Apple heeft een aantal Macs van de ondersteuningslijst van macOS Mojave geschrapt. Dit is nog niet officieel bekendgemaakt, maar ontwikkelaars hebben instructies ontvangen die overeenkomen met wat we zelf verwachten over de ondersetuning van macOS.

De twee jaar durende cyclus schrapt systemen die nog net voorganger macOS High Sierra aankonden. Voor macOS Sierra (10.2) werden apparaten uit 2007, 2008 en 2009 geschrapt, maar volgens Apple's gebruikelijke tweejaarlijkse ritme, konden dezelfde systemen nog wel upgraden naar opvolger High Sierra (10.3).

Apple heeft nog geen officiële lijst van Mojave-ondersteunde apparaten uitgebracht, maar toen de ontwikkelaarsversie twee weken geleden verscheen, vertelde het bedrijf erbij dat macOS 10.14 bedoeld is "voor Macs die midden 2012 of later zijn geïntroduceerd, plus Mac Pro-modellen uit 2010 en 2012 met Metal-geschikte grafische kaarten".

Die zin maakte, zoals verwacht, korte metten met Macs die zijn verschenen in 2009, 2010 en 2011, wat betekent dat de volgende modellen wel worden ondersteund:

  • MacBook Air
  • MacBook (medio 2012 en later)
  • MacBook Pro (begin 2015 en later)
  • MacBook Pro met Retina, 15-inch model (medio 2012 en later)
  • MacBook Pro met Retina, 13-inch model (medio 2012 en later)
  • iMac (eind 2012 en later)
  • iMac Pro (eind 2012 en later)
  • Mac Pro (eind 2012 en later)
  • Mac Mini (eind 2017 en later)
  • Metal GPU-compatibele machines (medio 2010, medio 2012, eind 2013 en later)

Dat betekent dat Macs tot een jaar of negen van de lijst vallen, inclusief MacBooks van oktober 2009 en juli 2011, MacBook Air-machines die verkocht zijn tussen oktober 2010 en juni 2012. Deze oudere systemen blijven draaien, maar dan met macOS High Sierra. Ze blijven beveiligingsupdates ontvangen tot en met de zomer van 2020.