Marvell verloor zwaar in een rechtszaak tegen de Carnegie Mellon University (CMU), maar vindt dat onterecht omdat de twee patenten van CMU niet van toepassing zouden zijn op system-on-chips. Toch oordeelde een jury dat Marvell ruim 10 jaar moedwillig inbreuk pleegde en wees de universiteit daarom 1,17 miljard dollar toe. Dat bedrag kan nog worden verdrievoudigd omdat 'moedwillige inbreuk' bewezen is geacht.

Niet op silicium van toepassing

De twee patenten van de CMU slaan op een dataleestechniek, specifiek voor het verminderen van ruis bij het uitlezen van magnetische disks. Volgens Marvell is het onlogisch dat een chipmaker wordt veroordeeld voor inbreuk op een magnetische leestechniek bij de productie van SoC's.

In een persverklaring stelt het bedrijf dat het niet mogelijk is om de techniek toe te passen in silicium. “We vinden dat de theoretische modellen die in deze patenten worden omschreven zelfs met de meest geavanceerde technieken van vandaag in de praktijk niet kunnen worden toegepast op silicium, laat staan met technologie die een decennium geleden beschikbaar was", leest de uitleg van Marvell.

Torenhoge schadeclaim bevechten

Marvell bevecht in de eerste plaats het juryoordeel in de gebruikelijke moties die volgen na zo'n oordeel. Samsung bewandelde onlangs dezelfde weg, zonder succes overigens, na de uitslag in de Apple-Samsung-zaak. Als het oordeel blijft staan, stapt het bedrijf naar een hogere rechtbank, stelt persbureau Reuters.

Juridische experts denken dat Marvell het eerst de torenhoge schadeclaim op de korrel zal nemen. De schadevergoeding die het bedrijf aan de universiteit moet betalen is hoger dan de totale jaarwinst van de chipfabrikant. De chipbakker zal ook het oordeel van 'moedwillige inbreuk' aanvechten, wat een zelfs hoger uitvallende schadevergoeding moet blokkeren.