Als antwoord op de test van Weir kwam een blogpostvan Microsoft's Dough Mahugh waarin die de test van Weir nog eens dunnetjes overdoet. Daarbij legt hij vooral de nadruk op de verschillen tussen Microsoft Office 2007 SP2 en Symphony 1.2, terwijl Weir de bèta van 1.3 heeft gebruikt. Andere pakketten worden in de post niet besproken. Daardoor lijkt deze controvers vooral een zaak te worden tussen Microsoft en IBM, wat natuurlijk niet het geval is.

Mahugh legt verder uit dat in de huidige 1.1 versie van ODF nog geen goede standaard zit voor formules. Daar wordt wel aan gewerkt en in 1.2 is er wel in voorzien, maar die versie is nog niet klaar. Mahugh vertelt dat je in OpenOffice de keuze hebt om documenten op te slaan in ODF-formaat, 1.1 (niet aanbevolen), en in 1.2, dat nog steeds in ontwikkeling is. In 1.1 worden de formules ondervangen met de eigen syntax van OpenOffice, die ongedocumenteerd is en dus niet erg betrouwbaar. Daarom gebruikt OO.org ook 1.2 als default, waarin alvast de Open Formula syntax wordt gebruikt.

Implementaties van 1.1 en 1.2

“In de Office implementatie hebben we er niet voor gekozen om de ontwerp Open Formula specificatie te ondersteunen (zoals OpenOffice dat doet), omdat we verplichtingen hebben als we software leveren die niet gelden voor open source projecten als OpenOffice”, schrijft Mahugh. En dat maakt interoperabiliteit op dit moment moeilijk. “Het goede nieuws is dat de Open Forumla specificatie deze problemen snel zal aanpakken”, zegt hij. “Bijna 400 pagina's aan documentatie voor de formula syntax zorgt al voor een betrouwbare formule-interoperabiliteit voor OOXML, en binnenkort zal de ODF-gemeenschap op hetzelfde niveau komen.” Om verder te komen met interoperabiliteit is vooral samenwerking nodig”, zo sluit hij af. “Ons werk is nog lang niet gedaan.”

In een bijdrage van de Burton Group beschrijft Guy Creese uitvoeriger waarom ODF nog geen standaard syntax heeft voor formules. “Als vroege versies van ODF formules hadden gedefinieerd, dan hadden we deze blogoorlog nooit gehad”, schrijft hij. “Op het moment dat ODF ontstond was het duidelijk dat een standaard voor formules een moeilijk punt zou zijn. Er waren toen twee kampen – (1) het “laten we er de tijd voor nemen en het goed doen”-kamp en (2) het “we kunnen ons niet veroorloven om te wachten; we lossen het later wel op”-kamp. Kamp #2 heeft gewonnen.”

Open Formula specificatie

Er wordt over getwist of dat de juiste beslissing is geweest, maar ondertussen wordt er ook hard gewerkt aan de oplossing. Dat wordt de Open Forumula specificatie, die later dit jaar in ODF 1.2 komt, vertelt Michiel Leenaars van de OpenDoc Society. Hij heeft Techworld eerst het persbericht toegestuurd waarin de OpenDoc Society Microsoft feliciteert met de ODF ondersteuning in Office 2007 SP2. Hij verzekert ons dan ook dat OpenDoc SP2 een hele mooie stap in de goede richting vindt.

“Het is goed dat Microsoft zich nu echt gaat bemoeien met ODF”, zegt Leenaars. “Alleen begrijpen ze de regels nog niet helemaal. Hier staan ze niet centraal. Ze zijn gewend dat ze de facto gelijk krijgen, maar dat werkt niet, omdat we hier interoperabiliteit nastreven. En dat betekent dat we een standaard moeten zien te maken die door iedereen goed ondersteund kan worden, ook door kleine partijen als Abiword en Ability. We gaan van een monolitisch systeem met maar één dirigent naar een systeem met tientallen partijen die elkaar in evenwicht houden.”

Precies gedocumenteerd

Hans Bos, National Technology Officer van Microsoft Nederland, wijst er in een telefoongesprek met Techworld op dat bij iedere implementatie keuzes gemaakt moeten worden. “Hoe wij ODF hebben geïmplementeerd hebben we heel precies gedocumenteerd in het Document Interop Initiative. In die documentatie staat heel precies welke keuzes we hebben gemaakt en waarom. Dat document hebben we gepubliceerd en is voor iedereen toegankelijk. Zo open is niemand”, zegt hij. “Daarin zijn we helemaal transparant.”

Ook wijst hij erop dat ODF niet genoeg is voor interoperabiliteit. “We zijn niet klaar met het hebben van een standaard”, zegt hij, zeker niet als die standaard nog niet af is. Daarom is vorig jaar de OASIS interoperabiliteitscommisie opgericht. “Daarom ook organiseert Microsoft binnenkort in Londen een workshop voor mensen die met standaarden bezig zijn”, gaat hij verder.

Een ander initiatief van Microsoft is de IS29500-Validator and Document-Library. Microsoft heeft het Faunhofer Institute de opdracht gegeven om een test te ontwikkelen die conformiteit van een pakket aan de standaard kan aantonen, vertelt Bos. “We steken daar veel energie in.”

Officeshots

Michiel Leenaars legt op zijn beurt meer de nadruk op Officeshots en op het Plugfest dat binnenkort door de NOiV wordt georganiseerd. Officeshots is een website waarmee iedereen direct kan zien of een document in een ander pakket uit de printer komt zoals het is bedoeld. Daarmee kun je volgens Leenaars heel snel zien of er iets mis is. “Dat wil niet zeggen dat het werk gedaan is als het er in Officeshots goed uitziet, maar de ergste fouten haal je er toch snel uit.” Hij nodigt Microsoft graag uit om mee te werken aan de machine. “Ik heb Microsoft al vaak gevraagd of ze niet zelf een engine van Office achter willen hangen. Dan kan die zelfs naar bèta's of desnoods naar dayly builds verwijzen. Maar tot nu toe heeft Microsoft nog niet positief gereageerd.”

Het bijzondere aan het Plugfest is volgens Leenaars vooral de lijst van genodigden. Daar staan meer dan 60 leveranciers van office-pakketten op, van de allerkleinste tot OpenOffice.org en Microsoft. “We willen iedereen mee laten praten. En we willen Microsoft er ook heel graag bij hebben. Alleen moeten ze dan wel gewoon meepraten en niet proberen om hun zin door te drijven. Het gaat niet om hen. Het gaat om interoperabiliteit.”

Tests en browsers

Over de bijeenkomst in Londen heeft Leenaars wel gehoord. “Ik heb daar geen mening over, dat is een zaak van Microsoft en de mensen die zij uitnodigen.” Hij ziet niets in de testtool van het Fraunhofer Institute, omdat die volgens hem niet bruikbaar is voor ODF. Leenaars heeft sowieso geen al te hoge verwachtingen van zulke tools. “Syntactische correctheid zegt niets over echte interoperabiliteit”, zegt hij. “Met dit soort tests zie je maar een beperkt stuk. Het is net als in een keuken. Je laat er een tool op los die laat zien hoe vers de spullen zijn in de koelkast. Maar als je dan de sla vervangt door peper en de basilicum door tomaat, dan komt er nog steeds uit dat alles vers is en slaag je voor de test. Officeshots is wat dat betreft heel praktisch en vooral neutraal. Een document komt zonder enige tussenkomst goed uit de printer bij andere leveranciers, of niet natuurlijk. Dat is interoperabiliteit.”

Als het gaat om tests en rendering-engines trekt Leenaars de vergelijking met browsers. “We hebben er 11 jaar over gedaan om een goede acid-test te maken voor browsers, dat vergeten mensen wel eens. En diezelfde tijd heeft het geduurd voor we voor browsers volwassen rendering engines kregen. Op dat gebied begint het nu pas leuk te worden. Nu zijn de problemen met interoperabiliteit grotendeels opgelost en kunnen browsers eindelijk gaan concurreren op snelheid en features. Voor tekstverwerkers moeten we dat proces versnellen. Alleen hebben we daar te maken met veel meer pakketten.”

Samenwerking

Volgens Leenaars zijn pakketten op dit moment nog niet goed in het verwerken van code die niet door die pakketten zelf is aangemaakt. “Dat is niet iets van Microsoft Office alleen. De rendering engines zijn gewoon nog vrij onvolwassen.” Leenaars stelt dat mensen nu moeten gaan samenwerken. “Ze moeten elkaars applicaties belangrijk gaan vinden. Ze moeten zich niet blindstaren op implementaties, niet zeggen dat de ander het fout doet, maar samen zoeken naar oplossingen. Dit is het moment dat je nog kunt sturen.”

Hans Bos is het wat dat betreft met Leenaars eens. Ook Microsoft ziet het belang in van samenwerking. “Het is belangrijk om samenwerking constructief te houden. De OASIS commissie voor ODF die eind vorig jaar is opgericht is de plek om deze discussie rond ODF te voeren.”

Officeshots vindt Bos een interessant initiatief, maar volgens hem is het te beperkt. “Als je alleen kijkt of het er hetzelfde uitziet in een ander pakket, dan weet je niet hoe het met de code zit. Met officeshots misleidt je de mensen. Het gaat om de code erachter”, zegt hij. “Ik geloof meer in de methode zoals Fraunhofer die toepast en ik geloof dat de OASIS ODF interoperabiliteits commissie ook een dergelijke weg ingeslagen is.” Of Microsoft aanwezig zal zijn op het Plugfest kan hij natuurlijk niet zeggen. “Microsoft zal eerst officieel aan de Nederlandse overheid melden of we meedoen. Pas daarna krijgen jullie van de pers het te horen. Dat is wel zo netjes.”

Meer commentaren:

Rethinking ODF Leadership door Gray Knowlton

Follow-up door Rob Weir

Follow-up door Dough Mahugh

Deze drie geven reacties op elkaars blogs. Ook die zijn dus de moeite van het lezen waard. Bron: Techworld