Computication is een jong bedrijf met 21 werknemers. “Ik zit zelf met nog 3 andere collega’s op eerstelijnsbeheer en verder zijn er nog 4 mensen die tweedelijn zijn. De supportafdeling bestaat uit 4 mensen. Het is een kleine gezellige club, maar we bestaan nog maar 5 jaar, dus ik denk dat dat nog wel gaat veranderen, gezien de richting die het bedrijf op gaat."

De bedrijven die bij Computication aankloppen zijn erg divers, van grote winkelketens tot klanten die op het mediapark in Hilversum opereren. Joris doet voornamelijk serverbeheer op afstand. De gehoorwinkelketen is bijvoorbeeld een behoorlijk grote klant met filialen door heel Europa. “We doen eigenlijk meer het serverbeheer dan de support van de shops. Lokale mensen van de gehoorwinkelketen zelf doen het beheer per shop en als ze daar niet uitkomen, dan komen wij in actie”, zegt Joris.

Een werkdag

“Het eerste wat ik doe op een dag, is aanloggen op de terminal en het helpdeskpakket openen”, zegt Joris. Eerst kijk ik dan in mijn e-mail welke servers er meldingen hebben gegeven. Daar gebruiken we Kaseya voor. Die monitort de servers constant op events, dus je ziet meteen servers of internetlijnen die down gaan of bijvoorbeeld SMTP servers die stoppen. Eigenlijk alles wat je moet kunnen zien als systeembeheerder.” Kaseya is daarom echt de favoriete tool van Joris. “Het is een ongelooflijk volledig pakket voor monitoring. Je kunt er werkelijk alles mee uitlezen van systemen, van storingen tot hoeveel geheugen er in een systeem zit en van de temperatuur tot en met de software die erop draait.”

“We hebben ook een eigen helpdeskpakket dat is ontwikkeld door onze eigen developers”, zegt Joris. “We hebben nog een support afdeling voor onze lijn zitten die de calls filtert; als die het niet op kunnen lossen gaan de calls naar ons. Wanneer wij er ook niet uit komen, is er ook nog een tweedelijns support. Mijn hoofdtaak is zorgen dat er oplossingen komen wanneer er dingen misgaan, maar met behulp van Kaseya-meldingen moet ik ook storingen voorkomen.” Joris is echter meer de onzichtbare man dan de man die de klant vaak te zien krijgt. “Ik sta meestal niet naast iemand uit te leggen hoe iets werkt. Ik zorg ervoor dat het achter de schermen goed komt, mocht het misgaan, zodat er een zo hoog mogelijke uptime behaald wordt.”

“Eén van de leuke dingen is dat je zoveel verschillende klanten hebt”, vindt Joris. De grote variatie in klanten brengt namelijk logischerwijs ook een grote variatie aan apparatuur met zich mee waar hij zich bekend mee moet maken. “Kleine klanten hebben vaak zo’n Small Business Server en de grotere hebben enterprise versies van Server 2008 of 2003 en dan natuurlijk alles wat daar tussenin zit. Eigenlijk moet ik dus van veel verschillende systemen verstand hebben, maar dat is wel weer wat het werk ook weer gevarieerd houdt.” Alle Windowsversies komen wel voor bij de klanten van Joris, ook wat betreft desktopsystemen. “We hebben er zelfs nog een paar die op Windows 2000 draaien. In die gevallen zijn er nog een aantal applicaties die op Windows 2000 moeten blijven draaien. Het beheer daarvan is niet zo heel lastig, want meestal zijn het applicaties die niet zo vaak gebruikt worden.”

Probleem

"Laatst had ik bijvoorbeeld een ‘leuk’ probleem met een nieuwe search server die was geïnstalleerd”, zegt Joris. Een search server indexeert alle bestanden op het netwerk naar een database en dan kunnen gebruikers inloggen op een interne website en via die site kunnen ze dan zoeken op bestanden en ze ook openen. “Die server was echter als test geïnstalleerd in de express versie, maar eigenlijk was het ding stiekem langzamerhand een productieserver geworden. Maar ja, een express versie kan geen database groter dan 4GB aan. Iedereen was hem inmiddels aan het gebruiken en daardoor werd de database natuurlijk steeds groter. En jawel, uiteindelijk ging hij op z’n gat. Toen heb ik een conversie moeten doen van de express versie naar de volledige versie en dat was een behoorlijke klus. Uiteindelijk heb ik hem zelfs opnieuw moeten installeren om het allemaal aan de praat te krijgen. Ik vind het echt leuk om daar dan in te duiken”, vertelt Joris.

“Mijn werk is erg divers. De ene keer ben ik een tijdje met zoiets mee bezig en de andere keer weer met iets wat daar eigenlijk bijna geen raakvlakken mee heeft. Elke keer is het weer compleet anders.” Zo vertelt Joris vervolgens dat hij ook nog wel eens aan een spamfilter zit te tweaken. “We hebben ook een eigen spamfilter. Daar hebben we een eigen developer voor die elke vrijdag langskomt en in de tussentijd tweak ik die filter, als er te veel spam doorheen komt of juist verkeerde dingen als spam gezien worden. Dat is een constant proces.”

Het gevolg van het feit dat ze de IT van een klant volledig uit handen nemen, is dat er dus ook soms ’s avonds en in het weekend gewerkt moet worden, bij eventuele storingen. “Daarvoor is er een stand-by rooster in het leven geroepen. Met behulp daarvan hebben we een uur responsetijd om het probleem op te lossen.”

VMware

Joris doet ook nieuwe conversies naar VMware. De meeste klanten hebben de fysieke server nog op locatie staan. “Een klant in Spanje had ze bijvoorbeeld ook op locatie en stuurde ze elke keer als er wat was naar Nederland op. Dat was een nogal inefficiënt gebeuren, zoals je je kunt voorstellen. Toen hij laatst problemen kreeg met zijn internetverbinding, heeft hij ze naar ons gestuurd en wij hebben ze bij ons in het datacentrum gehangen. Dus ze maken nu verbinding met een VMware terminal server in ons datacenter. Sindsdien geen problemen meer gehad. We helpen steeds meer klanten met VMware. De vraag is enorm toegenomen, vanwege de lagere kosten van virtualisatie, doordat meerdere servers op één fysieke server kunnen draaien.”

Bron: Techworld