Uit de documenten zou volgens AMD moeten blijken dat Intel voor juni 2005 exclusieve deals sloot en met prijsstijgingen dreigde om zijn monopolie op de markt voor x86-processors te behouden.

Volgens AMD zijn documenten over Intels 'uitzonderlijke handelswijze in het buitenland' direct relevant voor zijn claim dat het verlies leed door verloren verkopen, zowel op de internationale als Amerikaanse markt.

Eind september oordeelde een Amerikaanse rechter nog dat zijn rechtbank geen recht kon spreken over de verkoop van in Duitsland geproduceerde chips buiten de Verenigde Staten. De nu al jaren slepende rechtszaak tussen AMD en Intel werd verdaagd tot april 2009.

Volgens AMD gebruikt Intel deze uitspraak nu om ook geen documenten te hoeven verstrekken over verkopen van elders geproduceerde chips (binnen de Verenigde Staten) of Amerikaanse chips (buiten de Verenigde Staten).

AMD verwacht dat de rechter begin december uitspraak doet over het ingediende verzoekschrift.