De concurrentiestrijd lijkt hevig om de twijfelachtige eer wie in 2010 het meeste lak had aan privacy: Google of FaceBook. Het eerste bedrijf stond al bekend als een onderneming die schimmig is over wat er nu precies wordt bijgehouden over gebruikers met diensten als het zoeken, Gmail, agenda's, contacten, de locatiedienst Latitude, plaatsbepaling met Google Maps, telefonie en chatdienst Google, de mislukte poging tot een sociaal netwerk.

Google mee of verhuis

Dat de zoekgigant wel iets heeft uit te leggen, blijkt wel uit wat er is gebeurd rond Google’s Streetview. Het bestaan van de dienst zelf is voor Duitsers reden genoeg om zich te verzetten tegen het nemen van foto’s in de openbare ruimte. De onderneming luistert naar de klachten, stopt en start vervolgens een charme-offensief om duidelijk te maken dat het allemaal niet zo erg is. Burgers kunnen altijd hun huis laten verwijderen, zo stelt Google.

Die belofte klinkt mooier dan hij blijkt te zijn. Met de regelmaat van de klok komen er verhalen voorbij van mensen die herhaaldelijk moeten aandringen dat hun huis verwijderd wordt. Maar het bedrijf doet meer dan slechts fotograferen. Ze brengen ook nog in kaart brengt waar welk Wifi-access point staat. Het bedrijf spreekt van een foutje en belooft beterschap.

Wederom een loze belofte, want niet veel later wordt duidelijk dat het bedrijf veel meer bewaart. Ook inloggevens en andere informatie blijkt ‘per ongeluk’ in de administratie te verdwijnen. Een provocatie die compleet verkeerd valt, want diverse overheden sturen privacywaakhond op Google af. Die laatste is geheimzinnig over de precieze bedoeling en het geven van openheid.

Of het Google überhaupt iets kan schelen dat het de wet aan de laars lapt is maar helemaal de vraag. CEO Eric Schmidt vertelt dat mensen niet zo veel kritiek op Streetview moeten hebben en mensen die niet gefotografeerd willen worden, moeten in zijn ogen maar verhuizen.

Facebook: proberen en corrigeren

Een andere internetmoloch is Facebook. De site introduceert nieuwe mogelijkheden en vergeet steevast de meest privacyvriendelijke opties te kiezen. Pas na een storm van kritiek worden instellingen aangepast. Ondertussen gaat het bedrijf snel verder met privacygevoelige mogelijkheden als e-mail en de mogelijkheid om “in te checken op locaties”. Ook nieuwe algemene voorwaarden, die het bedrijf de mogelijkheid gaven alle informatie van klanten te verkopen aan wie ze maar wilden, werden uiteindelijk genuanceerd.

Het bedrijf bouwt een slechte reputatie op het gebied van privacy op, maar heeft daar niet veel onder te lijden. Boze tongen beweren dat oprichter Mark Zuckerberg de privacy als gezeur ervaart. Als er discussie ontstaat, dan lijkt de oplossing iedere keer te liggen in een nieuwe optie in het instellingenmenu, maar aan de daadwerkelijke registratie verandert niet veel. Natuurlijk zijn er ook de nodige – bijna obligate – aanklachten in de VS. Anderen reageren juist door applicaties te maken waarmee de privacy beter kan worden geregeld.

Doorgeven bankgegevens en verkeersgegevens

Toch is het in 2010 niet alleen misère voor de digitale privacy. Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD), destijds Europarlementariër en nu lid van de Tweede Kamer, behaalt een succes door zich te verzetten tegen het op grote schaal doorgeven van bankgegevens. In een stemming verwerpt het Europees Parlement het voorgestelde verdrag. Een pijnlijke nederlaag voor de Europese Commissie die nu opnieuw moet onderhandelen en zowaar in staat blijkt een gematigder resultaat te bereiken.

Maar als het aan de Amerikanen ligt wordt er meer bijgehouden. Zo moet er – als het aan de FBI ligt – een bewaarplicht verkeersgegevens komen van twee jaar. In Nederland probeert Justitie de bewaarplicht niet alleen voor telecomgegevens in te zetten, maar ook voor bankgegevens. Dat terwijl eerder al duidelijk werd dat aan de opslag van gegevens van alles schort.

Ondertussen is duidelijk dat het verzet blijft. In Duitsland blijven protesten en rechtszaken spelen, in Hongarije wordt de bewaarplicht ongrondwettig verklaard en in Nederland denkt een provider via een achterdeur onder de plicht uit te komen. KPN is hierin duidelijk en stelt gewoon van de bewaarplicht af te willen. Inmiddels wordt nog breder dan voor de invoering aan de effectiviteit getwijfeld.

Vingerafdrukken

Een andere strijd voor privacy werd gevoerd op het front van de paspoorten. Een Europese richtlijn verplicht lidstaten om twee vingerafdrukken in een chip op het paspoort op te slaan. Nederland doet er een schepje bovenop en vraagt vier vingerafdrukken die uiteindelijk in een centrale database moeten komen. Omdat de overheid nog niet weet hoe dat moet, mogen de gemeenten de verzamelde vingerafdrukken bewaren.

Privacygroepen willen hier een einde aan maken en slepen de overheid voor de rechter. Een sprint naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens was te snel, omdat de mogelijkheden voor procederen in Nederland nog open staan. Al die zaken lopen nog en moeten uiteindelijk duidelijk maken of ons land niet doorschiet met de opslag.

Terechte vrees of niet: de Tweede Kamer, ooit voorstander van het idee, begint toch in te zien dat er mogelijk grote nadelen aan een opslag kleven en wordt kritisch. Ook in het Europees Parlement beginnen politici zich af te vragen waar het polderland aan is begonnen. Een echt goed antwoord kan pas in 2011 komen als de rechter zich over de zaak heeft uitgesproken.

OV-chipkaart

Nog zo’n geval om de wenkbrauwen over te fronsen vormt de OV-chipkaart. Dit jaar deed het College Bescherming Persoonsgegevens onderzoek, omdat vijf rechtenstudenten een handhavingsverzoek hebben ingediend. De centrale vraag daarbij is of vervoersbedrijven niet te ver gaan als ze studenten met een OV-kaart voor iedere reis laten in- en uitchecken, zodat iedere reisbeweging zeven jaar lang geregistreerd blijft.

Het oordeel was tweeslachtig. De verwerking van iedere reisbeweging mag van het CBP, maar de vervoersbedrijven blijken toch te veel informatie te hebben en de wet te overtreden. Met dat oordeel komt een keiharde boodschap: de tijd van waarschuwen is voorbij. De vervoersbedrijven gaan zich of aan de wet houden, of ze kunnen dwangsommen tegemoet zien.

Toch blijft het systeem intact en mogen vervoersbedrijven doorgaan met het opslaan van reisbewegingen.

Als iets opvalt in 2010 is het niet de aanhoudende erosie van burgerrechten, maar dat langzaam duidelijk wordt dat burgers terugvechten en voet aan de grond lijken te krijgen. Het lijkt normaler te worden te vragen wat een overheid of bedrijf nu wil met informatie en desnoods naar de rechter te stappen. Mensen zeggen dat genoeg echt genoeg is, en voor het eerst worden die geluiden ook gehoord door hun volksvertegenwoordigers.