AMD heeft met benchmarks al wel zijn gelijk gehaald voor de overstap in 2003 naar een geïntegreerde geheugencontroller. Het krijgt nu ook gelijk van concurrent Intel. Die processorproducent biedt een ingebouwde geheugencontroller in zijn nieuwste Xeon-processors (codenaam Nehalem). Het prestatieniveau is daardoor bijna verdubbeld ten opzichte van de voorgaande generatie (codenaam Penryn).

Geheugenbeperking

De prestatiewinst bij Nehalem geldt vooral voor applicaties die sterk afhankelijk zijn van geheugenbandbreedte en –latency (reactiesnelheid). Dit blijkt ook uit tests van Intel zelf. Concurrent AMD heeft zo’n applicatiewinst jaren terug al genoemd als reden voor de overstap vanaf de geheugenbus (front side bus, FSB). Die aansluiting tussen processor en geheugen is in toenemende mate een beperking.

Intel heeft de doorvoersnelheid van die flessenhals weliswaar opgevoerd, maar dat is nu afgelopen. Na de Core i7 voor desktops heeft nu ook de Xeon voor werkstations en servers een geïntegreerde geheugencontroller. Waar AMD HyperTransport heeft als interconnect tussen processors onderling en de rest van het systeem, gebruikt Intel nu de tegenhanger Quickpath.

Benadrukt besparing

De nieuwe Xeon-chips (codenaam Nehalem) zijn quadcore en ook nog voorzien van HyperThreading. Daardoor kan één processor in totaal acht programma-threads tegelijk draaien. Opvallend is dat Intel niet zoals gebruikelijk de meerwaarde aan rekenkracht benadrukt, maar meer de besparing in het energieverbruik.

Vice-president Tom Killroy van Intel schetst scenario’s waarbij een datacenter met 184 servers van zo’n vier jaar oud aan vervanging toe is. “Als je die stuk voor stuk vervangt door servers met de nieuwe Nehalem-processor, dan krijg je een prestatieniveau dat 9 keer hoger ligt en een energiebesparing van zo’n 18 procent. Maar als je een efficiency-vervanging doet, heb je maar 21 Nehalem-servers nodig en bespaar je 92 procent op je energieverbruik.”

RISC en Itanium

De verbeterde rekenkracht blijkt ook uit een test door Techworld. Killroy trekt niet alleen de vergelijking met de voorgaande lichting Xeons, maar ook met RISC-processors van Sun en IBM (respectievelijk UltraSparc en Power). Die moeten volgens metingen van Intel ook het onderspit delven, qua prestatieniveau en qua energieverbruik. Testresultaten van de eigen 64-bit RISC-tegenhanger Itanium zijn niet getoond. Op navraag van Webwereld reageert Killroy dat zo’n vergelijking soortgelijke resultaten oplevert als voor de RISC-concurrentie.