De virtualisatielijn van Red Hat is gebaseerd op kernel-based virtual machine, KVM, dat onderdeel is van de Linux kernel. Voorheen gebruikte Red Hat Xen. Klanten krijgen de beschikking over tools waarmee ze kunnen migreren van Xen naar KVM, maar Xen zal ook worden ondersteund voor de hele levensduur van RHEL 5, waar het onderdeel van is.

Dat Red Hat KVM zou gaan gebruiken voor virtualisatie was al duidelijk vanaf september vorig jaar, toen het bedrijf het Israëlische Qumranets overnam. Daarmee kreeg het de beschikking over het ontwikkelteam van Qumranets. Vorige week werd duidelijk dat Red Hat de verschillende smaken Windows zou certificeren voor KVM.

Onontbeerlijk onderdeel van de virtualisatielijn is de beheersoftware. Daarvan biedt Red Hat nu twee pakketten, een voor servers en een voor desktops. Volgens Red Hat is Enterprise Virtualisatie Manager voor servers het eerste open source product in zijn soort. Men kan er elke onderdeel van de gevirtualiseerde omgeving mee beheren, gebruikers, images en virtuele servers.

Met de variant voor desktops kan de beheerder de gevirtualiseerde desktops centraal beheren, “zonder de desktopervaring te verstoren van de gebruiker”, aldus Red Hat. Deze software is gebaseerd op SolidICE van Qumranet en maakt gebruik van SPICE remote rendering-technologie.

Tot slot is er een kleine standalone hypervisor. Dat is een volledig uitgeklede versie van RHEL, met eigenlijk alleen de Linux-kernel en KVM, samen met wat basale beheertools. Deze distributie past op een usb-stick van 128 MB en is snel in te zetten. Draait hij eenmaal, dan kan hij natuurlijk beheerd worden vanuit Enterprise Virtualisatie Manager.

Bron: Techworld