Dit eenvoudige rack-systeem biedt veel meer dan een standaarddieet van nas-functionaliteit. Het model biedt bijvoorbeeld ondersteuning voor ndmp (network data management protocol), zodat het toegankelijk is voor compatibele back-upsoftware zoals ARCserve van Computer Associates.

Bij de 340 staat alles in het teken van waarde voor uw geld. Dit model is namelijk aanzienlijk goedkoper dan op vergelijkbare wijze uitgeruste opslag-appliances van bedrijven als Hewlett Packard en Dell. In plaats van gebruik te maken van de sterk aan populariteit winnende Windows Storage Server 2003, heeft Tiko gekozen voor een Linux-kernel die is aangepast voor gebruik in een enkele 64MB flashgeheugenmodule.

Als compleet Supermicro-pakket heeft de 340 een uitstekende hardwarespecificatie. Het SC813MT 1U-chassis behuist een P4SCT+-moederbord dat is uitgerust met een 2,8 GHz Pentium 4-processor en 512 MB aan PC3200 sdram. Ook hier zien we dat scsi aan de kant wordt gezet qua opslag: de 340 is uitgerust met een quad van 250 GB Hitachi Deskstar Serial ATA (sata)-drives met een pittige totale capaciteit van 1 TB. Het moederbord biedt raid-hardwarefunctionaliteit in de vorm van de ingebedde vierpoorts sata-controller van Marvell die ondersteuning biedt voor striped en mirrored arrays. U wordt echter aangeraden om deze alleen te gebruiken om diskinterfaces te bieden, aangezien het besturingssysteem is ontworpen om alle raid-functies te verzorgen en tevens raid-5 fouttolerantie aan het menu toe te voegen.

De installatie is een fluitje van een cent. U voert gewoon het standaard ip-adres van de appliance in de browser in om er beveiligde toegang toe te krijgen via het https-protocol en de fraai vormgegeven beheerinterface. Het is de moeite waard om hier even stil te staan bij de opslagconcepten van Tiko, aangezien deze een aantal waardevolle functies bieden, mits op juiste wijze gebruikt. De appliance wordt geleverd met alle vier drives die beschikbaar zijn als afzonderlijke eenheden.

Deze moet u als raid-groepen configureren. Vervolgens kunt u verschillende groepen in volumegroepen onderbrengen, die u op hun beurt weer kunt onderverdelen in volumes die u via het netwerk beschikbaar kunt maken. Het belangrijkste voordeel hiervan is dat u de capaciteit op dynamische wijze kunt uitbreiden door simpelweg een nieuwe raid-groep toe te voegen of vrije ruimte te benutten.

Er wordt ondersteuning geboden voor lokale back-ups; u kunt een scsi-adapter en een lokale tape-drive installeren. We hebben dit getest met een Adaptec Ultra2-kaart en een HP Utrium-2 tape-drive, een combinatie die prima resultaten opleverde. U kunt volledige en incrementele back-upbewerkingen direct via de beheerinterface uitvoeren, maar deze kunnen alleen op afroep worden gestart vanwege het gebrek aan planningfunctionaliteit. De iscsi-mogelijkheden zijn minimaal, aangezien er geen ondersteuning wordt geboden voor chap-verificatie. Om deze reden is het alleen mogelijk om een apparaat of groep te selecteren en de exportfunctie gebruiken. Dit garandeert echter wel een eenvoudig proces, aangezien het doel automatisch wordt benoemd. U wordt wel gewaarschuwd dat een lokaal aangesloten tape-drive als exporteerbaar opslagapparaat zal verdwijnen. Hoewel deze beschikbaar zal zijn als isci-doel, bemerkten we nadat we ons aanmelden vanaf een test-client dat dit proces kan resulteren in fatale fouten op de appliance, zodat de computers opnieuw moeten worden opgestart.

De 340 biedt ondersteuning voor de file sharing-protocollen cifs/smb, nfs en afp voor gebruik door Windows-, Unix-, Linux- en Macintosh-clients. Ook aan de beveiliging valt niets af te dingen, aangezien verificatie kan plaatsvinden via acl's (access control lists) of Active Directory en er quota's kunnen worden toegepast op groeps- of gebruikersniveau voor een stevige grip op het opslagverbruik. De schijfruimte en het volumeverbruik kunt u nauwgezet bewaken via de webinterface, en de waarschuwingsfunctionaliteit kan worden uitgebreid met de verzending van e-mailberichten en snmp-traps zodra er fouten worden gedetecteerd. Er wordt ook een reeks grafieken geboden die de netwerkactiviteit en het opslagverbruik in kaart brengen.

Toen we de appliance aansloten op een Gigabit Ethernet-netwerk bleek er sprake van een bonte mengeling van wisselende resultaten. Via een standaard Windows-share bood de open-source Iometer een snelle ruwe doorvoer van 76 mb per seconde waarvoor 100 procent sequentiële leesbewerkingen en overdrachtsverzoeken van 64 KB nodig waren. Voor het testen van isci maakten we gebruik van een Windows Server 2003-systeem met de vrij beschikbare software iSCI Initiator v1.5 van Microsoft. Dit leverde een minder indrukwekkende prestatie op: Iometer bleek slechts goed te zijn voor 57 MB per seconde toen deze werd aangemeld op een enkele geëxporteerde drive.

Bron: Techworld