Het is aan het einde van de jaren negentig in het Verenigd Koninkrijk als een manager in de nadagen van zijn carrière een simpele baan aanneemt: een draaiende omgeving draaiend houden en stabiliteit bewaken. Maar wat een ogenschijnlijk simpele klus was, zou uiteindelijk jarenlange vertraging van het pensioen betekenen.

Het start met een rustige klus...

Een 57-jarige ict-manager neemt nog een rustige klus aan om zich gedurende twee jaar voor te bereiden op het pre-pensioen. “Ik had een lange, lange carrière achter de rug en het hoefde niet meer zo. Dus ik zocht een relatief rustige opdracht om af te bouwen”, herinnert de Brit zich aan de telefoon. “De opdracht was om twee systemen aan het draaien te houden en de verbindingen tussen twee vestigingen te realiseren. We moesten altijd online zijn.”

Al snel bleek dat mainframes het wel goed deden, maar dat de infrastructuur behoorlijk te kort schoot. “Eigenlijk werd er vertrouwd op een enkele verbinding en dat ging met horten en stoten”, zegt hij. “Dat is een simpele klus: neem eigen verbindingen, bouw redundantie in en dan kan het eigenlijk nooit misgaan.”

Hij regelde alles: hij liet eigen kabels graven tussen de kantoren, die ieder volgens aparte routes zouden lopen. Als extra back-up nam hij huurlijnen af en regelde zelfs een uitwijkcentrum voor het geval beide systemen het toch nog zouden begeven. Nog geen half jaar later en enkele miljoenen ponden verder draaide alles als een zonnetje. “Ik had aan alles gedacht.”

Graafmachine wordt fataal

Maar één graafmachine bewees het ongelijk van de manager. Hij had namelijk er niet op gerekend dat als één graafmachine één kabel zou doorhalen alle communicatie zou platleggen. “Ik zou net naar huis gaan toen opeens drie verbindingen uitvielen. Het is alsof je dan gek wordt. Dat kan gewoon niet”, zucht hij. Maar het kon wel. “We hebben ruim een uur intern gezocht en iedereen was woest.”

“Toen kwam de aap uit de mouw. We hadden geen drie kabels, maar slechts eentje. We hadden niet eens een eigen verbinding, maar drie huurlijnen”, zegt hij met duidelijk woede in de stem. “Opeens ben je boos, in paniek en vooral in oorlogsmodus. Je moet toch iets.”

Zelf dingen regelen

De manager verzamelde een team en ging nadenken over alternatieven. "We hebben processen gescheiden, sommige zaken stil gezet en in de haast hebben we modems gekocht om via ISDN en telefoonlijnen data te sturen”, herinnert hij zich. Er klinkt opwinding. “Dat is mooi: in 12 uur hebben we een compleet alternatieve infrastructuur opgericht.”

Met veel pijn en moeite krijgt hij de systemen aan het draaien. “Twee weken heb ik op een stretcher geleefd”, gniffelt hij. “De directie heb ik gezegd wat er was en gevraagd me drie weken niet te storen. Ik voelde me weer zo'n techneut. Geweldig!”

In de periode na de catastrofe werd een ander bedrijf gevraagd kabels te trekken. Een schadeclaim werd ingediend tegen de vorige kabellegger en op voorwaarde van het stilhouden van de naam werd er snel betaald. “Uiteindelijk zijn we er iets beter uitgekomen. Maar ik moest toch dieper nadenken over redundantie.”

Pensioen moet maar wachten

De directie vroeg na drie weken opheldering en die wilde hij toen ook wel geven. “Maar ze hadden slechts één vraag: als we een betere slaapkamer voor je inrichten, wil jij dan later met pensioen?”, gniffelt hij. Na wat denken stemt hij toe. “Eigenlijk vond ik het wel leuk en ben doorgegaan tot mijn 68ste. Zolang ik maar niet langer dan een half uur per week met de directie hoefde te vergaderen."

Op de vraag of hij nu echt met pensioen is, reageert hij kort: “Je wordt als ict'er geboren en zo ga je dood. Maar echt werken doe ik niet. Ik verricht nog wat hand-en-spandiensten, maar nooit meer dan 12 uur per week. Wat technische zaken, enzo”, vertelt de pensionado. “Maar die drie weken waren zwaar. Nog nooit in mijn werkzame leven heb ik het zo zwaar gehad, maar ik zou het zo weer doen.”