijd wordt ondersteund.

In het artikel: De lange zoektocht naar een veilige router gaan wij hier dieper op in.

2. Zet stroombesparende instellingen uit

Sommige routers zijn standaard ingesteld met stroombesparende maatregelen. Het doel daarvan is om hier en daar een paar milliwatt te besparen. Dat is natuurlijk een nobel streven, maar jammer genoeg is het funest voor de bandbreedte. Als je bandbreedte belangrijker vindt dan kleine stroombesparinkjes, ga dan naar het configuratiemenu van de router en zoek naar een instelling als 'eco mode' of 'stroombesparing'. Zet deze optie uit. Kijk daarnaast of de router een automatische zendinstelling heeft. Zet die automatische optie uit en stel de zendinstelling in op maximaal.

3. Let op natuurwetten

Natuurwetten zitten wel eens in de weg van signaalsterkte. Neem nou de afstand die het signaal kan afleggen. De ruimte tussen de router en de draadloze adapter is belangrijker dan je denkt. Een handige vuistregel: bij het verdubbelen van de afstand tussen router en client, verlies je ongeveer een derde van de oorspronkelijke signaalsterkte. Een draadloze Wi-Fi-versterker - variërend in prijs, meestal van 40 tot 160 euro - geeft het signaal een flinke boost.

Daarnaast zijn er twee elementen waar Wi-Fi-signalen zich maar moeilijk doorheen worstelen, namelijk water en metaal. Water is een signaalverstoorder van jewelste, dus het kan verstandig zijn om geen waterhoudende objecten tussen router en apparaat te zetten, zoals bloempotten en radiatoren. Hetzelfde geldt voor metaal, zoals aluminium meubels en elektronische apparaten. Gladde en glanzende oppervlaktes reflecteren signalen en kunnen daarom de verbinding flink verstoren.

4. Vervang de antenne

Een zwakke verbinding en het verlies van packets worden vaak veroorzaakt door een matig antenneontwerp. Het zendmastje is in veel gevallen te vervangen, dus je kunt er eentje opzetten die beter werkt. Het is wat gedoe om de antenne te vervangen, maar het kan wel verschil betekenen tussen een trage en vlotte verbinding. Een standaardantenne verspreidt het signaal in een kegelvorm en is daarmee geschikt voor gebruik in één ruimte. Een omnidirectionele antenne gooit het signaal in 360 graden om zich heen en is daarom geschikt als je meerdere ruimtes wilt beslaan. Afhankelijk van de hoeveelheid ruimtes waarin je het Wi-Fi-signaal wilt hebben en waar de router precies staat, kies je voor een van deze twee antennetypes.

5. Ontdek je plekje

Om het bereik van het Wi-Fi-signaal te testen, zijn er mooie tools om de invloed te testen van afstand, frequentiewijzigingen en blokkades in het gebouw zelf. Met een tool als Netspot voor de Mac of Heatmapper voor Windows ontdek je de beste plekken, waar Wi-Fi-ontvangst optimaal is. We laten even kort zien hoe de eerste tool werkt.

Bedenk na installatie een naam voor de test onder de optie 'Site Survey' en klik op 'Sample Map'. Selecteer hier een ruimte-indeling om een kaart te maken. Voor de echt creatieve gebruikers is er de optie 'Draw Map' waarin je je eigen indeling kan tekenen. Geef vervolgens de maten van de ruimte aan door de afstand tussen twee punten te noteren. Selecteer 'Let's Get Started' en loop vervolgens door de ruimte met je laptop en geef aan op welke plekken je staat te scannen. Hoe meer scans je uitvoert, hoe vollediger de signaalkaart wordt. De oranje plaatsen (of nog beter: rode plekken) hebben het minst last van ruis en op de blauwe plekken is het bereik minimaal.

Er zijn uiteraard nog veel meer handige applicaties waarmee je je netwerk kan testen en analyseren.

Lees ook: 7 gratis Wifi-tools voor Windows

6. Het effect van de CPU op signalen

Moederborden werken in het gigahertz-spectrum, net als Wi-Fi signalen. Deze ruis van de computer wordt vervolgens opgepikt door de Wi-Fi-zender. Wi-Fi-adapters zijn vaak zo ingesteld dat ze de verbindingssnelheid verlagen wanneer er veel ruis wordt doorgegeven, om zo minder interferentie op te vangen.

Processors schakelen tegenwoordig vaak geschaald naar verschillende kloksnelheden, waardoor de adapter de verbinding aan de lopende band moet aanpassen. De daaruit volgende schommeling in de verbindingssnelheid zorgt voor storingen. Vooral bij laptops is de Wi-Fi-adapter vaak dicht bij de CPU-socket geplaatst.

Natuurlijk hangt het nogal af van je Wi-Fi-adapter of deze frequentieschommelingen inderdaad invloed hebben op je verbinding. Maar als deze symptomen je bekend voorkomen, is een externe adapter een oplossing. Mijn netwerkadapter heeft zelfs een kleine standaard. Een klein beetje ruimte tussen de processor en de Wi-Fi-adapter kan al een wereld van verschil maken. Onderweg heb je er weinig aan, maar je thuisnetwerk wordt er stukken stabieler door.

7. Firmware- of driverproblemen

Een simpele doch vaak vergeten tip: zorg dat de firmware bijgewerkt is naar de recentste versie - vooral als je een nieuwe hebt gekocht. Meteen uit de doos heeft de router vaak verouderde firmware. De bandbreedte, features en signaalsterkte worden verbeterd met elke update. M'n eigen router zorgde pas voor de maximale bandbreedte in m'n woonkamer nadat ik een update had uitgevoerd.

Zorg dat behalve de router ook de adapter zelf up-to-date is. Allerlei bugs en kleine problemen kunnen wel eens verdwenen zijn zodra er nieuwe drivers worden geïnstalleerd. Windows Update is dan wel wat beter geworden in het bijwerken van je systeem, maar de nieuwste en beste drivers worden er meestal niet mee opgehaald. Ga in plaats daarvan allereerst naar de website van de hardwareproducent.

Als de ondersteuningspagina van de fabrikant te wensen overlaat, kun je in veel gevallen uitwijken naar de site van de chipsetmaker. Het is niet ongebruikelijk dat een chipsetfabrikant de adapter ondersteunt. Zo heeft mijn Linksys WUSB 600N de populaire RT2870 chipset van de Taiwanese fabrikant Ralink aan boord. Zo ben je in sommige gevallen beter af als je rechtstreeks bij de bron gaat kijken. Kijk daarom altijd naar de specificaties van je Wi-Fi-adapter, al was het maar om de juiste update binnen te halen. De Debian Wiki bevat een lijst van bekende Wi-Fi-chipsets.

8. Verander het kanaal

Het minst drukke kanaal wordt automatisch als standaardtoegang ingesteld op de dag dat je de router voor de eerste keer configureert. Als dat alweer een tijd geleden is, kan de situatie inmiddels behoorlijk zijn veranderd. Het kantoor op de hoek kan nieuwe routers hebben of er zijn inmiddels andere buren naast je komen wonen. Opeens kan het verkeer op dat voorheen lege kanaal erg zijn toegenomen, terwijl andere kanalen ongemoeid worden gelaten.

Een tool als InSSIDer is een onmisbaar hulpje. Het programma analyseert het Wi-Fi-spectrum en laat zien welke netwerkkanalen in gebruik zijn. Ik stond er versteld van dat er vier andere routers op mijn kanaal zaten. Kanaal 9 was ongebruikt en met het overschakelen naar het nieuwe kanaal veranderde ik direct de latency en verhoogde ik de bandbreedte.

9. Gebruik een andere frequentie

Het is druk op de 2,4GHz-frequentie. Niet alleen gebruiken je buren dezelfde frequentie, maar ook babyfoons, draadloze telefoons, magnetrons en veel andere apparaten werken in dit spectrum. Moderne routers zijn dualband, wat betekent dat ze twee signalen gebruiken: 2,4 GHz en 5 GHz. Het is een stuk minder druk op dit tweede gebied en je hebt meer kanalen tot je beschikking.

Dus waarom niet meteen overstappen? Er zijn nog steeds fabrikanten die besparen op de chip door alleen een 2,4 GHz-ontvanger in te bouwen - dat zie je bijvoorbeeld bij draagbare spelcomputers en enkele smartphones. Mijn advies is om zo mogelijk beide netwerken te gebruiken. Verbind oudere smartphones en tablets met 2,4 GHz en gebruik 5 GHz voor nieuwere toestellen, laptop en pc.

10. Beperk de frequentie

Als het niet mogelijk is naar een andere frequentie over te stappen of om een netwerkkanaal te kiezen, kan het de moeite waard zijn om de frequentie te beperken. Stel de router in om het signaal met intervallen van 20 MHz te verzenden. Hierdoor daalt de bandbreedte, maar behoud je signaalsterkte en heb je minder last van een haperende verbinding.

11. De verbinding doorlichten

Om de vorige tips goed te testen, zijn er allerlei benchmarkingtools beschikbaar die de bandbreedte meten. Een van de nauwkeurigste is iPerf. Dit programma is er in zowel een versie voor het apparaat dat je wilt testen zelf als een servertool die je installeert op de pc die rechtstreeks is verbonden met de router.

Door ze allebei te gebruiken en op beide kanten van de verbinding te meten, krijg je een heel nauwkeurige meting van de Wi-Fi-verbinding. Mijn advies is om op zoveel mogelijk plekken in de ruimte te meten. De tool uit de vierde tip van dit artikel helpt je om de beste plekken te vinden om een goede meting te doen.

12. Gebruik repeaters of accesspoints

Als alles faalt kan je natuurlijk de portemonnee trekken en extra hardware aanschaffen om het signaal te verbeteren. Er zijn verschillende apparaten die je kunnen helpen je signaal en de snelheid te op te krikken.

Repeaters/extenders pakken je bestaande signaal en maken een tweede draadloze netwerk aan waar de apparatuur die problemen had met je huidige netwerk naar toe kan verbinden. Let wel op dat je de repeater op een goede plek hangt anders kan het misschien lijken of je een betere verbinding hebt (meer streepjes, je apparaat bevindt zich immers dichterbij de bron) maar nog steeds een trage verbinding. Gebruik de eerder genoemde tools om te kijken waar je je repeater het beste kan hangen.

Een andere optie is een accesspoint. Als je het niet erg vindt een extra kabel te trekken kan je een dedicated accesspoint aanschaffen om op een strategische plek te hangen. Het apparaat doet verder niets met je bestaande Wifi-verbinding, maar zorgt slechts voor een extra draadloze verbinding. Het maakt dus niet echt uit waar je het apparaat hangt ten opzichte van de bestaande Wifi-verbinding, zolang je maar rekening houdt met de eerder genoemde punten in dit artikel.

Lees ook: 9 netwerk en Wifi-tips voor Windows 10

En

5 handige nieuwe Wifi-features in de Windows 10 Anniversary Update