"Het is ons gelukt een zeer complex netwerk te bouwen op een zeer klein oppervlak," aldus Dan Nicolau Sr. Van McGill. De voorzitter van de biotechnische afdeling op de universiteit vertelde verder dat het project tot stand kwam na een avondje te veel rum drinken. Inmiddels, tien jaar later, is het project een realiteit. Samen met z'n zoon, Dan Nicolau Jr. en wetenschappers uit Duitsland, Zweden en Nederland onderzoeken, en ontwerpen zij biologische computers.

Levenssap

De biologische computer is ontworpen om data snel te kunnen verwerken met gebruik van parallelle netwerken. De bio-computer gebruikt een chip die ongeveer anderhalve vierkante centimeter groot is en gebruik maakt van proteïnen in plaats van electronen.

De proteïnen bewegen zich voort in adenosine trifosfaat. Een vloeistof die energie kan vervoeren van cel naar cel. De wetenschappers van de McGill universiteit noemen de vloeistof voor het gemak "levenssap".

Hoewel dit model al behoorlijk goed in elkaar zit, zullen er nog veel andere systemen gebouwd worden waarvan nog meer wordt gevraagd. Onder andere het gebruik van verschillende soorten biologische stoffen. "Er moet nog heel wat werk worden verzet om een volledig functionele computer te bouwen. Nicolay zegt verder dat het nog moeilijk is te voorspellen wanneer zo'n volledige bio-supercomputer het levenslicht zal zien.