Het Haagse bedrijf Interconnection had met een aantal klanten, Chamid Media en Wide Angle Media, een overeenkomst gesloten voor de exploitatie van informatienummers voor het afwaarderen van beltegoeden.

Via de websites Beltegoed-cashen.nl en Afwaarderen.nl konden consumenten het beltegoed van hun prepaidkaart of belbundel direct op hun bankrekening storten. Handig voor wie die kaarten niet langer wenste te gebruiken.

Consumenten betaalden 1,30 euro per gesprek, waarna 65 tot 70 eurocent op hun rekening werd gestort. Interconnection, een bedrijf dat onder meer HotSMS en Lycaeus als klanten heeft, nam voor de websites de zorg van de betalingsafhandeling uit handen, waarbij de opbrengsten uiteraard moesten worden gedeeld met de website-exploitanten en leveranciers van de 0900-nummers.

Bedrijven als Orange, KPN en MCI (Telecom) betaalden eerst Interconnection, waarna Interconnection weer de website-exploitanten betaalde, een gebruikelijke procedure bij 0900-informatiediensten.

Op 7 juli 2005 constateerde KPN evenwel een tamelijk hoog verbruik van de desbetreffende informatienummers. Zo bleek telkens vanaf dezelfde telefoonnummers te worden gebeld. Vanaf 49 mobiele nummers werd 500 keer gebeld en in een aantal keren zelfs 4000 keer. Toen de naam en adresgegevens werden opgevraagd en deze niet overeen bleken te komen met de aan Interconnection verstrekte gegevens, trok MCI aan de bel. Op grond van de Convenant tot het tegengaan van Oneigenlijk Gebruik van Informatienummers besloot het bedrijf betaling aan de nummergebruiker op te schorten.

Interconnection had echter een contractuele betalingsplicht tegenover haar klanten en wenste die ook zo goed mogelijk na te leven, maar was genoodzaakt ook richting haar klanten de betalingen op te schorten.

Naderhand wist MCI echter aannemelijk te maken dat een groot aantal via het netwerk van Orange gevoerde gesprekken korter dan 0,5 seconde per gesprek heeft geduurd, wat volgens hen op frauduleus gebruik wijst. MCI weigerde volgens Interconnection bewijs te leveren en refereerde continue aan het convenant. Toen MCI niet wilde betalen, stapte het bedrijf naar de rechter en eiste het de betaling van 234.257 euro (het oorspronkelijke factuurbedrag van 158.000 euro, vermeerderd met de rente). MCI wilde op zijn beurt een schadevergoeding.

De rechter in Amsterdam heeft eind augustus vonnis gewezen in deze zaak. Daarin staat dat MCI onvoldoende heeft aangetoond dat Interconnection onzorgvuldig heeft gehandeld, maar dat het bedrijf hoeft op grond van het convenant het geïnde geld niet uit betalen.

Interconnection gaat niet in hoger beroep. "Als kleine partij sta je altijd zwak tegenover machtige partijen", zegt woordvoerder Mehdi Neghabat van Interconnection. "Hoofdzaak is dat wij onmogelijk van iedere betaling kunnen vaststellen of deze frauduleus is of niet. Wat individuele gebruikers hebben geprobeerd met deze nummers uit te halen weten we niet, maar de websites treffen geen blaam. We werken al langer goed met ze samen."