Het gaat om zeven werknemers, waarvan er enkele nog in dienst zijn bij het softwareconcern. De groep wil namens honderden huidige en voormalige zwarte werknemers een zogeheten 'class-action' zaak beginnen. Woensdag wordt een klacht ingediend bij de districtsrechtbank in Washington D.C. De advocaten van de aanklagers beschuldigen Microsoft van het discrimineren van zwarte medewerkers bij evaluaties, waardoor zij bijvoorbeeld promoties zouden mislopen. Daarnaast zou het softwareconcern enkele gekleurde werknemers ten onrechte hebben ontslagen. De zaak borduurt voort op een vorig jaar al ingediende klacht van Rahn Jackson, die aan het hoofd stond van een divisie die software aan het Amerikaanse leger verkoopt. Jackson claimt meerdere malen gepasseerd te zijn bij promoties voor banen waarvoor hij over de juiste kwalificaties beschikte. Microsoft zou telkens de voorkeur hebben gegeven aan blanke kandidaten van zowel binnen als buiten het bedrijf. Volgens een van de advocaten in de huidige zaak was zijn huidskleur de enige reden dat Jackson, die inmiddels elders werkzaam is, geen promotie maakte bij Microsoft. Het softwareconcern ontkende de beschuldigingen. "Wij geloven niet dat er een patroon van discriminatie is of was bij Microsoft", zo zei woordvoerder Dean Katz van het bedrijf in een reactie. Volgens Microsoft is het percentage uit minderheidsgroepen afkomstige medewerkers op het totaal aantal medewerkers de laatste drie jaar gestegen van 16,8 tot 22,2 procent. Het concern wil verder niet uitgebreid op de zaak ingaan zolang de klacht nog niet daadwerkelijk is ingediend. De zaak wordt onderzocht door Thomas Penfield Jackson, dezelfde rechter die Microsoft in de slopende antitrust-rechtszaak veroordeelde tot opsplitsing in twee aparte bedrijven. Het beroep tegen die uitspraak loopt nog.