Wat brengt de toekomst voor de hostingbranche? We vroegen het enkele experts uit de branche zelf, die ieder een eigen kijk hebben op de ontwikkelingen, maar het duidelijk eens zijn met elkaar: "Hosting is dood".

Webhosting is een commodity

Met de opmerking dat hosting dood is, is Michiel Steltman, directeur van brancheorganisatie DHPA het meest stellig van allemaal. Het leveren van uitsluitend webhosting met een domeinnaam is in zo'n sterke mate een commodity geworden dat er voor hostingbedrijven zonder een onderscheidend aanbod geen toekomst meer zal zijn. In die markt zullen er alleen hele grote bedrijven overblijven of bedrijven die zich specialiseren.

Volgens Steltman zullen er in de toekomst twee soorten spelers op de hostingmarkt zijn: aanbieders van infrastructuur en aanbieders van managed hostingdiensten. Deze twee soorten dienstverlening duidt hij aan als respectievelijk Infrastructure as a Service (IaaS) en Platform as a Service (PaaS).

Bij PaaS gaat het om ontzorging van de klant, het volledig faciliteren van online dienstverlening. Daarbij kiezen hostingbedrijven voor regionale of lokale insteek, of investeren in systemen voor het ondersteunen van dienstverlening van de klanten naar hun respectievelijke eindgebruikers.

Partijen als Amazon en Google vormen volgens Steltman geen groot risico voor de branche, want deze bieden slechts commodity services aan. Daarnaast is het ook de vraag of bedrijven het prettig vinden om met Amerikaanse partijen zaken te doen, gezien de Amerikaanse overheid dan bij al je gegevens kan, meent hij.

Daarnaast zullen de partijen die nu actief zijn in de markt meer omzet uit hun huidige klantenbestand moeten gaan halen, door meer toegevoegde waarde te leveren aan bestaande klanten en additionele diensten aan te bieden.

Managed hosting heeft de toekomst

Hostingbedrijven zullen zich in toenemende mate gaan richten op managed hosting, maar er is voor webhosting ook nog een toekomst, stelt Yom Schutte, voorzitter van branchevereniging ISPConnect.

De verandering in de richting van managed hosting zal echter niet zonder slag of stoot gaan, voegt Schutte toe. In tegenstelling tot hosting waarbij er voor een vaste prijs een bepaalde dienst wordt afgenomen, lijkt managed hosting meer op consultancy waarbij er vaak op basis van “uurtje, factuurtje" wordt gewerkt. Die omschakeling is voor hostingbedrijven moeilijk.

De toekomst voor de marktleiders in de hostingbranche is dus eigenlijk rooskleurig. Door schaalgrootte kunnen die de uitdagingen in de toekomst goed aan en een scherpe prijs aanbieden. Ook kleinere hostingbedrijven wacht een mooie toekomst, zegt Schutte. Deze kunnen door hun flexibiliteit snel inspelen op nieuwe ontwikkelingen en door de persoonlijke dienstverlening kunnen ze relatief hoge prijzen hanteren.

Het einde van de middelmaat

Middelgrote hostingbedrijven zullen het daarentegen moeilijk krijgen. Zij missen de flexibiliteit en het persoonlijke karakter van kleine hostingbedrijven, waardoor het lastig is om op veranderingen in te spelen. Aan de andere kant missen middelgrote hostingbedrijven ook de schaalgrootte van grote hostingbedrijven, waardoor de overhead maar over een beperkte groep klanten kan worden uitgesmeerd.

Schutte ziet het niet gebeuren dat partijen als Amazon, Google en Microsoft de hostingmarkt zullen overnemen. Het MKB blijft er behoefte aan houden om contact op te kunnen nemen met zijn hostingbedrijf en dan ook in het Nederlands te woord worden gestaan, denkt hij.

Personeel als bottleneck

John Knieriem, directeur van Intermax, verwacht dat hostingbedrijven zich in grote mate zullen gaan specialiseren op bepaalde deelgebieden, zoals beveiliging, verbindingen, datacenter diensten of het beheer van infrastructuur.

Er zijn volgens Knieriem een groot aantal hostingbedrijven, waaronder ook veel die zich met managed hosting bezig houden, die hun financiële huishouding niet op orde hebben. Niet alleen in de zin dat deze hostingbedrijven financieel niet gezond zijn, maar ook dat men geen idee heeft wat de kostprijs van de diensten is die worden geleverd. Als dat niet verbeterd ziet de toekomst er voor de betreffende hostingbedrijven er niet best uit.

De beschikbaarheid van goed opgeleid specialistisch personeel wordt wel een bottleneck, denkt hij. Er is werk genoeg voor managed hostingbedrijven, maar op het moment dat je niet kan beschikken over voldoende opgeleid specialistisch personeel, zet dat een rem op de groei.

Ook Knieriem ziet bedrijven als Amazon, Google en Microsoft niet als een bedreiging voor de hostingmarkt. Het beheer van die diensten vereist zoveel specialistische kennis en kunde dat het niet geschikt is voor de gemiddelde klant. Hostingbedrijven zouden de diensten wel zelf kunnen gebruiken om hun eigen diensten met toegevoegde waarde er op te baseren. Die toegevoegde waarde is naast het beheer ook dat een hostingbedrijf voor de klant bereikbaar is. Probeer Amazon maar eens te bellen, stelt Knieriem retorisch.

Webhosting is niet sexy

Webhosting is weinig sexy en heeft weinig onderscheidend vermogen, stelt Valentijn Borstlap, directeur van Yourhosting. Volgens hem ontstaat telkens meer behoefte aan totaaloplossingen, waarbij niet alleen de hosting wordt geleverd. Bortslap noemt als voorbeeld dat hostingbedrijven telkens vaker niet alleen hosting aanbieden, maar ook zelfgebouwde systemen waarmee de klant zelf met een paar klikken een eigen website kan bouwen.

Volgens Borstlap is de markt voor webhosting nog niet verzadigd, er is de komende vijf jaar nog ruimte om te groeien. Hij basseert zich op de groeistatistieken van zijn eigen bedrijf en ook naar de mate van verzadiging op de Duitse hostingmarkt.

Grote hostingbedrijven zullen nog groter worden, door groei en overnames, terwijl kleine hostingbedrijven door hun persoonlijke dienstverlening ook een toekomst hebben, meent de directeur. Middelgrote hostingbedrijven zullen hard moeten groeien om te kunnen overleven, maar daar is wel het nodige financiële vlees op de botten voor nodig. Indien dat niet lukt kunnen de hostingactiviteiten nog wel functioneren als cashcow om nieuwe bedrijfsactiviteiten te financieren, maar de inkomsten zullen uiteindelijk langzaam maar zeker opdrogen, zegt Borstlap.