Maar de hypocrisie van Jobs komt er doorheen schemeren als hij Flash ervan beschuldigt dat het proprietary is – waar haalt hij het lef vandaan! – en hij nog eens herhaalt dat HTML5 het wondermiddel is dat Flash overbodig maakt. Hij zegt ook dat het ontbreken van support voor Flash video geen echt groot gebrek is, omdat de meeste video’s op het web gebruik maken van de populaire H.264 video codec, die door zijn platform wel wordt ondersteund. Nou ja, natuurlijk, H.264 video’s spelen inderdaad af, als, zoals YouTube, je besluit om er een iPhone app voor te schrijven, of, zoals de New York Times, je geld vraagt voor de video technology.

Het duurde niet lang voordat Microsoft inviel in het liedje van Jobs. Dean Hachamovitch, de general manager voor Internet Explorer, bekritiseerde de ‘betrouwbaarheid, beveilging en prestaties’ (dezelfde drie woorden, dezelfde volgorde) van Flash op het IEblog, slechts een paar uur nadat Jobs hem was voorgegaan. En hij brengt ongeveer dezelfde boodschap als Jobs: “De toekomst van het web is HTML5.”

Het sleutelwoord in die zin is natuurlijk ‘toekomst’. Zoals Neil McAllister onlangs schreef op Infoworld: “Het kan nog jaren duren voordat er een complete standaard is en nog langer voordat het overgrote deel van het surfende publiek overgaat op browsers die HTML5 aankunnen.”

En wat moeten we in de tussentijd? Flash is dan misschien niet open, maar of je het nu leuk vindt of niet, het is alomtegenwoordig op het web en het is onmisbaar voor de interactie met een groot aantal sites. We moeten Hachamovitch wel nageven dat hij dat toegeeft: “Flash is vandaag de dag nog een belangrijk onderdeel van de consumentenervaring op het web.”

Je meent het.

Hoe is het mogelijk dat Microsoft en Apple het ergens over eens zijn? Laten we beginnen met Microsoft. Als je het mij vraagt, dan doet Hachamovitch alleen met Jobs mee om Firefox een hak te zetten. Het grootste deel van zijn post was gewijd aan het uitleggen dat H.264 de enige video codec is die ondersteund wordt door IE9, en dat die codec de beste keus is voor HTML5. Zowel Silverlight als Flash ondersteunen H.264 al, maar door licentie-beperkingen (je kunt een proprietary codec niet embedden in een puur open source-browser), kan Firefox geen native ondersteuning bieden voor H.264. In een HTML5-toekomst waarin Flash en Silverlight geen van beiden meer nodig zijn om embedded video af te spelen, staat Firefox buitenspel.

De motieven van Jobs zijn minder gecompliceerd. Zijn belangrijkste reden om Flash buiten te sluiten is dat het een ‘cross platform ontwikkeltool’ is. Nog duidelijker: “De 200.000 apps in Apple’s App Store bewijzen dat tienduizenden ontwikkelaars Flash niet nodig hebben om grafisch rijke applicaties te maken.” Met andere woorden: hij wil gewoon af van de concurrentie. Daarbij tooit hij zich met de HTML5-vlag, zodat hij zich voor kan doen als ‘open’ terwijl hij de deur dichtslaat voor Flash.

Begrijp me niet verkeerd, ook ik denk dat HTML5 de toekomst is van het web (uiteindelijk). Ook geloof ik dat slecht geschreven Flash-apps een gesel zijn voor het web. Maar daarnaast zie ik genoeg bruikbare Flash apps, en ze lijken steeds beter te worden. Wat is er dan mis mee om de keuze over te laten aan de gebruikers?

Misschien heb je het nog niet opgemerkt, maar de oorlog om de toekomst van het web wordt uitgevochten op een hellend vlak, van HTML5 video codecs tot de aarzelende worsteling om de neutraliteit van het net te behouden. Elke keer dat er een gevestigde technologie wordt uitgesloten wordt de kans groter op een balkanachtige webtoekomst.

Jobs beweert aan het slot van zijn argumentatie dat cross-platform apps nooit gelijkwaardig kunnen zijn aan applicaties die veilig in de App Store staan. Zou hij dat niet beter aan de gebruikers over kunnen laten? Apple zou daarom het juiste moeten doen, en de deur weer openen voor Flash.

Bron: Techworld