Dat staat in het rapport "Competition, innovation and intellectual property rights in software markets" dat is gemaakt op basis van een literatuurstudie. Die is uitgevoerd op verzoek van het Ministerie van Economische Zaken in het kader van het Actieplan Nederland Open in Verbinding (NOiV).

Niet per sé open

Beslissers moeten vooral kijken naar de mate van afhankelijkheid aan een softwareleverancier, stellen de onderzoekers. Wanneer de vendor lock-in te groot blijkt, is het tijd om in actie te komen. Open source-software is dan vooral aantrekkelijk wanneer een gesloten oplossing niet beter is, schrijft het CPB.

Om toch de lock-in te doorbreken, adviseert het CPB compatibiliteit tussen de concurrerende oplossingen te eisen en meer transparantie tussen die oplossingen. Het is dan aan de softwareleveranciers om in te gaan op deze eisen.

Vervolginnovatie

Een ander gebied waar open source-oplossingen volgens het CPB goed tot hun recht komen, is bij de zogenaamde vervolginnovatie. Een gesloten ontwikkelmodel is juist aantrekkelijker voor innovatie, omdat het zakelijk model uitnodigt tot het verrichten van Research en Development.

Pas als er al een oplossing is, zal open source-software aantrekkelijker zijn dan bedrijfseigen software. De vrije beschikbaarheid van broncode biedt dan namelijk mogelijkheden om voort te bouwen op wat er al is. Dat gaat bij een gesloten oplossing minder goed, omdat dit het eigendom van een enkel bedrijf is.

Onrust

Vrijdag kwamen bij de Webwereld-redactie de eerste signalen binnen dat er een rapport van het CPB over open source in aantocht was. Dit leidde tot grote onrust bij sommige softwarebedrijven, omdat geen van de belangengroepering benaderd was. Zo wisten veel open source-clubs en bijvoorbeeld ICT Office niets meer dan dat er 'iets' zou komen. Uiteindelijk bleek het te gaan om een studie op basis van vooral internationale literatuur.

UPDATE:

Hans Bos van Microsoft Nederland reageert: “Het is interessant en bemoedigend te constateren dat het CPB aangeeft dat de wereld inzake open en propriety source niet zwart-wit is. Er zijn vele aspecten waarmee rekening moet worden gehouden. Het onderzoek kan zo als een reactie worden gezien op de eenzijdige positieve discriminatie in het NOiV-actieplan. Het CPB-onderzoek laat zien dat er zeker 'innovatie en economische waarde' is voor open source, maar vooral óók voor andere modellen. In dat licht zou de overheid nu haar economie-sturende beleid meer genuanceerd moeten kunnen voeren.”