Dat zegt Sophie in 't Veld, Europarlementariër en namens dat parlement de officiële rapporteur over het in de maak zijnde verdrag tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten over de overdracht van persoonsgegevens van Europese burgers aan de Amerikaanse autoriteiten.

Onderwerp van discussie

Het zo geheten PNR-akkoord is de komende weken onderwerp van discussie in Brussel. PNR staat voor Passenger Name Records en houdt in dat iedereen die het vliegtuig neemt naar de Verenigde Staten bekend moet zijn bij de Amerikaanse autoriteiten. Alle gegevens over de reiziger worden vooraf al gestuurd naar de Verenigde Staten, die de data vervolgens vijftien jaar lang wil bewaren.

De PNR-overeenkomst tussen EU en de VS staat nog ter discussie in de parlementaire commissie voor Burgerrechten op 26 maart. De plenaire stemming erover in het Europees Parlement is gepland voor april. Op dit moment is het Europarlement zwaar verdeeld en het is dan ook onzeker of de overeenkomst het in de huidige vorm zal halen.

Te veel informatie

Naast bezwaren tegen de lange bewaartermijn die de Amerikaanse autoriteiten willen, vinden veel Europarlementariërs dat er van de passagiers te veel informatie wordt vergaard, waarbij het uiteindelijke doel, terrorismebestrijding en het weren van zware criminaliteit, uit het oog wordt verloren. Er wordt zoveel data van burgers opgeslagen dat er mogelijkheden ontstaan voor het zogeheten profiling.

Amerikaanse autoriteiten kunnen dan aan de hand van allerlei kenmerken (huidskleur, geboorteplaats, reisgedrag, geaardheid, godsdienst en dergelijke) mogelijk onschuldige burgers van een profiel voorzien die de betrokkene ten onrechte kwalificeert als potentieel gevaarlijk.

Overigens is er een tweede voorstel waarin de Europese Commissie denkt aan het vergaren en opslaan van passagiersgegevens voor interne Europese vluchten, naast het opvragen van gegevens van passagiers die de Europese Unie in willen. Ook daar spreekt de commissie voor Burgerrechten zich nog over uit.