1. Palmtop

We hadden begin jaren 90 grote moeite met het vinden van een benaming voor de zakcomputer. Handheld, palmtop computer (niet te verwarren met het bedrijf Palm of palmtop PC), PDA en Psions netBook kwamen in feite op hetzelfde neer: een kleine computer die je kon inklappen en meenemen. Het verschil met de laptop was de grootte en een aangepast besturingssysteem.

Woordenboekenmaker Webster voegde de definitie van palmtop in '92 toe aan zijn woordenlijst als: "een kleine draagbare computer die makkelijk in de handpalm past". Tekenend is dat in zijn online versie het recentste voorbeeld van het gebruik van deze term in een artikel van Wired uit 1997 is. In het decennium volgend op de hoogtijdagen van de palmtop werd de term verdrongen door PDA en het verder geëvolueerde model daarvan: de smartphone.

Moderne equivalent: Smartphone

2. Zakjapanner

Ondanks dat rekenmachines werden gepionierd door Amerikaanse bedrijven als HP en Texas Instruments, werden modellen als die van Casio enorm populair. Wie heeft er nou in zijn of haar schooltijd niet "ha + ha = lol" getypt op een FX-82? Japanse bedrijven maakten goedkope, capabele modellen, dus de zakrekenmachine werd in Nederland al gauw 'zakjapanner' genoemd.


Dingen als rekenhorloges en rekenmachines op creditcardformaat met zonnecellen zie je niet meer. En waarom zou je ook? Iedereen heeft een rekenmachine bij zich op de smartphone. Die apparaten zijn de komende jaren de rekenmachine, misschien zelfs totdat ambient intelligence ver genoeg is om te anticiperen op onze rekensommen.

Moderne equivalent: Calculator-app

3. Ape(n)staartje

Zeggen mensen nog 'apenstaartje'? Nog zo kort als tien jaar geleden hoorde je het nog hier en daar, maar al een tijdje was er een opmars van de in het Engels gehanteerde 'at'. De reden dat het @-symbool destijds werd gekozen door de beheerders van ARPANET om gebruikersnaam aan computernaam te koppelen, was omdat dit symbool weinig meer werd gebruikt en wel standaard op moderne toetsenborden aanwezig was. De @ stond al op toetsenborden, omdat het vroeger werd gebruikt voor boekhoudkundige doeleinden.


Apenstaartje wordt door sommige mensen nog wel eens gebezigd als een e-mailadres wordt uitgesproken, maar bijvoorbeeld voor Twitter-gebruikers hoor je nooit iets als "Volg ons op apenstaartje Webwereld". De opkomst van 'at' ten faveure van apenstaartje viel niet iedereen direct op. Dat leverde een paar jaar terug nog de prachtige anekdote op van een rechter die gedurende een

zaak waarin een e-mailadres werd aangehaald vroeg: "Maar wie is Ed dan?"

Moderne equivalent: At

4. Informatiesnelweg

De informatiesnelweg - of de Information Super Highway zoals de Amerikanen destijds plachten te zeggen - was een term die een Tron-achtig beeld opriep van digitale snelwegen om van informatiebron naar informatiebron te racen met de snelheid van het licht! Het sprak tot de verbeelding in het decennium waarin we de toekomst zagen als een VR-gevulde wereld vol cyber zoals je zag in films als The Lawnmower Man en Virtuosity.


In de begindagen van 'het net' hoorde je nog wel eens de term 'informatiesnelweg', maar als je hem anno 2017 nog ergens leest, zal het ongetwijfeld gaan om een document van de Europese Commissie. Frappant genoeg zou juist daar de term 'digitale tolweg' toepasselijker zijn, gezien de verwoede pogingen van de EU om de Nederlandse netneutraliteit om zeep te helpen.

Moderne equivalent: Digitale tolweg

5. Homepage

Homepage bestaat nog steeds, maar de betekenis is sterk veranderd. Vroeger verwees een homepage naar een eigen opgezette website. Een typische homepage was een vrij kale bedoening, bewerkt in ruwe, simpele HTML of via zo'n afschuwelijke online editor als die van Geocities, vaak met een draaiend gifje met de tekst 'under construction'.


Als mensen het nu hebben over een homepage, gaat het niet meer over zo'n privésiteje, maar over de instappagina van een website. En ja, dat kan een persoonlijk blog of een privésite zijn, maar in de regel hebben we het dan over de voorpagina van een reguliere website.

Moderne equivalent: Blog

6. Webring

Voor mensen die jong genoeg zijn om zich dit niet te herinneren, webrings bestonden uit een collectie van vooral homepages (met de betekenis van eigen siteje dus) die op thema of onderwerp gekoppeld waren met een webring-scriptje. Als je een pagina vond die je interessant vond, zag je meteen gerelateerde websites door verder te klikken via het webring-element.

Webrings waren vaak meer dan losse collecties, het waren community's van gelijkgestemden. Daarmee waren webrings de voorloper van gelinkte blogs en gekoppelde profielpagina's en daarmee eigenlijk de jaren 90-equivalent van Facebook. Webrings bestaan nog wel, maar het is een

behoorlijke niche-markt geworden. Daarmee is het een woord dat is achtergebleven in de vorige eeuw.

Moderne equivalent: Sociaal netwerk