Het Europese Parlement wil een verordening invoeren, waardoor smartphonefabrikanten binnen de lidstaten geen apparaten meer mogen verkopen met propriëtaire opladers. Micro-usb moet de standaard worden. Deze wet moet al voor de zomer van 2014 van kracht zijn.

Fabrikanten omzeilen overeenkomst

Al eerder sloot de Europese Commissie een overeenkomst met diverse fabrikanten om micro-usb-laders te gebruiken in smartphones en tablets. “Er is een deal met Apple, Samsung, Nokia, et cetera waarin is besloten om universele opladers te gebruiken”, vertelt EU-woordvoerder Gediminas Vilkas aan Webwereld. “In de praktijk wordt dat nog vaak omzeild.”

Zo had de iPhone 5 geen micro-usb-aansluiting, hoewel Apple de EU-overeenkomst had getekend. Apple omzeilde de afspraak door een micro-usb adapter beschikbaar te stellen bij de iPhone 5, waardoor het bedrijf technisch voldeed aan de afspraak om micro-usb-opladers te ondersteunen. “Er is wat meer druk van de juridische kant nodig”, zegt Vilkas.

Wet aangepast

Een voorstel voor wetgeving (PDF) voor alle apparatuur die gebruikmaakt van radio-antennes bevat daarom nu een amendement voor een richtlijn die vereist dat er een universele oplader gebruikt wordt. De motivatie is dat e-waste erdoor wordt verminderd en dat kosten voor eindgebruikers lager zullen uitvallen.

De commissie van het Europese Parlement wil de wetgeving al voor de zomer van 2014 in laten gaan. “We hopen begin volgend jaar een overeenkomst te hebben”, aldus Vilkas. Dat zou betekenen dat vóór de zomer van 2016 uitsluitend universele opladers verkrijgbaar zijn binnen de EU.

Goedkeuring EU-ministers

De Europese Raad van Ministers moet zich over het voorstel buigen, omdat het een verordening betreft. Dat betekent dat lidstaten geen ruimte hebben om invulling te geven aan de uitvoering, maar de EU-maatregel zoals opgesteld moeten uitvoeren (in tegenstelling tot een Europese richtlijn, waarbij lidstaten meer ruimte krijgen). De Raad komt daarvoor eind oktober samen.

Er zal naar verwachting in november en december onderhandeld worden, waarna het hele voorstel terugkomt bij het Parlement. Begin 2014 moet er door het EP op de wet met daarin dus de richtlijn worden gestemd, waarna hij halverwege het jaar in werking moet treden.

Update 30-09-2013, 10.50 uur: Verordening en richtlijn zijn in een eerste versie abusievelijk verkeerd om gebruikt. Aangepast en verder toegelicht.