Een verandering die er al jaren zat aan te komen, is een nieuwe interface - sas (serial attached scsi) - die een snellere, meer flexibele en meer betrouwbare aansluitmogelijkheid voor de drives biedt. Bij deze nieuwe standaard kan er bovendien in één behuizing van zowel sas-apparatuur, als van de goedkopere sata-drives gebruik worden gemaakt. Tegelijkertijd, en deels veroorzaakt door de komst van de kleinere sas-interface, zullen 2,5-inch opslagdrives de aloude 3,5 inch modellen gaan vervangen. Op de lange termijn betekent dit dat datacenters meer opslagcapaciteit krijgen, zonder dat er meer ruimte op de werkvloer nodig is. Kleinere drives zullen tevens het stroomverbruik verminderen, de toegang tot gegevens sneller maken en de algehele capaciteit van de drive arrays vergroten. Aanvankelijk zullen de veranderingen niet zichtbaar zijn. Halverwege het jaar komen er nieuwe servers met interne sas-drives in plaats van de traditionele parallelle scsi-drives. De goedkopere drive arrays zullen tegen het einde van het jaar worden voorzien van sas-drives. "Op dit moment wordt sas beoordeeld door alle belangrijke fabrikanten", aldus John Monroe, analist bij Gartner. Tussen 2008 en 2010 (de schattingen lopen uiteen), zullen alle scsi-drives tevens sas-drives zijn. "De it-trend dat de capaciteit en prestaties beter worden terwijl de prijzen dalen, zal zich voortzetten", zegt Greg Hartzog, die de leiding heeft over de infrastructuur van de opslag bij het consultancybedrijf Optimus Solutions. Hoewel de veranderende SCSI-technologie zich binnen de hardware afspeelt, hoeven ondernemingen zich geen zorgen te maken over eventuele veranderingen in de infrastructuur. Omdat de drives gebruik maken van dezelfde command set als de eerdere SCSI-drives, en omdat de externe interfaces onveranderd blijven, hoeft de architectuur van de opslag niet te worden veranderd. Volgens Jay Krone, hoofd productmarketing van Clariion bij EMC "zullen ook de leeskoppen - die de gegevens lezen en opslaan - onveranderd blijven." Franco Castaldini, productmanager gegevensopslag bij Seagate Technologies, voegt daaraan toe: "De it-mensen hoeven niet veel te doen. De middleware hoeft er niet uit te worden gegooid, en het opslagmanagement hoeft niet drastisch te worden veranderd." Oudere parallelle scsi-drives zijn niet compatible met sas, waardoor bedrijven in de das en san beide typen scsi-apparatuur moeten hebben, totdat over een aantal jaren de oude apparaten worden vervangen. Maar dat betekent volgens Krone van EMC wel dat er twee typen reservedrives moeten worden onderhouden, in het geval van storingen, en dat de arrays misschien anders moeten worden opgezet, om zoveel mogelijk te voorkomen dat er meerdere kasten - van elk type een paar - op dezelfde locatie aanwezig zijn. Een kleinere, meer flexibele interface De overgang naar sas heeft grote gevolgen voor de verbinding tussen de drive en de backplane - of het nu gaat om de drive-connector op het moederboard van een server of om de host bus adapter binnen de behuizing van een drive array. De nieuwe verbinding is bijna identiek aan de nu vertrouwde sata-connector, en dat is met opzet gedaan. Sas-controllers werken zowel met sas- als met sata-drives omdat de kabels fysiek en elektrisch hetzelfde zijn. Hartzog van Optimus ziet een kostenvoordeel: "Hierdoor kunnen leveranciers in hun producten dezelfde voeding blijven gebruiken, en ook dezelfde behuizingen en backplanes, waardoor de productiekosten dalen, en daarmee ook de prijzen." "We zullen zeer grote volumes van sas-drives krijgen, omdat ze zowel voor servers als voor arrays worden gebruikt, waardoor ze goedkoper worden", aldus Craig Butler, productmarketingmanager disk storage bij IBM. Bovenop de verlaging van de productiekosten die voortvloeien uit de standaardisering van de behuizingen, betekent het feit dat de sas-interface zowel sas- als sata-drives ondersteunt, dat ondernemingen beide typen drives in dezelfde behuizing kunnen gaan gebruiken. Hierdoor kan er sprake zijn van opslag in één fysiek apparaat, terwijl de typische onderverdeling van functies tussen de drives in stand blijft: sas voor toepassingen waarbij een hoge performance en een snelle belangrijk is, en sata voor producten waarbij de performance lager kan zijn, zoals archiveer- en streaming-media. Het combineren van de twee drives kan echter problemen opleveren als hun behuizingen daar niet op berekend zijn, volgens Harry Mason, hoofd van de SCSI Trade Association en marketingdirecteur bij chipsetfabrikant LSI Logic. Vanwege de verschillende rotaties van de schijven, hebben sas- en sata-drives verschillende frequenties in hun vibraties, waardoor de behuizing gaat trillen. De beheerders van de apparatuur moeten ervoor zorgen dat, als ze de drives combineren, de kasten zodanig zijn ontworpen dat de vibraties worden gedempt. Anders gaan de kasten zelfstandig aan de wandel. Bovendien zullen sommige interfaces dual-use zijn, en andere niet. Om te voorkomen dat iemand een sas-drive in een connector duwt die alleen geschikt is voor sata, hebben de sas-kabels een plastic knobbel die zorgt dat ze alleen in een sas-connector passen. Sata-kabels passen in zowel sata- als sas-connectors. Volgens Butler van IBM zal de ondersteuning van de sas-interface voor zowel sata- als sas-drives "de tiered storage vergemakkelijken." Een gemeenschappelijke interface betekent dat het voor ondernemingen makkelijker wordt om sommige drives te configureren voor back-up en archivering met sata-drives, en andere voor transactional access met behulp van sas-drives - en dit alles binnen dezelfde array-kasten en -racks. Dankzij de gemeenschappelijke interface wordt het volgens hem tevens goedkoper voor leveranciers om "over de hele linie kostenbesparende producten" aan te bieden. Hierdoor wordt het gebruik van tiered storage bevorderd. Een minder in het oog lopend voordeel van sas is dat scsi van een parallelle technologie veranderd in een seriële. De huidige scsi-interfaces hebben een maximale capaciteit van 15 drives per kabel, maar de kabels hebben niet de bandbreedte om ook daadwerkelijk zoveel drives gelijktijdig te ondersteunen. De verschuiving naar sas verhoogt het aantal bruikbare verbindingen per poort - zonder het gebruik van expanders - naar 4032, vergeleken met 127 voor fc (fibre channel). Omdat de verbinding van elke drive serieel is, hoeft er geen bandbreedte te worden gedeeld om te voorkomen dat opslagsystemen al die verbindingen gaan gebruiken. Het seriële karakter van sas betekent ook dat een storing in één drive geen effect heeft op andere drives. De mogelijkheid van een storing is één van de redenen dat scsi zo'n betrouwbare technologie vormt. Bij de parallelle architectuur had een storing in een drive een veel grotere uitwerking. In het verleden werd de parallelle aanpak gebruikt omdat er dan meer data tegelijk per verbinding konden worden verplaatst. Maar de seriële technologie van vandaag - en de controllers die de individuele verbindingen beheren - is zodanig verbeterd dat serieel de norm is geworden, zoals blijkt uit firewire, usb, fc, en ethernet-verbindingen. Sas belooft ook om de grenzen aan de prestaties van scsi te doorbreken, die op dit moment liggen bij een overdrachtcapaciteit van 3gbps. "Met parallelle technologie kun je geen grotere cijfers krijgen. We zijn nu op onze grenzen gestuit", aldus Monroe van Gartner. Aanvankelijk zal sas-apparatuur eveneens 3gbps kunnen verwerken, en de overdracht zou in 2008 moeten zijn verdubbeld tot 6gbps, en in 2010 tot 12gbps, volgens de SCSI Trade Association. Sas ondersteunt ook dual ports, die ter wille van extra veiligheid twee verbindingen bieden voor één drive, evenals voor overbodige raid-controllers - net als fc dat doet. Het gevolg van de betere ondersteuning voor apparaten, en de grotere overdrachtssnelheid, zal zijn dat er meer drives geplaatst kunnen worden in arrays, die dus een zeer grote opslagcapaciteit en een zeer goede performance krijgen. Volgens Butler van IBM heeft sas hiermee een goede kans om fc te verdringen in alle opslagapparatuur, behalve die met de hoogste performance, waar de hogere kosten van fc gerechtvaardigd zijn. Volgens Mason van LSI Logic kan sas ook gebruikt worden in near-line-opslag. Hij stelt dat it-afdelingen verschillende sas-apparaten bijeen kunnen voegen - arrays of externe drives - via rechtstreekse verbindingen van sas naar sas, zonder dat er gebruik gemaakt hoeft te worden van een lokale san en zonder dat het netwerk met het andere verkeer hoeft te worden gedeeld. Mason verwacht dat sommige bedrijven sas gaan gebruiken om deze near-line opslagloops te creëren als aanvulling op sans, en niet zozeer als vervangen ervan. Op een vergelijkbare manier verwacht Butler van IBM dat sas gebruikt gaat worden voor two-node externe opslagclusters. Toch verwachten de leveranciers dat sas het eerst zijn stempel op de servers zal gaan drukken, die vanwege de hoge performance en betrouwbaarheid nu nog zijn aangewezen op scsi-drives. Sas verhoogt deze performance en betrouwbaarheid, terwijl leveranciers voor hun servers en pc's dezelfde chipsets en connectors kunnen gebruiken, wat de kosten drukt. De drives zullen volgens Butler van IBM in 2006 de standaard voor servers zijn geworden. Maar omdat veel ondernemingen onlangs hun servers hebben vervangen, zullen servers met sas volgens Monroe van Gartner pas na de "volgend grote schoonmaak" op grote schaal gebruikt gaan worden. Mini-drives : twee mogelijke overgangen Servers zullen ook baat hebben bij de tweede scsi-trend: de verschuiving naar kleinere drives, speciaal gericht op ondernemingen. De 2,5-inch drives gebruiken minder stroom en geven minder warmte af. Hun performance - de tijd die nodig is om toegang te krijgen en te zoeken - is beter dan die van 3,5-inch drives omdat de leeskoppen kleinere afstanden hoeven af te leggen. Hierdoor zijn ze ideaal voor applicaties die veel rekenkracht nodig hebben. Het kleine formaat heeft nog een ander voordeel. Volgens Mason van LSI Logic zorgen 2,5-inch sas-drives ervoor dat blade servers gebruik kunnen maken van de betrouwbare, krachtige scsi-technologie, in plaats van de 2,5-inch ata-drives - ontworpen voor notebooks - die ze in het verleden moesten gebruiken. Butler van IBM is het daarmee eens: "We doen 2,5-inch drives in een server of blade als er minder fysieke capaciteit is." Voor drive-arrays verwacht Hartzog van Optimus dat de 2,5-inch sas-drives het eerst gebruikt gaan worden in de mid-tier arrrays. De meeste mid-tier arrays hebben 14 drives in een 19-inch rack, merkt hij op, maar als er wordt overgeschakeld naar het formaat 2,5 inch, dan kunnen ze er 30 aan. "Je kunt er meer spindles in kwijt", aldus Hartzog. Volgens Mason van LSI Logic is het kleine formaat van het grootste belang: "Sas zal zeker profiteren van de verschuiving naar 2,5 inch, waarmee het een voordeel heeft boven de andere technologieën. Het kleine formaat heeft behoorlijk grote gevolgen." Hoewel de 2,5 inch sas-drives leveranciers zullen helpen om kleinere drive arrays te leveren, of de totale capaciteit in dezelfde kastruimte uit te breiden, zal volgens Castaldini van Seagate de 3,5 inch-drive nog jaren in gebruik blijven. Dat komt omdat sata-drives geen 2,5 inch-versie voor ondernemingen kennen, waardoor leveranciers bij hetzelfde formaat zullen blijven vanwege het voordeel van verschillende drives in één behuizing. Een andere reden is dat de prijs van 2,5 inch sata-drives per gigabyte voorlopig niet zo laag zal worden als die van 3,5 inch-drives. Volgens Butler van IBM is het "niet duidelijk wat de kosten per gigabyte zijn vergeleken met 3,5 inch-drives", waarbij hij opmerkt dat er vergelijkbare prijzen moeten komen voordat er sprake zal zijn van een toepassing op grote schaal. Even afgezien van deze kanttekeningen is het duidelijk dat er veranderingen aankomen in de anders zo gezapige wereld van de hard drives. Ondanks regelmatige voorspellingen van zijn overlijden, gaat de hard drive dapper verder, waarbij de dichtheid van 'transistors' sneller toeneemt dan je op grond van de wet van Moore zou verwachten. Het zal niet lang duren voordat de scsi-drive voor ondernemingen een nieuwe sprong voorwaarts maakt, en deze keer op het gebied van gebruikersgemak, betrouwbaarheid en lagere gebruikskosten. Bron: Techworld