Het Cloud Storage Initiative van de opslaggroep maakt een api, cloud data management interface (cdmi) genoemd. Die standaardinterface moet interoperabiliteit tussen storageclouds van verschillende aanbieders mogelijk maken. Leveranciers van beheersoftware moeten dan wel die api opnemen in hun producten en cloud-aanbieders moeten het ook ondersteunen.

Dataportabiliteit

"Een deel van de uitdaging met de cloud is: waar leeft de data? Hoe kun je dat beheren als het eenmaal in de cloud zit, en hoe kun je het terugkrijgen in hetzelfde formaat waarin je het nu hebt", stelt Mark Carlson van de SNIA (storage networking industry association) tegenover Computerworld. De brancheclub wil de 'draagbaarheid' van data garanderen, ook voor clouds.

Cdmi maakt het mogelijk data te voorzien van metadata die de aanbieder van storageclouds aangeeft welke diensten vereist zijn voor welke data. Dat loopt uiteen van backupschema's tot encryptie. De te ontwikkelen api is bestemd voor zowel publieke clouddiensten, zoals storagecloud S3 van Amazon, als private clouds. Dat zijn interne diensten die bedrijven zelf in eigen datacenters draaien. De SNIA geeft eind deze maand meer details op de SNW Europe-bijeenkomst in Frankfurt.

Tegen lock-in

Cloudmigratie is in; diverse leveranciers werken elk aan eigen methodes om migratie tussen verschillende clouds mogelijk te maken. Dat betreft in eerste instantie toepassingen die draaien in cloudomgevingen. Voorbeelden zijn de samenwerking tussen Zend, Microsoft en IBM voor cloudapplicaties, maar ook de abstractielaag die Linux-leverancier Red Hat ontwikkelt.

Analist Simon Yates van onderzoeksbureau Forrester oordeelde eerder al dat cloud computing nog in de kinderschoenen staat. Hij deed dit vorige maand uit de doeken op het cloud event van Webwereld-zustertitel Infoworld. "Het mogelijk maken van overstappen, tussen publieke en private clouds en vice versa, is een belangrijke horde. Eentje die nog genomen moet worden", vertelde Yates te Amstelveen.