Om ruimte te besparen worden heel wat logbestanden of andere grote bestanden op een Linux-distributie gecomprimeerd. Gebruikt je distributie bijvoorbeeld logrotate, dan worden oude logbestanden vaak automatisch gecomprimeerd met gzip. Als iemand je dan vraagt om dat ene logbestand van drie maanden geleden te bekijken, dan hoef je dit niet eerst te decomprimeren voor je het kunt bekijken. Met zcat bekijk je rechtstreeks de inhoud van een gecomprimeerd bestand.

Maar het kan ook als je de geavanceerde mogelijkheden van een editor nodig hebt: als je een gecomprimeerd bestand met Vim opent, krijg je het gedecomprimeerde bestand te zien. Je kunt dit rechtstreeks aanpassen en wanneer je het bestand opslaat, wordt dit automatisch opnieuw gecomprimeerd. Vim ondersteunt compressie door gzip (.gz), bzip2 (.bz2) en compress (.Z). Emacs heeft dezelfde functionaliteit na de toetsencombinatie M-x auto-compression-mode.

Vim heeft ook de mogelijkheid om archieven te openen. Wanneer je een tar- of zip-bestand in de editor opent, krijg je een lijst met bestanden in het archief te zien, waaruit je dan het bestand selecteert dat je wilt bewerken. Sla je daarna het bestand op en sluit je het, dan kom je weer in de lijst terecht. Met :q sluit je dit selectievenster. Op de achtergrond wordt het archief aangepast. Een gecomprimeerd archief in de vorm van een .tar.gz-bestand wordt ook zonder problemen verwerkt door Vim. Ook met Emacs kun je bestanden in archieven bewerken.

Bron: Techworld