Philips staat aan de wieg van menig modern techbedrijf. Het bedrijf is eigenlijk de vader van de wereldwijde chipsector en veel (Eindhovense) start-ups die momenteel hoge ogen gooien, komen voort uit Philips. Dat bedrijf stoot divisies af als het zich op andere kernactiviteiten richt en daar komen weer nieuwe bedrijven uit voort.

Als bijvoorbeeld Philips niet zoveel ziet in de afdeling display, pakken werknemers een bepaalde technologie op om er verder aan te bouwen op eigen kracht. Of Philips stoot een hele markt af omdat het niet tot de kerntaken van het bedrijf (meer) hoort, zoals het geval was met UPC. Een greep uit 5 grote technamen die Philips gebaard heeft.

1. NXP

Een van de grotere succesverhalen is een van 's werelds grootste chipproducenten. Philips produceerde zijn eerste transistor in 1949 en in de jaren vijftig verkasten de makers naar een fabriekspand in Nijmegen, waar NXP nu nog steeds staat. Het hoofdkantoor is overigens wel gevestigd in Nijmegen.

In de jaren 80 werd Philips Semiconducters een grote partij met de overname van Signetics, 's werelds eerste bedrijf dat exclusief bestond als producent van IC's. (Ook interessant: groot aandeelhouder in de jaren 60 was Corning, nu bekend als producent van stevig smartphoneglas Gorilla Glass.)

De halfgeleiderdivisie van Philips is in 2006 officieel verdergegaan onder de naam NXP, wat staat voor Next eXPerience. Nu is het een van de grootste producenten van allerlei chips, waaronder NFC-chips, die hun weg vinden naar passystemen als de OV-chipkaart en diverse smartphones.

Lees ook: Techrepo: Chipfabrikant NXP bakt non-stop door

2. ASML

Chipbakkers als Intel en de net genoemde Philips-baby NXP produceren chips met behulp van machines die worden aangeleverd door het eveneens Nederlandse ASML. Het bedrijf is zelfs wereldmarktleider in de chipmachinemarkt, gevolgd door Nikon en Canon die ook zulke lithografiemachines produceren.

AMSL is ontstaan uit een joint venture tussen Philips en de Nederlandse grondlegger van deze productiemachinetechnieken ASM (Advanced Semiconductor Materials), tegenwoordig ASM International (ASMI). Het Veldhovense bedrijf staat allang op zichzelf en boekte het afgelopen jaar nog een recordwinst.

Lees ook: Techrepo: Zo behoudt ASML de Wet van Moore

3. Atos Origin

Atos is een Franse IT-dienstverlener dat in 2000 samenging met het Nederlandse Origin. Dat bedrijf is weer voortgekomen uit de automatiseringsafdeling van Philips Communications & Processing (C&P). Origin was in de jaren 90 al een grote speler in de IT-wereld, met tienduizend werknemers in 27 landen.

Na operatie Centurion eiste Philips dat onderdelen van het bedrijf op zichzelf grote spelers zouden zijn in hun sector. Philips deed bij de reorganisatie een belangrijk deel van het latere Origin van de hand, om in 1995 weer een meerderheidsbelang te nemen. In 2000 fuseerde het met Atos en samen is het een van de grootste IT-dienstverleners ter wereld.

4. UPC

Philips greep na het privatiseren van de kabelmarkt zijn kans en zette de klauwen in de landelijke infrastructuur. Het bedrijf zette flinke stappen in deze markt met onder meer de overname van Amsterdams kabelnetwerk KTA en het Eindhovense kabelnetwerk begin jaren 90. Daarmee bereikte Philips meer dan een half miljoen mensen.

United Philips Cable werd simpelweg UPC en opereerde in verschillende landen in Europa. In 2001 werd de boel verkocht aan internationale kabelaar Liberty Global, dat vorig jaar ook Nederlandse provider Ziggo opslurpte. Daarmee komt in ons land een einde aan de naam UPC, voortaan heet het bedrijf Ziggo in Nederland.

De UPC Arena: het voetbalstadion van de Oostenrijkse clubs Sturm Graz en Grazer AK.

5. iRex

Nog een bedrijf dat niet meer is, maar een jaar of zeven geleden leek het nog heel veelbelovend. iRex produceerde namelijk e-reader iLiad en nam daarmee een voorzet op de langverwachte digitalisering van de boekenmarkt. Het bedrijf kwam in 2001 voort uit Philips, opgezet door werknemers die toekomst zagen in e-paper, een van de technoligi├źn die de displaydivisie van Philips in de jaren 90 ontwikkelde.

In 2004 produceerde iRex 's werelds eerste e-paper-device, maar deze werd vanwege de hoge kosten niet in productie genomen. De iLiad had ook met 600 euro een stevig prijskaartje, maar de toekomst van de e-reader zag er rooskleurig uit. Het ging mis met de verovering van de Amerikaanse markt. Het duurde lang voordat de benodigde FCC-keuring voltooid was en de lancering van de e-reader miste het o zo belangrijke kerstseizoen.

iRex maakte in 2010 een doorstart, maar toen was daar de iPad. En de Kindle. En goedkopere e-readers. Een paar maanden geleden ging vervolgonderneming IRX Innovations failliet.