Heerlijk is het als je als systeembeheerder niet van je plek af hoeft om stomme probleempjes van gebruikers op te lossen. “Office wil niet starten”, “ik krijg een rare foutmelding” of “Ik wil een pdf-reader installeren, maar dat mag niet” zijn niet de leukste taken om voor naar een werkstation te moeten lopen.

Natuurlijk heb je tools die je kunnen helpen, maar echt gemeengoed is desktopbeheer-op-afstand nog niet. De diensten van derden zijn vooral weggelegd voor grote bedrijven, en de tools waar je echt VEEL mee kunt (Back Orifice bijvoorbeeld, of PcAnywhere), schieten hun doel voorbij, of zijn domweg dubieus.

Maar dat wil niet zeggen dat beheren op afstand gedoemd is te mislukken. Sterker nog, sommige leveranciers slaan er een aardig slaatje uit. Webwereld zet een aantal factoren op een rij waardoor ook de systeembeheerder van kleinere bedrijven wellicht in de nabije toekomst gemiddeld minder kilometers hoeft te maken.

1: Steeds minder infrastructuur nodig

Vroeger (nou ja, niet eens zo heel erg vroeger eigenlijk...) moest je nog redelijk wat infrastructuur hebben om beheer op afstand redelijk te kunnen uitvoeren. Vooral voor kleinere bedrijven is het domweg niet de moeite om daarin te investeren, puur zodat de systeembeheerders minder rondes hoeven te maken.

Dat probleem wordt steeds minder, zo zegt Gartner-analist Terrence Cosgrove. Zo zijn er al leveranciers die oplossingen bieden in de vorm van een enkele appliance, zoals het door Dell overgenomen KACE.

Ook cloudgebaseerde oplossingen bestaan al een tijdje, maar echt doorgedrongen zijn ze nog niet. Deels heeft dat volgens Cosgrove te maken met het niet ver genoeg doorvoeren van SaaS-principes, wat het voordeel sterk beperkte. “Voor algemene IT-operaties, zoals voor servicedesks, zie je dat Software as a Service goed werkt. Maar desktopbeheer blijft ietwat achter. Voor belangrijke functies, zoals software-uitrol, is eigen infrastructuur in veel gevallen nog steeds nodig.” Maar ook dat wordt gaandeweg minder: een teken van volwassenheid, aldus Cosgrove, die van mening is dat het SaaS-model het best geschikt is voor dit soort diensten. Al bleven zowel het SaaS-model als het appliance-model in 2010 nog steken op minder dan 5 procent van de markt.

2: Pakketten worden completer

Beheer op afstand vereist een allegaartje van tools die wellicht prima werken, maar niet echt compleet waren. Denk aan bijvoorbeeld VNC, TeamViewer, dat soort dingen. Maar ondertussen begint de software meer een coherent geheel te worden.

“Je hebt al langer beheersoftware die als een paraplu functioneert voor de lokaal geïnstalleerde software van derden, zoals backup, antivirus en patching”, zegt Cosgrove. “Maar nu beginnen ook producten op de markt te komen die volledig geïntegreerd zijn”. Een recent voorbeeld van een hele grote partij komt later aan bod.

3: Virtualisatie

Niet alleen de beheertools worden beter, ook de desktops zelf veranderen. Virtualisatie biedt, in al zijn vormen, volgens Cosgrove een enorme kans voor desktopbeheer. “Het ontsluit nieuwe levermodellen van desktopdiensten, van OS'en en applicaties tot gebruikersprofielen”, aldus de analist. “Twee of drie jaar geleden had je veel minder keus uit desktop-leveringsmodellen.”

4: Mobiele platforms

Voor leveranciers ligt er juist een hele grote kans in het feit dat ict-afdelingen zelf veranderen. De statische kantooromgeving met identieke werkstations verwordt steeds meer tot een ramsj van desktops, mobiele apparaten, tablets enzovoorts. Dat maakt werknemers mobieler, waardoor beheerders in zekere zin gedwongen zijn om beheer-op-afstand toe te passen.

“Het gaat niet meer alleen om het beheren van de Windows-client”, zegt Cosgrove. “Veel beheerdiensten moeten ook worden geleverd aan mobiele apparaten. Dat heeft de markt voor client-beheer heel interessant gemaakt.”

5: Microsoft

En dan is er de Microsoft-factor. Op het moment dat die zich ergens mee gaan bemoeien, weet immers ook de concurrentie dat er kansen liggen. “Alles wat Microsoft doet, geldt als een validatie van die methode”, argumenteert Cosgrove. “Toen ze Softricity overnamen voor App-V, begon applicatievirtualisatie serieus genomen te worden.”

Daarvoor hoeft de Redmondse grootmacht geen perfect product op de markt te brengen. In maart heeft Microsoft zijn eigen SaaS-dienst uitgebracht: Windows InTune, waarmee standaard-beheermogelijkheden via Windows Live kunnen worden benaderd op clients. Daarbij krijgen klanten een Windows Enterprise-licentie, Forefront Antivirus en toegang tot MDOP, bij elkaar voor 11 euro per desktop per maand.

Die prijs is voor mkb-bedrijven (de doelgroep) wat aan de hoge kant, zo vindt Cosgrove, en ook functioneel mist InTune het nodige. “Ze hebben geen softwaredistributie, en dat is voor zo'n pakket eigenlijk verplicht.” Maar het grootste manco hangt samen met punt 4. “Microsoft heeft altijd de strategie dat ze alles optimaliseren voor het Windows-platform, en hooguit nét genoeg functies voor andere platformen bieden.” Ook InTune is single-platform, en daarmee dreigt Microsoft volgens Cosgrove op het gebied van multiplatformbeheer de plank mis te slaan.