De vertegenwoordigers van de muziekindustrie en de makers van het p2p-programma Morpheus troffen elkaar dinsdag in een hoorzitting. De muziekproducenten tekenden een hoger beroep aan, nadat de rechter in april van 2003 oordeelde dat de p2p-softwarefabrikanten niet verantwoordelijk zijn voor de illegale activiteiten op hun netwerk. Grokster en Streamcast beroepen zich op de legendarische Betamax-rechtszaak uit 1984. Daarin klaagde Universal City Studios elektronicafabrikant Sony aan voor de ontwikkeling van de Betamax video-opnametechnologie. Gebruikers konden hiermee voor het eerst in de geschiedenis films op een videoband kopiëren. De rechter oordeelde destijds dat de elektronicafabrikant niet aansprakelijk gesteld kan worden voor copyrightschending. Grokster en Streamcast proberen nu op dezelfde wijze door de rechter in het gelijk gesteld te worden. Het is niet de eerste keer dat de p2p-advocaten teruggrijpen op de Betamax-zaak. "Het was duidelijk dat het hof de overeenkomsten tussen deze zaak en de Sony Betamax zaak begreep", zegt Fred von Lohmann, advocaat van de beklaagden. De meerderheid van de door de rechter gestelde vragen had betrekking op de Sony-zaak, aldus Lohmann.

Napster

De vertegenwoordigers van de entertainmentindustrie wezen op hun beurt terug op de zaak A&M Records tegen Napster. Daarin oordeelde de rechter dat het Napster-netwerk direct inbreuk maakte op het copyright van de muziekmaatschappij. Jonathan Lamy, woordvoerder van de RIAA, vindt het moeilijk om in te schatten hoe de rechter uiteindelijk zal oordelen. "Het is niet onze bedoeling om p2p-activiteiten stil te leggen. We willen gewoon dat de softwarefabrikanten het copyright van onze leden respecteren", aldus de woordvoerder. Wanneer de definitieve uitspraak zal zijn, is nog onbekend. Volgens Lohmann kan het hele proces nog wel vijf jaar duren.