Dat beweert het hoofd van de onderzoeksgroep IIT Research Institute Henry Perritt. Deze groep werd door het Amerikaanse ministerie van Justitie aangewezen om onderzoek te doen naar Carnivore. Volgens Perritt werkt het omstreden aftapsysteem nagenoeg zoals de FBI beweert. "Carnivore onderschept niet meer dataverkeer dan noodzakelijk", aldus Perritt.

Vorige week openbaarde de FBI nog nieuwe documenten waaruit volgens privacygroeperingen blijkt dat Carnivore ook moeiteloos al het niet-gefilterde internetverkeer van websurfers kan onderscheppen.

Volgens de onderzoeksleider en decaan van de Chicago-Kent College of Law werkt Carnivore echter nog niet optimaal. De IIT-groep heeft de FBI voorstellen gedaan om het systeem te verbeteren. Het Instituut maakt zich zorgen over de onoverzichtelijk manier waarop FBI-agenten het systeem moeten configureren. Dit zou de kans op fouten door slordigheid doen toenemen.

Het panel adviseerde de FBI zogeheten 'pop-up boxes' in te stellen die een waarschuwing afgeven bij een belangrijke keuze in het configuratiescherm. Hierbij denkt het team aan het verschil tussen enkel scannen naar e-mailadressen of een volledige snuffelsessie in het internetverkeer van een verdachte. Hoewel dit in werkelijkheid een groot – ook juridisch – verschil is, staan bij Carnivore deze aanvinkpunten naast elkaar.

Volgens een woordvoerster van het Amerikaanse ministerie van Justitie wordt het voorlopige rapport dinsdag openbaar gemaakt. Perritt benadrukt echter dat de gevoelige details van de bevindingen hoogstwaarschijnlijk niet naar buiten zullen worden gebracht.

"Gezien de kwetsbaarheden die we in Carnivore hebben ontdekt is het aannemelijk dat het ministerie niet wil dat deze details bij privacygroepen terechtkomen", zo zegt de onderzoeksleider.

Vanaf het begin is er kritiek geweest op het Amerikaanse onderzoeksteam. Vrijwel alle onderzoekers van het IIT-team bleken in het verleden nauwe banden te onderhouden met de Amerikaanse federale overheid. Perritt beweert 'absoluut onafhankelijk' te zijn, ook al werkte hij in de jaren tachtig voor het ministerie van Justitie.