De Wintel-machines zoals we die vandaag de dag kennen, stammen direct af van de eerste IBM-pc die in augustus 1981 aangekondigd werd. Vanaf het eerste moment was de IMB-pc een groot succes en is dat altijd eigenlijk altijd gebleven. De computer bleek veelzijdig te zijn, makkelijk en haast onbeperkt uitbreidbaar en snel. Maar het systeem kent ook zijn keerzijde.

De tijd vóór Big Blue

Eind jaren zeventig had je als consument de keus uit een ruime sortering pc's. Veel veelverkochte systemen uit die dagen draaiden op CP/M, een besturingssysteem dat ontwikkeld was door Digital Research. Daarnaast had je de PET Computer van Commodore en Tandy maakte ook een populair systeem (de TRS-80). En dan waren er nog twee jongens met de naam Steve die een bedrijfje hadden dat de Apple II verkocht.

Deze systemen waren primair bedoeld voor hobbyisten die graag programmeerden in BASIC. Deze programmeertaal werd voor een groot deel ondersteund door Microsoft. Op dat moment een klein bedrijf in Bellevue in de Amerikaanse staat Washington dat geleid werd door de gesjeesde Harvard student Bill Gates.

IBM -op dat moment de grootste speler op het gebied van bedrijfscomputers- kreeg lucht van de ontluikende computermarkt voor consumenten en besloot er zelf in te stappen. Onder druk van een strenge deadline begonnen de ontwerpers van IBM aan een nieuwe computersysteem.

Een van die ontwerpers was David Bradley. Hij zegt naderhand over het systeem: "De computer bleef regelmatig hangen en herstarten was de enige mogelijkheid om het apparaat weer aan de praat te krijgen. Daarom heb ik een 'warme herstart' in de toetsenbordcode ingebouwd. Ik ben eigenlijk de uitvinder van Ctrl-Alt-Delete, maar Bill Gates heeft de toetscombinatie beroemd gemaakt."

De strenge deadline betekende dat de ontwerpers het moesten doen met het bestaande technologie. Als CPU (Central Processing Unit) diende Intel's 8088 processor, een 16-bit chip. Deze processor was een stuk krachtiger dan de op dat moment gangbare 8-bit chips. Maar om de kosten te drukken, maakte de 8088-processor gebruik van een 8-bit bus om de communiceren met de rest van de pc.

MS-DOS

IBM besloot voor zijn systeem in eerste instantie geen gebruik te maken van het op dat moment populaire CP/M besturingssysteem. Over de reden van dat besluit doen verschillende verhalen de ronde. Een van de meest aannemelijke redenen is dat Digital Research weigerde IBM's nondisclosure overeenkomst te tekenen.

Hoe het ook zij, IBM nam contact met Bill Gates en legde de situatie met Digital Research uit. Gates had de oplossing. Microsoft kocht van een ander bedrijf de licentie van het besturingssysteem 86-DOS (ook wel bekend onder de naam QDOS) en paste dat aan. Het OS werd hernoemd tot PC-DOS (voor machines die door IBM zelf verkocht werden) en MS-DOS (voor computers die door andere bedrijven verkocht werden).

Op het moment dat de IBM-pc gelanceerd werd, had de consument de keuze uit drie besturingssystemen. Naast PC-DOS waren ook CP/M verkrijgbaar (Digital Research had uiteindelijk toch een 8088-compatibel OS gemaakt) en UCSD p-System van Softech verkrijgbaar. PC-DOS kwam als uiteindelijke winnaar uit de bus. Doorslaggevend was de prijs van de besturingssystemen: PC-DOS kostte 40 dollar. De andere twee systemen gingen voor respectievelijk 450 en 550 dollar over de toonbank.

Niemand was voorbereid op het snelle succes dat IBM met het systeem maakte. Zelfs Big Blue zelf niet. Aanvankelijk had het bedrijf als doelgesteld gedurende vijf jaar ruim 250.000 pc's te verkopen. Dat werden er een stuk meer: maandelijks werden meer dan 200.000 van deze computers verkocht.

Waarom zo'n succes?

De vraag is waarom de pc op zoveel steun uit de markt kon rekenen. Er waren genoeg andere gevestigde computersystemen die hun kunnen al bewezen hadden. Diverse redenen zijn aan te dragen die het succes van de pc verklaren.

De pc bleek een systeem te zijn dat beginnende computergebruikers aansprak. Het ontwerp was goed, de kwaliteit was goed én -niet onbelangrijk- het systeem was ontworpen door een gevestigd bedrijf dat aanzien in de maatschappij had: IBM. Een slimme reclamecampagne droeg mede bij aan het succes.

Daarbij kwam dat het pc-platform al snel omarmd werd door diverse softwarebedrijven die populaire software maakte voor DOS. Denk aan WordStar, WordPerfect, DBase en Norton Utilities.

Het IBM-team dat de computer ontwierp, wilde een 'open' systeem maken dat eenvoudig uit te breiden was met randapparatuur. En het werd toegestaan 'klonen' van de oer-pc te produceren, zolang het systeem maar gebaseerd was op de IBM-technologie.

Vanaf 1982 verschenen diverse bedrijven op de markt die pc's aanboden met de structuur van de allereerste IBM-pc. Nieuwe processors, meer geheugen, enz. maakten de computer steeds sneller. Tot die bedrijven behoorde onder meer Compaq.

In 1983 kwam IBM met het PC/XT-systeem: de harde schijf werd geïntroduceerd. En een jaar later kwam de PC AT op de markt. De eerste pc die gebouwd was rond Intel's 80286-processor die draaide op de ongelooflijke snelheid van 6 MHz.

Tanende macht

Compaq kwam met de eerste pc die gebaseerd was op Intel's 32-bit 80386 (of kortweg 386) -processor. Deze chip betekende nieuwe mogelijkheden. Zo maakte het onder meer multitasking mogelijk, een techniek waar Windows van geprofiteerd heeft.

IBM kreeg het vanaf 1986 steeds zwaarder. Het door IBM in 1987 geïntroduceerde PS/2-systeem flopte. Het was een machine die de AT moest vervangen maar niet werd geaccepteerd door de markt. Vanaf dat moment maakte het niet meer uit of een computer IBM compatible was of niet. Een pc was gewoon een pc.

Instabiel

In 1987 draaiden de meeste pc's nog gewoon op MS-DOS. En het opvallende is dat de meeste computers vandaag de dag nog steeds op MS-DOS draaien, zij het niet zichtbaar.

Dat is tevens een reden dat het zo populaire besturingssysteem Windows zo instabiel kan zijn. Windows 95, 98 en ME zijn complexe besturingssystemen die nog steeds bogen op een besturingssysteem dat begin jaren tachtig ontworpen is.

Lange tijd hebben Microsoft en IBM nog samengewerkt. Aan dat huwelijk kwam in 1990 een eind toen beide bedrijven hun eigen weg gingen. IBM besloot door te gaan met OS/2, een besturingssysteem dat als opvolger van DOS had moeten dienen, maar eigenlijk nooit echt van de grond gekomen is. Microsoft zette alles op alles om Windows groot te maken.

In 1990 zag Windows 3.0 het levenslicht en dit OS veranderde meteen alles. Een sterke verbetering ten opzichte van eerdere Windows-versies. En Windows 3.0 werd door pc-verkopers in veel gevallen meegeleverd met een nieuwe pc.

Microsoft zette Windows stevig in de markt en bracht het soms op ietwat agressieve wijze aan de man. Het softwarebedrijf liet niet altijd even veel ruimte over voor concurrenten. Uiteindelijk bleek het een verloren strijd voor applicaties als 1-2-3, WordPerfect en andere DOS-programma's. Ook niet nadat ze de overstap naar Windows gemaakt hadden.

"Halverwege de jaren negentig was het uitermate moeilijk om te concurreren met Microsoft", zegt Philippe Kahn van Borland International. Zijn bedrijf was een van de grootste spelers op de markt in de jaren tachtig en het begin van de jaren negentig. "Het resultaat van de agressieve campagne van Microsoft was dat bedrijven zich terugtrokken. Applicaties werden niet meer zo veel en zo goed doorontwikkeld als dat in de jaren tachtig nog gebeurde."

Windows marcheert verder

In 1993 lanceert Microsoft Windows NT, een 32-bit besturingssysteem dat niet meer afhankelijk was van DOS. Het was bedoeld voor professionele gebruikers.

Windows95 bleek twee jaar later een schot in de roos voor Microsoft. Met veel bombarie aangekondigd, werd het met open armen ontvangen door de massa. Net als Windows NT was Windows95 een 32-bit besturingssysteem dat volledig gebruik maakte van de kracht van de nieuwste processors. Maar DOS was nog steeds aanwezig en werd nog altijd geladen voordat het eigenlijke Windows op het scherm verscheen. Hetzelfde verhaal geldt voor de opvolgers Windows98 en Windows Me.

Pas met de komst van Windows XP, later dit jaar, zal ook de consument gebruik kunnen maken van een besturingssysteem dat niet meer leunt op DOS.

De veelzijdigheid van een Windows pc is een andere reden voor instabiliteit. Het grote aantal applicaties, randapparatuur en configuraties maakt het niet altijd eenvoudig om fouten te ontdekken en op te lossen.

Andere platforms zoals Linux en Macintosh worden vaak geprezen om hun stabiliteit, maar het is een feit dat deze systemen niet altijd de functionaliteit en veelzijdigheid bieden die Windows haar gebruikers biedt. De ontwikkeling van deze 'alternatieve' systemen gaat echter snel.

Blijft de pc in combinatie met Windows de marktleider tot het einde der dagen? Dat is een vraag die uiteraard nauwelijks te beantwoorden is. Goedkope apparaten zoals PDA's en Internet appliances zouden aan het marktaandeel kunnen gaan knagen, maar het is heel erg waarschijnlijk dat de pc nog jaren zal blijven bestaan.

IBM's 20 jaar oude pc-standaard zal nog heel lang invloed houden. De hersenen van de allereerste pc zullen altijd de ziel blijven vormen van het nieuwste en beste systeem.