De patentwetgeving in de VS stelt dat een ieder die "een nieuw en bruikbaar proces, machine, maaksel of compositie van materie uitvindt of ontdekt" recht heeft op patentbescherming. Die omschrijving heeft de deur opengezet voor misbruik van de meest abstracte patenten. Al jaren lijden bijvoorbeeld kleine ontwikkelaars onder de druk van patentbureaus die deze octrooien inkopen om vervolgens bedrijven tot licentiëring te dwingen.

Google versus IBM

Daar haalt het hoogste hooggerechthof in de VS, de Supreme Court, nu een streep door. De zaak loopt al sinds 2007 omdat een bank weigert licentiekosten te betalen voor zo'n vaag patent op het idee dat boekhouding door een elektronisch systeem wordt gedaan. De hoge rechters hebben unaniem besloten dat octrooien met een abstract idee zónder specifieke software-toepassing

Computerworld blikte onlangs alvast vooruit naar deze cruciale beslissing van het hoogste rechtsorgaan in de VS. Lees meer: Eindelijk een einde aan de patentterreur?

Onder meer Google en IBM bemoeiden zich met de zaak. Google wil namelijk dat niet zomaar iedereen octrooien op elk ideetje kan verwerven (het bedrijf heeft last van allerlei aanvallen op onder meer Android), terwijl IBM - die voor een groot deel leeft van patenten van eigen ontwikkelingen - juist wil dat bedrijven meer ruimte krijgen om te manoeuvreren met patenten.

Concrete softwarebeschrijving

Om softwarepatenten te verwerven moeten bedrijven voortaan op de proppen komen met een specifiek proces of concrete implementatie. Het is niet meer mogelijk om octrooi te krijgen op een idee dat zich onderscheidt van een voor de hand liggend concept met enkel de woorden "in een computersysteem".