Volgens de OPTA betalen Nederlanders teveel voor het bellen vanaf een vaste lijn naar een mobiel nummer. Dit komt omdat de diverse eigenaren van de netwerken een `dominante positie' hebben. Dit heeft volgens de OPTA tot gevolg dat deze aanbieders zelf de prijzen kunnen bepalen door gebrek aan concurrentiedruk. Dit is de toezichthouder een doorn in het oog. De telecomwaakhond gaat daarom afdwingen dat het bellen van vast naar mobiel geleidelijk goedkoper wordt. Uiteindelijk moeten de prijzen in 2008 tussen de 30 en 40 procent goedkoper zijn dan nu. Nederlandse bellers besparen daarmee volgende OPTA op jaarbasis rond de 150 miljoen euro. Eind 2003 verlaagden de telecombedrijven onder druk van de OPTA en de mededingingsautoriteit NMa ook al de zogenoemde afwikkeltarieven. Dit zijn de bedragen die een belbedrijf bij de consument in rekening brengt voor telefoonverbindingen van vast naar mobiel. Door dit besluit liepen de belbedrijven vorig jaar ongeveer 200 miljoen euro mis.