Nieuw bij het IAB, de brancheorganisatie die streeft naar professionalisering en stimulering van de internetadvertentiemarkt, is de gedragscode voor zoekmachinemarketing. Hierin wordt vastgelegd welke manieren van adverteren en 'ranking' bij zoekmachines geoorloofd zijn.

Zo zijn tekstadvertenties die duidelijk gescheiden worden van de zoekresultaten volkomen geaccepteerd. En zijn page cloaking, linkfarming en andere vormen om zoekmachines te misleiden uit den boze, vertelt Beuker.

Partijen die inmiddels overeenstemming hebben bereikt over deze gedragscode zijn onder meer Overture, Google, Lycos, Ilse, MSN en marketingbureaus als Traffic4U, Checkit en Onetomarket.

Zoekmachinemarketing bestaat uit twee dingen. Allereerst is er 'searchengine ranking' (zoekmachine-optimalisatie), oftewel het verkrijgen van een zo gunstig mogelijke positie tussen de zoekresultaten. Daarnaast is er het zogeheten 'searchengine advertising'. Dit omvat onder meer de betaalde links en gesponsorde zoekresultaten.

Om misbruik van de gedragscode voor zoekmachinemarketing te voorkomen, zal het IAB een meldpunt instellen waar internetters melding kunnen maken van ongeoorloofde advertentie-activiteiten.

Houdt een IAB-lid zich niet aan de gedragscode dan volgt een waarschuwing en zonodig wordt het lid geroyeerd. Naar aanleiding van de gedragscode voor e-mailmarketing, die al langer bestaat, is AbFab destijds als lid geweigerd wegens het versturen van spam. E-mailmarketing is iets heel anders dan spam, aldus de brancheorganisatie. "De IAB is fel tegenstander van spam", legt Beuker uit. "Spam is not done en dus uit den boze."

De antispamwet die onlangs door Den Haag is aangenomen, wordt door het IAB dan ook toegejuicht. "De spammer moet aangepakt worden. Met de wet wordt het opleggen van hoge boetes mogelijk en dat is goed."

In-store

Internet zal een steeds belangrijkere rol gaan spelen voor reguliere winkels, denkt Beuker. "Mensen lezen voor de aankoop van een producten testen op internet en vergelijken prijzen."

Daarnaast heb je de zogeheten 'in-store reclame' die in opkomst is. Dat wil zeggen dat je in een warenhuis een heel groot scherm hebt waarop een product of bedrijf wordt aangeprezen. "Het is nog steeds zo dat driekwart van de consumenten in de winkel pas beslissen wat ze kopen. Het is dus goed als je daar je producten kunt aanprijzen."

Als medium wordt reclame op internet van groot belang. "De adverteerders zullen meegaan met de ontwikkeling van breedbandinternet. Daardoor zul je steeds meer tv-reclames integraal op internet kunnen bekijken. Een groeiende markt", meent Beuker.

Dit heeft naast het feit dat de doelgroep heel groot is, nog een voordeel: kostenbesparing. "Het is voor een bedrijf veel goedkoper om een commercial te laten maken en die alleen op internet te verspreiden dan een tv-commercial. Je hoeft geen zendtijd meer te kopen."

Onder meer TPG en Douwe Egberts hebben deze viral marketing-methode al ter hand genomen.

In de lift

Over de popup is Beuker vrij kort. "Die zal er op den duur wel uit gaan. Daarentegen zie je wel dat banners de laatste tijd steeds groter zijn geworden en er meer gebruik wordt gemaakt van dhtml (dynamische html)-advertentie over de pagina heen."

In tegenstelling tot de popup gelooft Beuker wel in een goede toekomst voor advertenties en marketingcontracten voor instant messengers. "Je ziet nu al bij geïntegreerde messenger-marketing dat mensen bepaalde skins kunnen downloaden of chatbots. Dat zijn soort robotbuddies die reageren op vragen van de gebruiker. "Zo heb je bijvoorbeeld al een Christina Aquilera-chatbot en een Virgin-branded skin.

Dat adverteren op internet in de lift zit, blijkt wel uit de recent gepresenteerde kwartaaloverzicht van het IAB. In de eerste drie maanden van dit jaar verdubbelde de omvang van de Nederlandse online advertentiemarkt tot zestien miljoen euro. "Dat is een indicatie van een potentieel prachtig jaar", meent Beuker.

Toch vormden de reclamebestedingen op internet in 2003 niet meer dan 2 procent van alle mediabestedingen. "Als je kijkt naar hoeveel Nederlanders op internet zitten, is dit een scheve verhouding. De internetadvertentiemarkt zou dan 5 tot 6 procent van het totaal moeten zijn", aldus Beuker.