Napster was in beroep tegen het vonnis van 12 februari, dat bepaalde dat de uitwisseldienst per direct al het auteursrechterlijk beschermde materiaal moest verwijderen.

Dat vonnis heeft het eens zo populaire Napster tot een zieltogend bestaan veroordeeld, met steeds minder beschikbaar materiaal en als gevolg daarvan steeds minder gebruikers, terwijl niet door rechterlijke uitspraken geteisterde alternatieven hun gebruikersaantallen gestaag hebben zien groeien.

Het vonnis werd destijds uitgesproken door een panel van drie rechters van de rechtbank in San Francisco. Napster had het beroepshof gevraagd te bepalen dat alle rechters van de rechtbank de zaak zouden bekijken, in plaats van alleen het drietal.

Die eis werd afgewezen. De uitwisseldienst heeft nu nog de mogelijkheid naar het Amerikaanse Hooggerechtshof, het hoogste orgaan, te stappen. Napster heeft nog niet besloten of het dat ook zal doen.

De pijn voor Napster wordt wellicht enigszins verzacht door het akkoord dat het bedrijf heeft bereikt met twee grote onafhankelijke muziekuitgevers, de Britse Association of Independent Music en de Europese Independent Music Companies Association.

De twee organisaties hebben Napster een licentie gegeven voor het gebruik van hun muziek voor de betaalde dienst die deze zomer van start moet gaan. Dat betekent dat onder meer materiaal van Moby, Tom Jones en Stereophonics beschikbaar komt voor gebruikers van de dienst. Eerder sloot Napster al een licentie-overeenkomst met EMI, Warner en BMG, met RealNetworks verenigd in MusicNet.