Het gaat om een subsidie voor het EGI-InSPIRE project om de rekencapaciteit van desktops, die anders onbenut blijft, te bundelen. Hierdoor krijgen onderzoekers het nodige rekenvermogen om complexe problemen op het gebied van milieu, gezondheid of energie aan te pakken. "De EU helpt tot 200.000 desktops te linken in een grid voor wetenschappers", twittert Eurocommissaris Digitale Agenda Neelie Kroes. " Een botnet voor de good guys."

De European Grid Infrastructure (EGI) is bedoeld voor Europese onderzoekers om Petabytes aan data te analyseren en te verwerken. Voor het hele project is 73 miljoen euro uitgetrokken wat volgens Steven Newhouse, project director van EGI-InSPIRE, veel goedkoper is dan het bouwen van een supercomputer. InSPIRE staat voor " Integrated Sustainable Pan-European Infrastructure for Researchers in Europe" en is bijvoorbeeld bedoeld voor het verwerken van data afkomstig van de deeltjesversneller van CERN.

Niet vergelijkbaar met [email protected]

"Er zijn zeker onderzoekers die hun eigen supercomputers bouwen", zegt Newhouse. "Maar die kosten vaak veel meer dan 73 miljoen euro." Vervolgens wordt de vraag voor het gebruik van deze supercomputers vaak te hoog. Daarom is een set aan verschillende infrastructuren belangrijk. EGI sluit deze structuren op elkaar aan. "Het gaat om desktop-omgevingen als [email protected], maar ook om grid-archtitectuur die clusters pc's samenbrengt en helemaal door naar supercomputers die kunnen omgaan met data op Peta-schaal", aldus Newhouse.

Volgens de EC en Newhouse is het grid van 200.000 pc's aangesloten op het bestaande computernetwerk van universiteiten en onderzoekscentra en niet echt vergelijkbaar met [email protected], een programma waarmee gebruikers rekenkracht van hun eigen desktop inzetten om radiosignalen uit het heelal te analyseren op buitenaards leven. Bij [email protected] wordt uitgegaan van een simpel gedistribueerd computermodel. Alleen als de cpu van een pc in rust is wordt [email protected] geactiveerd.

24/7 beschikbaar

Het EGI-netwerk is zodanig gebouwd dat er gegarandeerd en on demand enorme hoeveelheden rekenkracht beschikbaar zijn. Bij grote behoefte kan automatisch worden opgeschaald van het 'pc-botnet' naar de rekenclusters in verschillende datacenters. De meeste rekenkracht van EGI zit dan ook in bestaande (academische) computercentra.

"Het soort problemen waar onze Europese community mee omgaat bestaan uit zeer grote hoeveelheden data, die on demand over de landsgrenzen wordt gestuurd om de benodigde rekenkracht op te zoeken", legt NewHouse uit. Een woordvoerster van Kroes bevestigt dit per mail. Het overgrote deel van het EGI-budget gaat zitten in het onderhouden van een gedistribueerde infrastrucuur die 24 uur per dag beschikbaar is. "Dit is niet het geval bij SETI dat gebonden is aan een enkele applicatie die draait op sporadisch beschikbare middelen."

Daarnaast wijst de zegsvrouw erop dat deze manier van dataverwerking "zeer kosten-effici├źnt" is in verhouding tot het opzetten en onderhouden van eigen datacenters. "Het zou veel en veel meer kosten als onderzoekers zouden moeten investeren in hun eigen verwerkingsmiddelen." In veel gevallen zou dit geen levensvatbare optie zijn waardoor verschillende onderzoeken simpelweg niet uitgevoerd kunnen worden.

Half miljoen taken per dag

Het netwerk wordt momenteel gebruikt door meer dan 10.000 onderzoekers. Op dit moment worden er meer dan een half miljoen taken per dag uitgevoerd. Het controlecentrum van EGI bevindt zich in het Nikhef-instituut te Amsterdam.