De reden dat bazen en managers beter kunnen liegen is dat ze beter kunnen omgaan met stress. Liegen vergt namelijk de nodige psychische aandacht, omdat je voor jezelf leugen en waarheid uit elkaar moet zien te houden. Lichamelijk onderzoek toont aan dat mensen gestresst raken wanneer ze liegen, vandaar dat leugendetectors, ondanks alle controverse, meestal een goede indicatie geven. Deze apparaten tonen niet aan dat mensen liegen, maar ze kunnen wel uitwijzen dat iemand extra stress ondervindt bij het beantwoorden van vragen.

Macht maakt nou juist dat mensen zichzelf goed voelen. De effecten van jezelf ‘machtig voelen’ zijn dus precies tegenovergesteld aan de gevoelens die je oproept wanneer je liegt.

“De parallellen zijn opvallend. Wanneer je jezelf machtig en goed voelt, verwerk je informatie sneller en kun je meer taken tegelijk aan. We hebben aanwijzingen dat je psychisch veerkrachtiger wordt”, aldus professor Dana R. Carney. “Als je liegt, voel je jezelf slecht. Je cognitieve systeem raakt overwerkt en dat geeft psychische belasting. Wat nu als je liegen en macht samenbrengt? Dat is een hemelse of juist helse wisselwerking.”

Tijdens het onderzoek bleek dat kandidaten die enige vorm van leiderschap over anderen kregen toegewezen, minder negatieve effecten ervoeren als ze logen. Leiders die liegen maken minder cortisol aan (een indicator voor stress) en voelen zich daardoor minder slecht. Mensen met weinig tot geen macht die liegen, ontwikkelen wel stress en daarvan gaat ook de reactietijd naar beneden.

Carney benadrukt overigens wel dat niet iedereen in hoge posities automatisch een goede leugenaar is. Mensen moeten zich vooral ook machtig voelen, wil het enig effect sorteren bij het liegen. “Er zijn genoeg CEO’s te vinden die zich gedragen als normale werknemers en ook genoeg normale werknemers die zich gedragen alsof ze de baas van het bedrijf zijn”, aldus de professor.

Bron: Techworld