Volgens ingewijde bronnen van de Wall Street Journal staan beide partijen op het punt om tot een bevredigende overeenstemming te komen. Als Microsoft en het Ministerie van Justitie op basis van deze deal de strijdbijl begraven betekent het dat Microsoft net zo machtig kan blijven als het nu is. Op enkele punten belooft het softwarebedrijf water bij de wijn te doen. Het belangrijkste resultaat is dat Microsoft door mag blijven gaan met het integreren van allerhande extra software in het Windows besturingssysteem. En om dit punt zijn de rechtszaken ruim drie jaar geleden tegen Microsoft begonnen: de integratie van de Internet Explorer in Windows waardoor Microsoft een machtsimperium kon opbouwen in de markt van internetbrowsers. Om tegenwicht te kunnen bieden, krijgen pc-fabrikanten en -dealers volgens de deal meer vrijheden om ook software van concurrenten van Microsoft bij nieuwe installaties mee te leveren. Nu is het nog vaak zo dat pc-fabrikanten door Microsoft gedwongen worden alleen software van Microsoft aan de klant te leveren. Die moet dan zelf andere software installeren. Tot slot moet Microsoft aan concurrenten meer openheid van zaken op technisch gebied geven opdat derde partijen sneller kunnen inspelen op eventuele veranderingen in de software.

Zelf oplossing zoeken

Eind september kwam districtsrechter Colleen Kollar-Kotelly met de opdracht aan beide partijen (Justitie en Microsoft) om eerst zelf maar te proberen tot een overeenstemming te komen. Als dat niet zou lukken dan zou de rechter zich weer met de zaak gaan bemoeien. Kollar-Kotelly had beide partijen een deadline gesteld die op 2 november afloopt. Met de mogelijke overeenstemming die nu bereikt is, halen de partijen de deadline op het nippertje. Overigens wil deze deal niet zeggen dat Microsoft nu van de rechtszaken verlost is. Er loopt nog altijd de co-antitrustzaak van de achttien Amerikaanse staten tegen het softwarebedrijf. Het is nog niet duidelijk of deze achttien staten het eens zijn met de overeenkomst zoals die nu op tafel ligt.