De tijd van de goede, oude banner van 468 bij 60 pixels lijkt voorbij. Grotere, opdringerige advertenties zijn inmiddels de standaard. Voorbeelden zijn de 'skyscrapers' (zie voor een voorbeeld links van deze tekst), 'pop-ups' die in een nieuw venster geopend worden en 'floating' reclame die over de pagina zweeft. The New York Times heeft nu iets nieuws: reclames die de halve pagina in beslag nemen. Echt origineel is het niet. In veel Amerikaanse kranten is het al lange tijd heel gewoon dat de helft van een redactionele pagina wordt ingeruimd voor een advertentie. De enorme advertenties zullen vanaf april op de site verschijnen, zo meldt The Wall Street Journal. De opmaak van de site van The New York Times zal daarom gewijzigd worden. De navigatielinks die nu nog links op de site staan, zullen naar de bovenkant verschuiven. Op die manier is er meer ruimte voor de advertenties. Hoewel voorlopig alleen The New York Times dit soort advertenties aanbiedt, lijk het voor de hand te liggen dat andere sites zullen volgen. De Amerikaanse kwaliteitskrant is altijd al een voorloper geweest als het gaat om nieuwe vormen van online adverteren. Zo vliegen de pop-unders de bezoekers van de interneteditie al sinds jaar en dag om de oren. Ook liep de krant voorop met de sponsoring van zijn online archief. Het agressieve advertentiebeleid heeft The New York Times geen windeieren gelegd. Vorig jaar boekte de interneteditie van The New York Times voor het eerst in zijn geschiedenis winst. Daarmee is het dagblad een van de weinige op internet verschijnende kranten die winst maken.