Je hoeft je in ieder geval niet druk te maken dat je iets moet doen om je data uit Google Drive te redden, het gaat om een wijziging in hoe je je Drive benadert. Je gegevens blijven gewoon staan. Wat wel verandert, is de client. Die houdt vanaf maart volgend jaar op met werken en dan moet je overgestapt zijn op de standaardclient voor consumenten die afgelopen zomer werd geïntroduceerd, Backup and Sync.

Er is een tweede client, File Stream, die zich meer richt op zakelijke gebruikers van Google Apps. Deze pakt het iets anders aan dan Backup and Sync, onder meer door lokale links aan te maken naar de online opgeslagen content, zodat je ze streamend gebruikt, in plaats van een lokale kopie bewerkt en synchroniseert. Ook wordt File Stream weergegeven als opslagmedium in de Verkenner, zoals je kent van enkele andere opslagdiensten.

Lokale mappen

We kijken in dit artikel naar Backup en Sync, of als je hem eenmaal hebt geïnstalleerd: 'Back-up en synchronisatie'. Een ding dat we al jaren missen in diverse cloudopslagdiensten is de mogelijkheid om lokale individuele mappen te synchroniseren, waardoor je dezelfde inhoud had op elk apparaat dat je verbindt met de dienst. Ook bij Google Drive moest je uitwijken naar een aparte Drive-map op je pc om te synchroniseren met de online dienst van Google. Inmiddels kun je lokale mappen gebruiken.

Als je nu naar je Google Drive gaat op een Windows-machine of Mac, krijg je linksonder een melding te zien waarin wordt geadviseerd Backup and Sync te installeren. Als je deze software installeert, doorloop je drie korte configuratiestappen: je logt in op je account, selecteert mappen die je wilt back-uppen en gesynchroniseerd gaat houden en kiest of je andersom de Drive-content naar je lokale opslag wilt synchroniseren.

In de Back-up en synchronisatie-client kun je nu lokale mappen selecteren om te synchroniseren met je cloudopslag. Zo kun je nu een lokale documentenmappen synchroniseren met de cloudopslag van Google en gelijktrekken met je mappen op laptop, pc, mobiel en zelfs externe usb-apparaten. Met online opslag kon je al overal bij je bestanden, maar nu heb je lokale versies op verschillende apparaten en dat geeft een heel veilig gevoel dat je altijd bij je bestanden kunt.

Onder Instellingen > Voorkeuren kun je onder 'Mijn Laptop' mappen kiezen van de computer om automatisch gesynchroniseerd te houden met de opslag. Je vindt ze terug in Google Drive in de hoofdbalk links onder Computers. Zodra je een bestand in je gesynchroniseerde lokale mappen wijzigt, wordt de wijziging meegenomen in de cloudopslag.

Het pictogram van de client staat altijd in de tray rechtsonder (op Windows) en als je erop klikt zie je de laatst gesynchroniseerde bestanden in het overzicht, zodat je meteen kunt controleren of nieuw in de geselecteerde mappen verwerkte documenten ook een back-up hebben gekregen naar je online opslag.

Standaard krijg je 15 GB van Google om bestanden in op te slaan, hoewel er regelmatig acties zijn om meer ruimte te krijgen, zoals door in 2013 Quickoffice voor iOS te installeren (10 GB erbij) of in 2015 een beveiligingscontrole uit te voeren (2 GB erbij). Voor 2 euro per maand kun je upgraden naar 100 GB en voor een TB betaal je een tientje per maand.

Als je ervoor wilt zorgen dat je niet te veel ruimte in beslag neemt, kun je het beste de instellingen aanpassen zodat foto's gecomprimeerd worden opgeslagen en niet in volledige resolutie. Default staat dit op volledig, waardoor je 15 GB sneller opgaat dan je wellicht zou hopen. Verder kun je bijvoorbeeld het standaard delen van mappen als Afbeeldingen blokkeren en zelf mappen selecteren met uitsluitend tekstdocumenten of andere kleine formaten om alleen het broodnodige op te slaan.

Als laatste nog een minpunt van de client: hij is dan wel multi-platform (Windows, Mac, Android, iOS) maar er bestaat geen native Linux-client. Lees voor een work-around dit artikel over het integreren van de online dienst van Google in bijvoorbeeld je Linux-bestandsbeheerder.