Misschien lees ik de verkeerde kranten, maar in de berichtgeving over het twee weken geleden gepresenteerde politieonderzoek naar de moordpartij in Alphen aan den Rijn kwam ik geen woord meer tegen over de gewelddadige games die Tristan van der Vlis tot zijn gruwelijke daad zouden hebben geïnspireerd.

Hoe anders was dat kort nadat Tristan een bloedbad had aangericht. 'Hij had het altijd over dat spel', kopte De Telegraaf. 'Dat spel' was Call of Duty: Modern Warfare 2, waarvan 'de jonge en meedogenloze killer' volgens het wakkere ochtendblad 'bezeten' was. Het AD wist te melden dat er in de game een level zit 'waarin weerloze burgers onder schot worden genomen'. 'De beelden vertonen ijzingwekkende overeenkomsten met de gebeurtenissen in Alphen.'

Ook na de bloedbaden die Anders Breivik in Oslo en op Utøya aanrichtte, was het een kwestie van tijd voordat de link met games werd gelegd. Breivik bleek eveneens een voorkeur te hebben voor Modern Warfare: naar eigen zeggen een ideale manier om te trainen voor een schietpartij.

Het zijn Pavlov-artikelen die je na elke schietpartij kunt verwachten. De reacties van gamers op dergelijke sensatieverhalen zijn doorgaans net zo voorspelbaar als de stukken zelf: een verband leggen tussen schietspellen en slachtpartijen slaat nergens op, handen af van onze games! De vrees bestaat immers altijd dat er een kamerlid opstaat dat naar aanleiding van zo'n bloedbad voorstelt om de verkoop van gewelddadige games aan banden te leggen.

Psychische stoornissen

Ik kan me de reactie van de gamers voorstellen. Als je zelf dag in dag uit moorddadige spellen speelt zonder dat je daardoor de aandrang voelt om in een winkelcentrum of op een eiland in het rond te gaan lopen schieten, is het nogal vermoeiend als jouw hobby keer op keer in een kwaad daglicht wordt gesteld op het moment dat een ander wel iets gruwelijks doet.

Hoewel het een illusie is om te denken dat je schietpartijen zoals die van Tristan en Breivik kunt uitbannen, kan het echter geen kwaad om te kijken waardoor dergelijke gebeurtenissen worden veroorzaakt. Het ligt daarbij voor de hand om in de eerste plaats te kijken naar zaken als het uitgeven van wapenvergunningen en de manier waarop we omgaan met mensen met psychische stoornissen. Als je een volgende spree shooting wilt voorkomen, liggen er op die gebieden vermoedelijk de meeste kansen.

Maar nadat we dergelijke zaken hebben behandeld, kan het wellicht ook geen kwaad om te kijken of er zaken zijn die de schutter op ideeën hebben gebracht. Natuurlijk, het valt nooit helemaal uit te sluiten dat jongens die op een school het vuur openen, zich laten inspireren door gewelddadige games. Maar is er geen andere inspiratiebron die veel meer voor de hand ligt?

Marilyn Monroe

Eén van de redenen waarom de meeste media terughoudend zijn met berichtgeving over zelfmoorden is de angst voor copycats. Die vrees is niet ongegrond. Uit onderzoek van de Amerikaanse socioloog David Phillips blijkt dat het aantal suïcidegevallen omhoog schiet als de media veel aandacht schenken aan een zelfmoord.

Phillips inventariseerde de berichtgeving over zelfmoorden op de voorpagina's van de belangrijkste Amerikaanse kranten in de jaren vijftig en zestig en keek vervolgens of er na die artikelen meer gevallen van zelfdoding plaatsvonden. Dat bleek het geval: publiciteit over zelfmoorden leidt tot meer zelfmoorden.

Na de dood van Marilyn Monroe steeg het aantal gevallen van zelfdoding in de Verenigde Staten bijvoorbeeld met 12 procent. Uit Phillips' onderzoek blijkt bovendien dat een voorpaginabericht over een zelfmoord leidt tot meer verkeersongevallen in de tien dagen na het bericht (een auto-'ongeluk' is immers ook een manier om een einde aan je leven te maken).

Stoplicht

Hoewel we onszelf natuurlijk graag beschouwen als onafhankelijke geesten die zich niet laten beïnvloeden door anderen (laat staan door reclame of media), is de werkelijkheid anders. Wat voor kleren we dragen, wat we drinken, of we gaan roken (en welk merk dan) en of we ons schaamhaar scheren: bij tal van beslissingen laten we ons uiteindelijk leiden door anderen. De belangrijkste influencers zijn natuurlijk onze vrienden, maar ook de media spelen een onmiskenbare rol bij de verspreiding van trends.

In het boek The Tipping Point van Malcolm Gladwell, waaraan ik de zelfmoordinformatie van Phillips ontleen, vergelijkt de socioloog het effect van de artikelen over zelfmoord met iemand die door rood loopt als je zelf staat te wachten tot het stoplicht op groen springt. Doordat de ander alvast oversteekt, wordt het opeens een stuk verleidelijker om zelf ook alvast naar de andere kant van de straat te lopen. Die ander maakt je daad - of het nu door rood lopen of zelfmoord plegen is - opeens legitiem.

Zou er zich bij de daders van spree shootings een vergelijkbaar effect voordoen? Het zou me niets verbazen. Ligt het niet veel meer voor de hand dat zulke jongens zich meer laten inspireren door vergelijkbare schietpartijen dan door gewelddadige games of 'duivelse' muziek?

Verwarde geesten

Als potentiële schutter weet je dat je dood niet ongemerkt aan de wereld voorbij zal gaan als je eerst nog wat mensen neermaait: media-aandacht verzekerd. Voor sommige verwarde geesten die met zelfmoordplannen rondlopen - voordat Tristan het vuur opende in het winkelcentrum had hij al twee zelfmoordpogingen gedaan - zal dat ongetwijfeld een troostende gedachte zijn.

Uit de persconferentie die politie, justitie en de gemeente Alphen aan den Rijn twee weken geleden gaven, bleek dat Tristan zich in de weken voor zijn dood tientallen uren onledig hield met het bezoeken van sites over spree shootings. Hij had een bovenmatige belangstelling voor de Columbine High School Massacre uit 1999 - misschien niet geheel toevallig de slachtpartij uit de recente geschiedenis waarvoor de meeste media-aandacht was.

En je hoeft maar naar naar Breivik te kijken om te begrijpen dat de media-aandacht die voortvloeit uit een slachtpartij, een essentieel onderdeel is van bijna elke terroristische daad. Terroristen hopen met hun acties anderen te inspireren om hetzelfde te doen. Zo bezien was het dus niet zo'n gek idee van de Noorse politie om de voorgeleiding van Breivik achter gesloten deuren te laten plaatsvinden.

Media-aandacht

De volgende keer dat een jongeman een bloedbad aanricht, zal er ongetwijfeld opnieuw gespeculeerd worden over de rol die gewelddadige games hebben gespeeld. Maar wellicht is het ook goed om bij die gelegenheid eens een artikel te wijden aan de de media-aandacht voor schietpartijen en de mogelijke gevolgen daarvan. Het is maar een ideetje.