Het College bescherming persoonsgegevens (CBP) legt ov-chipkaartbedrijf TLS en de vervoerders NS, GVB (Amsterdam) en RET (Rotterdam) kortere bewaartermijnen op voor privédata van studenten. Daarbij dreigt het CBP met dwangsommen. Navraag van Webwereld leert dat dit weliswaar alleen direct van toepassing is op studenten, maar dat de betrokken bedrijven de kortere bewaartermijn voor alle reizigers doorvoeren.

TLS 5 maanden later

De ingekorte periode van 18 maanden geldt vanaf 1 januari 2012, behalve voor TLS. Die organisatie mag vanwege de eigen 'complexe systemen' langer doen over de implementatie. TLS heeft tot 1 juni 2012 de tijd nodig om alle aanpassingen door te voeren. Het krijgt dat uitstel van het CBP.

Het bedrijf achter de OV-chipkaart voert de verandering dan wel door voor álle reizigers. Een woordvoerster antwoordt dat TLS “geen onderscheid maakt in doelgroepen of kaarten". Het CBP-onderzoek was alleen naar de studentenvariant van de OV-chipkaart. Die zaak is aangezwengeld door vijf rechtenstudenten die een klacht hebben ingediend over het vastleggen en langdurig bewaren van hun reisgegevens.

Studenten

Het CBP benadrukt tegenover Webwereld dat het onderzoek alleen is gericht op de studenten ov-chipkaart. “Overige zaken zijn niet meegenomen in dit onderzoek", aldus woordvoerster Lysette Rutgers. De opgelegde inkorting heeft wat de privacywaakhond betreft dan ook alleen betrekking op die groep reizigers.

TLS legt de 'status aparte' van studenten uit: die moesten een zogeheten 'zichtkaart' hebben. Dit vanwege het feit dat er nog niet overal chipkaartlezers voorhanden waren. De aparte studentenkaart heeft dus een pasfoto voor ouderwetse controle bij instappen op bijvoorbeeld een bus. Inmiddels is dat niet meer nodig, verklaart TLS. “Sinds 1 juni 2011 kunnen studenten hun reisproduct laden op een persoonlijke ov-chipkaart", waardoor de 'zichtkaart' overbodig is.

De beperking van de data-opslag tot achttien maanden wordt dus uniform doorgevoerd, door TLS en ook de vervoersbedrijven. Woordvoerders van NS, GVB en RET bevestigen dit tegenover Webwereld.

Afhankelijk van doel

Het CPB is niet verbaasd. “De wet geldt voor alle vervoersbedrijven", zegt de woordvoerster van het CBP. “Zij mogen data niet langer opslaan dan strikt noodzakelijk is." Daar is echter geen harde, universele termijn aan te hangen. “Dat is afhankelijk van het doel" van die data-opslag, legt zij uit. “Bijvoorbeeld voor restitutie, dus terugbetalen aan reizigers, is het zes maanden."

Zo worden er voor de belastingdienst langere bewaartermijnen gehanteerd, eerst tot wel zeven jaar. TLS heeft dat na overleg met consumentenorganisaties en het ministerie van Financiën teruggebracht naar twee jaar. Ook dat moet teruggedrongen worden van het CBP, en wel naar achttien maanden.

Die maximale periode is nu opgelegd door het CBP aan OV-chipkaartbedrijf TLS en de vervoersbedrijven NS, GVB en RET. Een woordvoerder van de NS spreekt nog van een bewaartermijn van 24 maanden voor fiscale redenen. Dat wordt opgelegd door het ministerie van Financiën, legt hij uit. De vervoersbedrijven, TLS en dat ministerie voeren nog gesprekken om dat in te korten, maar hebben al een principeakkoord bereikt.