Een geheel nieuwe Windows-server komt minder vaak binnen bij bedrijven dan een verse pc, of dat nou een desktop of laptop is. Volledig afscheid nemen van een serverplatform, inclusief één of enkele serverapplicaties, is nog zeldzamer. Migraties zijn immers complexe, tijdrovende en mogelijk zelfs risicovolle zaken die je zorgvuldig moet aanpakken. Vooral niet overhaasten: doordacht handelen is het devies.

Twee harde deadlines

Alleen ligt er komende zomer een harde deadline, gevolgd door nog eentje nog geen jaar later. Op 14 juli verloopt namelijk de support die Microsoft geeft op een oude, klassieke versie van Windows Server. De veelgebruikte versie 2003 R2 (Release 2) krijgt vanaf die datum geen updates voor functies meer, geen fixes voor bugs en geen patches voor kwetsbaarheden. Begin volgend jaar is SQL Server aan de beurt. Vanaf 12 april valt versie 2005 van de Microsoft-database buiten de supportlifecycle van de leverancier. Dat is al lang geleden aangekondigd, maar als productiesystemen goed werken is de reactie vaak: afblijven.

De tijd voor migreren breekt echter aan, of dat nou direct is of wat later dankzij een overeenkomst voor custom support. Bij zo'n ingrijpende operatie is het aan te raden om niet alleen over te stappen van een oud serverbesturingssysteem en/of applicaties naar courante versies, en van oude hardware naar een nieuwere servercomputer. Sinds de tijd dat Windows Server 2003 en SQL Server 2005 zijn uitgekomen en in gebruik genomen, is er namelijk veel meer veranderd. Multicore-processors, gevirtualiseerde servers, enorm toegenomen geheugengroottes per fysieke server en daardoor applicatiecaches van meerdere gigabytes. Om maar enkele revoluties te noemen.

Snelle opslag verandert de business case

Het is dus verstandig om bij een migratie ook eens goed te kijken naar het gehele systeem, waarbij storage een niet onbelangrijke rol speelt. De ontwikkeling van flash-opslag heeft de laatste paar jaren een grote vlucht genomen. Dit non-volatile chipgeheugen is niet alleen veel sneller dan reguliere harde schijven. Het is veel betaalbaarder en - voor zakelijk gebruik van belang - flink betrouwbaarder geworden. De levensduur van storage bepaalt voor een groot deel het nut voor serieuze toepassingen.

Nieuw is dat de snelheid van storage de kosten van overige componenten kan drukken. De business case wordt ineens anders. Vroeger waren Windows-servers noodgedwongen nogal gebonden per workload. Migratie kan leiden tot consolidatie, al dan niet gefaciliteerd door virtualisatie. Nieuwe hardware is immers flink krachtiger dan de oude systemen waar bijvoorbeeld Windows Server 2003 of SQL Server 2005 op draait.

Flash verlicht kosten

Daarbij kan de bottleneck ineens de serveropslag zijn. Harde schijven hebben een minder snelle ontwikkeling doorgemaakt dan processoren en geheugen. Een prestatiekloof kan opdoemen en het alsnog noodzakelijk maken om meerdere fysieke machines in te zetten. Naast de aanschaf van meer hardware brengt dat nog een veel grotere kostenpost met zich mee: die voor softwarelicenties.

Serverbesturingssystemen en -applicaties zijn qua kosten onderhevig aan complexe rekenmodellen waarbij elke processor en elke processorcore zwaar kan wegen. De optelsom van OS-licenties plus applicatieslicenties kan somber stemmen. Slimme inzet van flash-storage kan de prestatiekloof dichten en - belangrijker nog - uit de pan rijzende licentiekosten voorkomen.

Nood? Deugd!

Ga eens serieus onderzoeken wat enterprise-SSD's van enkele terabytes voor snelheidsverhoging brengen voor serverapplicaties. En wat dat dan kan betekenen voor verhoogde responsiveness, verdergaande consolidatie, of andere scenario's. Wees niet verbaasd als deze TCO-voordelen (Total Cost of Ownership) niet alleen interessant zijn voor de oude omgeving die nu gemigreerd moet worden, maar ook voor modernere systemen zoals VDI-servers (virtual desktop infrastructure) en cloud-applicaties. Maak van de nood een deugd: maak van de migratie een technology refresh!