De commissie gaat in twee afzonderlijke onderzoeken kijken of IBM zijn dominante positie in de markt voor mainframes misbruikt. De eerste zaak is bij de commissie aangebracht door leveranciers van emulatiesoftware. Die software maakt het mogelijk mainframeapplicaties te draaien op hardware die niet van IBM is.

Emulatie dwarsbomen

Volgens de leveranciers, T3 en Turbo Hercules, maakt IBM dat onmogelijk door hardware en besturingssysteem vrijwel onlosmakelijk aan elkaar te verbinden. Hierdoor wordt de mogelijkheid tot emulatie gedwarsboomd.

Het tweede onderzoek is door de Europese Commissie zelf geïnitieerd. Volgens de Commissie is het mogelijk dat IBM concurrentie buitensluit, of het in ieder geval zeer moeilijk maakt in de markt voor onderhoud van mainframesystemen. IBM speelt in die markt met zijn Global Services een grote rol.

Onderdelen beperken

Potentiële concurrenten zouden zeer beperkte toegang hebben tot vervangende of reserve-onderdelen waarvan IBM de enige leverancier is. Als er al toegang was, werden die onderdelen met grote vertraging geleverd.

IBM zegt in een eerste reactie "volledig mee te werken" aan de twee onderzoeken. Het voegt er wel aan toe dat met name de eerste klacht is ingegeven door een van zijn grootste concurrenten, namelijk Microsoft. “Er is geen grond voor de claims die gemaakt zijn door Microsoft en zijn marionetten.”