Zoals je vanmorgen wellicht al hebt kunnen lezen, blijkt Facebook je telefoonnummer te delen met adverteerders. Dit geldt ook voor gebruikers die hun telefoonnummer niet gekoppeld hebben aan hun account. Facebook gebruikt de nummers die gebruikers hebben doorgegeven voor two factor authenticatie en/of haalt deze uit contactlijsten van anderen. In beide gevallen worden deze verzamelde gegevens (onzichtbaar) toegevoegd aan de gebruikersaccounts.

Het bedrijf kwam eerder dit jaar al in opspraak omdat het gegevens van banken wilde koppelen aan gebruikersaccounts en heeft aangegeven advertenties weer te geven in Whatsapp.

Dat laatste is vermoedelijk een van de redenen waarom mede-oprichter van Whatsapp, Brian Acton, opstapte en gebruikers opriep Facebook te wissen.

Als de oproep van Acton niet genoeg was om afstand te nemen van het sociale netwerk, dan misschien wel het politieke schandaal rondom gegevens van 50 miljoen gebruikers. Het Britse bedrijf Cambridge Analytica lekte gegevens van 50 miljoen gebruikers om te gebruiken voor politieke doeleinden. Het bedrijf was een onderdeel van het campagneteam van Donald Trump. Cambridge Analytics kreeg een stortvloed van kritiek over zich heen toen dit nieuws naar buiten kwam.

Vorige week lieten ook de twee oprichters van het door Facebook overgenomen Instagram weten op te stappen wegens onenigheid met Facebook baas, Mark Zuckerberg.

Veel gebruikers zijn het zat en zeggen hun Facebook account daadwerkelijk te verwijderen. Wij noemen enkele mooie alternatieven.

Diaspora

Ongetwijfeld de bekendste van het stel is Diaspora. In 2010 hielden enkele Amerikaanse studenten een crowdfunding-actie voor een gedecentraliseerd privacy-vriendelijk Facebook-alternatief. De actie op Kickstarter kreeg veel media-aandacht omdat het in twaalf dagen tweehonderdduizend dollar wist op te halen in plaats van het streefbedrag van tienduizend dollar. En ze kregen ze zelfs een donatie van Mark Zuckerberg.

In 2011 ging de alpha-versie van Diaspora online, eerst alleen toegankelijk op uitnodiging en later voor iedereen. Diaspora werd een populair alternatief onder mensen die privacy en open-source belangrijk vinden. In november van dat jaar pleegde mede-oprichter Ilya Zhitomirskiy zelfmoord, waardoor Diaspora weer even media-aandacht kreeg.

Ondanks dat de ontwikkeling van Diaspora steeds langzamer ging, kreeg het begin 2012 het predicaat bèta. De oprichters en ontwikkelaars kregen steeds meer kritiek te verduren over hoe ze het Diaspora-project runden en besloten in augustus 2012 het project over te dragen aan de gemeenschap.

Sindsdien proberen vrijwilligers Diaspora levend te houden, maar de ontwikkeling van de software gaat langzaam en het sociale netwerk heeft moeite gebruikers vast te houden. Ondanks de geleidelijke terugval lijkt het netwerk nog steeds het populairst onder de hier beschreven sociale netwerken. Schattingen over het aantal gebruikersaccounts liggen tussen vierhonderdduizend en ruim één miljoen. Een groot deel daarvan is echter inactief. Een Diaspora-server die deze gebruikersaccounts herbergt heet een pod.

Diaspora is trots op zijn zogenaamde aspects, waarmee je de mogelijkheid hebt om je contacten in groepen te verdelen en daar weer specifiek berichten mee te delen. Diaspora-fans zeggen dat Google+ het 'gejat' heeft voor zijn circles. Je kunt je ook afvragen of Diaspora het weer niet van Facebook heeft gejat, die al eerder deze mogelijkheid had, maar er niet mee te koop liep. Deze functionaliteit wordt trouwens door de meeste hier beschreven sociale netwerken geboden.

Het aantal mogelijkheden van Diaspora valt tegen. Het is allemaal rechttoe rechtaan, wat het er wel gebruiksvriendelijker op maakt. Zo kent Diaspora geen profielpagina's en geen fotoboeken.

Uniek voor Diaspora is de mogelijkheid om je op bepaalde hashtags (lees: onderwerpen) te abonneren. Vergelijkbaar, maar niet helemaal met tracked tags op Tumblr. Berichten kunnen automatisch worden gecrosspost op Facebook, Twitter en Tumblr.

Er zijn meerdere Android- en iOS-apps voor Diaspora. Je kunt op je smartphone je Diaspora-account ook met een aangepast browseruiterlijk benaderen. Diaspora is ook in het Nederlands.

Friendica

De nummer twee van de hier getoonde gedecentraliseerde sociale netwerken is Friendica. Dit project van Mike Macgirvin en consorten bestaat al sinds 2010 en heeft de ambitie om meer te zijn dan alleen een sociaal netwerk. Dat ze hierin aardig slagen blijkt wel uit de lijst met mogelijkheden.

Friendica is een Zwitsers zakmes. Wat ook gelijk zijn zwakke punt is, omdat hierdoor Friendica overweldigend kan zijn. Daarbij komt nog de archaïsche interface, waardoor potentiële gebruikers, ondanks dat deze aanpasbaar is, wel eens afgeschrikt kunnen worden. Aan de andere kant kan Friendica met zijn waaier aan mogelijkheden ook goed in bedrijven ingezet worden.

Standaard staat sinds kort veel functionaliteit uit in Friendica om tegemoet te komen aan deze kritiek. Daarnaast kan Friendica nog verder worden uitgebreid door plugins. Uiteraard zijn plugins het domein van de serverbeheerder en hebben gewone gebruikers er minder vaak mee te maken. Kritiek is wel dat meerdere plugins slecht door hun makers worden onderhouden en buggy zijn.

Friendica valt het meest op door de mogelijkheid om met een grote hoeveelheid andere sociale netwerken te communiceren. Bij sommige daarvan werkt het twee kanten op. Zo kunnen Facebook- en Twitter-berichten met Friendica worden gesynchroniseerd. Of je Friendica-timeline dan nog fijn te gebruiken is, is de vraag, maar voor sommige gebruikers kan het de overstap wellicht gemakkelijker maken. Bovendien vereist dit een krachtige webserver.

Met Diaspora is de integratie nog groter. Diaspora-gebruikers kunnen vanuit Friendica worden gevolgd en vice versa. Op een groter aantal sociale netwerken kan er alleen gecrosspost worden. Zoals op Tumblr, Libertree en uiteraard ook op Facebook en Twitter. Crossposten is alleen mogelijk wanneer de serverbeheerder de nodige plugins heeft geactiveerd en geconfigureerd.

Waar Friendica ook goede sier mee maakt zijn de fijnmazige privacy-instellingen. Connecties (vrienden) kunnen net als bij Diaspora in groepen worden verdeeld, waar op voorhand privacy-instellingen aan gekoppeld kunnen worden. Tevens kan er per groep of gebruiker een aparte profielpagina ingericht worden. Inderdaad, Friendica heeft in tegenstelling tot Diaspora wel profielpagina's, en ook fotoboeken en agenda's.

Je kunt in Friendica ook tot in de kleinste details aangeven met wie je berichten wil delen. Hiermee komt gelijk een minpunt naar boven, omdat het een heidens karwei is om dit elke keer in te stellen. Wat dat betreft is door zijn eenvoud Diaspora, maar ook het hierna beschreven Libertree veel gebruiksvriendelijker. Friendica is net als Diaspora in het Nederlands vertaald en heeft een aangepast browserthema voor smartphones.

Het gaat hier te ver om alle mogelijkheden van Friendica op te noemen, maar noemenswaardig is onder meer de op Facebook ontbrekende dislike-knop. Verder valt het op dat Friendica makkelijk met andere webprotocollen en -applicaties kan samenwerken, zoals WebRTC, IRC en XMPP.

Ondanks of misschien wel dankzij al deze mogelijkheden is Friendica bij lange na niet zo populair als Diaspora. Mensen op Friendica zijn hoofdzakelijk programmeurs, online privacy-vechters en open-source-enthousiastelingen. Op Diaspora is het publiek gemêleerder. Daarentegen is er ook veel overlap tussen de twee. Onze indruk is trouwens wel dat de mensen op Friendica actiever zijn dan die op Diaspora en dat dat op Friendica toeneemt, maar op Diaspora afneemt.

Toch heeft Friendica met hetzelfde probleem te maken als Diaspora. Softwareontwikkelaars zijn de laatste tijd minder geïnteresseerd in het project, met als resultaat dat de ontwikkeling trager gaat. Voor Friendica heeft dat een oorzaak. Projectleider Macgirvin heeft Friendica (officieel) verlaten in het voordeel van een nog ambitieuzer project, de Red Matrix. Helaas is dat project enkele jaren later een stille dood gestorven.

Libertree

Libertree is de new kid on the block. Dit sociale netwerk maakt gebruik van het internetprotocol XMPP en is sterk in opmars. Het kent een erg actieve en enthousiaste community van meer dan alleen techneuten.

Om zijn decentrale structuur begrijpelijker te maken, gebruikt Libertree een analogie. Een boom is een Libertree-server, waarvan de bladeren de verschillende gebruikers zijn. Het bos is uiteraard het hele Libertree-netwerk. Daarnaast zijn er ook rivieren en stroompjes, waarmee er op onderwerp gefilterd kan worden, en fonteinen, waar favoriete berichten in bewaard kunnen worden.

Nadeel is momenteel dat je, ondanks dat je je contacten in groepen kan indelen, je hiermee niet specifiek berichten kan delen. Je kan alleen kiezen tussen het hele internet, het bos (iedereen op Libertree) of de boom (iedereen op jouw Libertree-server). Een ander groot minpunt is dat gebruikers geen behoorlijke profielpagina hebben. Ook is er nog geen Nederlandse vertaling.

LinkedIn

LinkedIn wordt al jaren gezien als het zakelijke broertje van Facebook. De site kent een soortgelijke simplistische, blauwe opmaak en is ook qua functionaliteit steeds meer op Facebook gaan lijken.

De kracht van LinkedIn is het snel kunnen leggen van zakelijke contacten. De site beschikt inmiddels over een database met miljoenen professionals die regelmatig inloggen op de virtuele ontmoetingsplaats en om de haverklap worden nieuwe functies toegevoegd, ook op mobiel gebied. Volgens experts biedt LinkedIn - in tegenstelling tot Facebook - wel over een steekhoudend verdienmodel, namelijk dat alleen premium-accounts inzage krijgen in uitgebreide profielen, toegang krijgen tot geavanceerde zoekfuncties en de mogelijkheid tot het sturen van privéberichten naar professionals buiten het netwerk.

Het probleem van de site blijft echter het zakelijke imago. Hoewel de sociale functies kunnen wedijveren met die van Facebook, blijft het prijsgeven van je CV en professionele netwerk een obstakel. Bovendien vind niet iedereen het een prettig idee dat persoonlijke statusupdates ook door zakelijke relaties worden gelezen. Een opvolger van het veel informelere Facebook zal het dan ook niet snel worden.

Google+

Omdat het sociale Google-project Orkut bij de massa nooit echt wist aan te slaan, besloot Google het in 2011 over een andere boeg te gooien en Google+ te ontwikkelen. Het sociale netwerk heeft in een jaar tijd maar liefst 170 miljoen actieve gebruikers verworven.

Het handige aan Google+ is dat het netwerk naadloos aansluit bij andere populaire Google-diensten, zoals Gmail, Docs, Apps, YouTube, Play en uiteraard de zoekfunctie. De vormgeving is hetzelfde, de integratie met eerder genoemde diensten hecht, dus de drempel om ermee te beginnen ligt laag. Het unieke aan Google+ zijn de kringen (waarin je jouw contacten indeelt op categorieën) en de Hangouts. Via de laatste functie kun je met maximaal negen mensen tegelijkertijd videochatten.

[img style="float:right"]https://computerworld.nl/thumbnails/200x200/1/b/1b90e7af92faa857c1a7b82a6eb2779c.jpg[/img]

Google+ heeft in zijn prille bestaan al heel wat aanpassingen gekend. Zo is de layout compleet veranderd en blijft het 'verbeteringen' doorvoeren in de functionaliteit, zoals het doorplaatsen van een +1-klik als artikel.

Het probleem is echter dat het netwerk als 'saai' wordt beschouwd. Veel gebruikers plaatsen nauwelijks berichten en op de posts die gedaan worden volgen nauwelijks reacties. Volgens onderzoeksbureau RJMetrics plaatst de gemiddelde gebruiker maar eens per 12 dagen een bericht en haakt 30 procent na slechts één artikel af. Zelfs na vijf artikelen is de kans nog 15 procent dat de gebruiker zijn activiteiten voorgoed staakt.

Het maakt dat Google+ ondanks de indrukwekkende cijfers qua leden beschouwd door sommigen wordt als een 'spookstad'. Het bevindt zich in een negatieve spiraal die moeilijk te doorbreken valt: het haalt veel nieuwe leden binnen, maar die raken teleurgesteld door de geringe activiteit. Het is maar zeer de vraag of Google+ deze trend weet te doorbreken. Vergeet niet dat er afgelopen jaren meerdere sociale Google-activiteiten hopeloos gesneuveld zijn.

Pinterest

Een sociaal netwerk dat eerder sterk in de lift zat en echt iets nieuws weet te bieden is Pinterest. Hoewel de site een selecte doelgroep (=vrouwen) beoogt, is het digitale prikbord binnen mum van tijd een van 's werelds populairste sites geworden. Hoewel de site miljoenen leden op regelmatige basis bedient, lijkt de interesse voor de site stilaan af te nemen.

[img style="float:right"]https://computerworld.nl/thumbnails/200x200/3/2/324114a129716fdcd8409d0ca65187ec.png[/img]

De site is in feite een plakboek van verzamelingen, waarmee een interessant kijkje wordt geboden in de wereld van (vrouwenonderwerpen als) mode, reizen, koken en spiritualiteit, maar waar ook technologie een eigen plek heeft bemachtigd. Gebruikers kunnen commentaar leveren op geplaatste afbeeldingen en kunnen elkaar volgen.

Hoewel Pinterest erg goed is in wat het aanbiedt, namelijk een digitaal prikbord voor gebruikers, is de site te beperkt om als vervanger van Facebook te kunnen dienen. Buiten foto's kun je namelijk niets delen en ook de persoonlijke profielen stellen niet zoveel voor. Het is een aardige combinatie van Facebook, Tumblr en Flickr, maar daar zal het ook bij blijven.

Ello

Dit sociale netwerk wordt gepromoot als een ware advertentievrije versie van Facebook. De makers van dit netwerk beloven geen informatie van leden te verkopen aan derden, geen advertenties weer te geven en gebruikers niet te dwingen hun echte NAW-gegevens te geven. Het netwerk richt zich vooral op artiesten en kunstenaars.

Er is geen officiële data over het aantal gebruikers dat gebruik maakt van de dienst maar verschillende bronnen zeggen dat er tussen de 1,5 en 4 miljoen gebruikers op zitten.

Het sociale netwerk is niet zo uitgebreid als de andere netwerken in de lijst, maar er is in elk geval wel ondersteuning voor emoji autocomplete, een NSFW-instelling en hashtag implementatie. Hoewel het netwerk wordt geprezen om z'n eenvoud en minimalistische ontwerp, wordt dat tegelijkertijd door anderen ook weer gezien als zwak punt.

Conclusie

Zouden deze laatste Facebook-schandalen de reden zijn dat gebruikers nu dan echt overstappen naar een ander netwerk? Waarschijnlijk niet. Wij maken ons geen illusies en weten dat het niet uitmaakt hoe (technisch en kwalitatief) goed een alternatief sociaal netwerk kan zijn. Zolang je vrienden niet overstappen op dit betere netwerk, zal het nooit wat worden. Je kan wel koppig in je eentje op een alternatief netwerk gaan zitten, maar als je je vrienden, familie en collega's niet zo ver krijgt om met je mee te gaan, wordt het erg stil en eenzaam.

En zelfs als jij je vrienden en collega's meekrijgt, zal je ervoor moeten zorgen dat zo'n dienst ook in het buitenland aanslaat. Diensten als Friendweb en Hyves-alternatieven (die eventjes wat populariteit wisten te krijgen na het laatste grote schandaal van Facebook). Stonden internationaal niet op de radar waardoor deze alleen in Nederland eventjes wat extra aandacht kregen.

Wij zijn benieuwd of dit schandaal er wel voor gaat zorgen dat gebruikers massaal overstappen naar iets anders. Nu weet je in elk geval welke diensten de beste zijn.