Google-directeur Larry Page zou Motorola hebben verboden om met Google's Android-team samen te werken. Dat droeg bij aan het falen van Motorola onder Google's hoede, waarna het zoekbedrijf de telefoontak maar weer verkocht aan het Chinese Lenovo.

Page wees alles af

Motorola zou meerdere eisen bij Google hebben neergelegd, die door Page werden afgewezen. Zo wilde de telefoonmaker een betere integratie met Google-technologie, de mogelijkheid om de naam Google te gebruiken en meer marketingbudget. Page stond het allemaal niet toe. Hij was bang dat andere Android-fabrikanten dan zouden klagen, schrijft The Information.

Motorola's topmanagers drongen er bij Page herhaaldelijk op aan om de telefoonmaker meer steun te geven, omdat het bedrijf anders absoluut niet kon concurreren met onder meer Samsung en Apple. Page bleef volgens drie verschillende bronnen van The Information de boot afhouden, terwijl Motorola's verliezen alsmaar verder opliepen.

Gemor

Motorola had onder meer Google's spraakherkenning willen integreren om betere stembediening te kunnen bieden in zijn telefoons. Page blokkeerde dat uit vrees voor gemor van andere Android-fabrikanten, die zouden kunnen bewaren dat Google zijn eigen dochterbedrijf voortrok. Motorola mocht volgens The Information wel samenwerken met Google's YouTube- en Google+-teams, maar voor die afdelingen bood Motorola weinig toegevoegde waarde vanwege het relatief lage aantal verkochte toestlelen.

Het ging alleen om de patenten

Google kocht Motorola vooral om de patenten en niet om het concurreren met andere Android-fabrikanten als Samsung, LG en Sony, aldus The Information. Geen wonder dus dat het steeds slechter ging met Motorola. Lenovo betaalde onlangs 2,91 miljard dollar voor wat er over is van Motorola Mobility.

Hierbij behoudt Google het grootste deel van de patentenschatkist. Lenovo krijgt zo'n 2000 patenten in handen, plus licenties op de overige Motorola-patenten.