De ontwikkelaars die in de tweede helft van 2019 door Mozilla werden ondervraagd over hun ervaringen met het webplatform, de tools en de mogelijkheden, waren over het algemeen tevreden, maar ze noemden wel enkele tekortkomingen, met name problemen met de browserondersteuning.

In totaal meldde 59,8 procent tevreden te zijn met de staat van het wereldwijde web, terwijl 16,3 procent zeer tevreden was. Slechts 6,8 procent was ontevreden en 2,2 procent was zeer ontevreden. Deze bevindingen maakten deel uit van het MDN Web DNA (Developer Needs Assessment) Rapport 2019 (PDF), dat is gebaseerd op de input van meer dan 28.000 webontwikkelaars en -ontwerpers wereldwijd.

Het MDN Web DNA-rapport 2019 was de eerste editie van een jaarlijks wereldwijd onderzoek naar de behoeften van webontwikkelaars en -ontwerpers, bedoeld om de toekomst van het webplatform vorm te geven. Naast de beoordeling van de algemene tevredenheid over het webplatform, identificeert het rapport de behoeften en frustraties van de ontwikkelaars. De grootste frustratie is gek genoeg de webbrowser zelf. In de top 10 van frustraties komen deze browsers wel vier keer voor.

De grootste frustraties van webontwikkelaars zijn:

  1. Het moeten ondersteunen van specifieke browsers, zoals Internet Explorer 11.
  2. Verouderde of onnauwkeurige documentatie voor frameworks en bibliotheken.
  3. Het vermijden of verwijderen van een functie die niet werkt in alle browsers.
  4. Testen in verschillende browsers.
  5. Een ontwerp maken dat er hetzelfde uitziet en hetzelfde werkt in alle browsers.
  6. Het vinden van bugs die niet worden gevonden tijdens het testen.
  7. Het ondersteunen van meerdere frameworks in dezelfde codebase.
  8. Het bijhouden van een groot aantal tools of frameworks.
  9. Het beheren van gebruikersgegevens om te voldoen aan wet- en regelgeving.
  10. Het begrijpen en implementeren van beveiligingsmaatregelen.

In een open vraag werd de ontwikkelaars gevraagd wat ze op het web zouden willen doen, maar niet kunnen omdat ze de mogelijkheden van het (ontwikkel)platform missen om dit te doen. Hier identificeerde Mozilla 109 categorieën van de wensen van ontwikkelaars. De volgende zeven punten kwamen het vaakst naar boven.

  • Toegang tot hardware, inclusief API's op apparaten, 12,4 procent van de respondenten.
  • Browsercompatibiliteit, inclusief consistentie in cross-browser renderen, 8,6 procent.
  • Toegang tot het bestandssysteem, 4,7 procent.
  • Prestaties, inclusief de snelheid van native mobiele apps in webapps, 3,4 procent. Slechte JavaScript-prestaties en de wens om een Java- of Python-browser te gebruiken werden ook genoemd.
  • PWA-ondersteuning (Progressive Web Apps), 3,4 procent.
  • Debugging, inclusief betere tools, 3,3 procent.
  • Toegang tot native API's, 3 procent.

Ook frustraties omtrent de programmeertaal/ontwikkelomgeving kwamen aan bod:

  • JavaScript - het ontbreken van browser/engine adoptie/ondersteuning voor een bepaalde taalfunctie, 37,4 procent van de respondenten.
  • HTML - geen pijnpunten, 35,3 procent.
  • CSS - uitdagingen bij het creëren van de gespecificeerde lay-out, 44,4 procent.
  • WebAssembly - gebrek aan ondersteuning voor debugging-tools, 51,4 procent van de 851 personen die deze vraag hebben beantwoord. De nieuwheid van de technologie werd aangehaald als reden voor het beperkte aantal antwoorden.

Ten slotte werd er ook gekeken naar welke browsers het vaakst weden ondersteund. Het is geen verrassing dat Google Chrome en Mozilla Firefox daar als winnaars uit de bus kwamen.

  • Chrome, met 97,5 procent.
  • Firefox, 88,6 procent.
  • Safari, 59,6 procent.
  • Chrome voor Android, 57,8 procent.
  • Edge, 57,3 procent.