Zouden internetters al net zo vertrouwd zijn met 'tags' als met hyperlinks? Het zou een leuk onderwerp kunnen zijn voor een poll op Webwereld. Een ding is zeker: over 'tagging' is al veel geschreven. Wie aan tags denkt, denkt ook automatisch aan sites als Del.icio.us, Flickr en Technorati, die het fenomeen bekend maakten onder het grote internetpubliek. Toch is het nog steeds moeilijk onder woorden te brengen wat het nut van een tag nou precies is. Tags zouden nodig zijn om data te organiseren en te ordenen. Tags zouden het internet socialer maken en aan online informatie zelfs een stukje menselijke intelligentie toevoegen. En dus krijgen steeds meer websites, foto's, mp3's, videobestanden en gebruiksartikelen een tag mee, in de veronderstelling dat deze dan sneller en makkelijker te vinden zijn. Op de fotosite Flickr plaatsen we een foto van onze trouwe viervoeter daarom niet meer onder zijn eigen naam Wodan, maar onder de tag 'hond'.

Tags duiken overal op. Je ziet ze op weblogs, nieuwssites, foto-, video- en muzieksites, veilingsites en online plattegronden. Ook in e-mail kan al volop worden getagd. Het aantal nieuwe Web 2.0-sites dat gebruikers de mogelijkheid biedt om te taggen, is verder niet bij te houden. Op de datingsite Consumating zijn nu zelfs blondines te vinden die van literatuur houden én boeken lezen. Met dank aan tags! Websites als eBaydig en Googlecloud bestaan uitsluitend uit getagde artikelen en headlines. Er is zelfs een tooltje om een eigen tagcloud te maken (gratis te downloaden op Tagcloud.com). Ook rss-feeds 'vertaggen'. De site Edgeio.com gebruikt tags voor de exploitatie van een online marktplaats. Op de site kan iedereen een advertentie plaatsen via een eigen weblog, cms of een andere databron, zolang er maar een rss-feed aan hangt en er een zogeheten listing tag gekoppeld is aan de advertentie. Op basis van de tag krijgt de advertentie een eigen pagina op de website.

Edgeio werd op internet al gehyped als de nieuwe 'eBay-killer'. Slechts een enkeling wees er echter op dat Edgeio feitelijk een lege webapplicatie is, die alleen werkt als derden er 'getagde' content voor aanleveren. De Amerikaanse ict-blogger Nicholas Carr van het weblog Rough Type was daarom ook niet onder de indruk. Volgens hem is Edgeio voor de niet-nerd een ramp. "Voor iemand die alleen zijn oude kano wil verkopen, is Edgeio een draak van een site", zo concludeerde hij. Toch staan er maar weinig mensen kritisch tegenover het gebruik van tags. Content wordt massaal gelabeld, omdat de algemene teneur is dat tags zo handig en krachtig in gebruik zijn.

Voor Erwin van der Zande, hoofdredacteur van Bright, het magazine voor mensen met een techlifestyle, staat het nut van tags niet ter discussie. Hij gebruikt tags tegenwoordig zelfs bij de weergave van de inhoudsopgave op de cover van zijn tweemaandelijks verschijnend blad. "Tags scheppen orde op internet en bevorderen de navigatie", zegt hij. "Ze doen me terugdenken aan de tijd van voor het internet, waarin ik knipselmappen bijhield met medianieuws. Ik had voor elke categorie een map. Dat was een hoop werk. Het aanbrengen van tags is dat ook. Maar hoe langer en hoe meer tags je maakt, des te waardevoller wordt die meta-informatie. Al zou er nog wel een manier moeten worden gevonden om het aanbrengen van tags te kunnen automatiseren."

Trendwatcher Frank Janssen van het businessblog Frankwatching is ook zo'n typische aanhanger van tags. "Het gebruik van tags is één van de meest karakteristieke zaken die Web 2.0 heeft voortgebracht", zegt Janssen. "Je gebruikt ze niet volgens strak bedachte woordenlijsten, maar min of meer in de taal van de straat. Hoe meer er wordt getagd, hoe duidelijker de verzamelingen van onderwerpen en begrippen worden." Toch had Frank Janssen ooit zijn twijfels over het nut van tags. "In het begin wist ik niet goed wat ik ermee moest. Maar inmiddels ben ik behoorlijk geboeid geraakt door bepaalde toepassingen."

Janssen zegt met name vertrouwd te zijn geraakt met verzamelingen trefwoorden of tagclouds. Als voorbeeld noemt hij de tagcloud op de fotosite Flickr. "Die leent zich uitstekend als startpunt voor een presentatie over het onderwerp." De nieuwste ontwikkeling zijn volgens Janssen tagclouds die het laatste nieuws en de grote buzz-onderwerpen in beeld brengen. Sites als Newzingo.com en Techzingo.com bijvoorbeeld, die hun nieuws halen van Google News, Slashdot, Digg en de Britse site The Register. "Ik verwacht nog veel meer nieuwe toepassingen. Tags gaan ons helpen bij het kiezen van artikelen in online winkels, bij het ontdekken van interesses van bezoekers of klanten in een productdatabase en bij het vinden van nieuwe contacten in een community of op een datingsite. Ze zullen nog veel meer kleur gaan geven aan het sociale internet."

Op het Nederlandse internet lijken tags vooralsnog het speeltje te zijn van honderden webloggers. Van een echte grote doorbraak is hier nog geen sprake. Een Nederlandse versie van Digg of Flickr is er nog niet. Discussies over het gebruik van tags zijn er weer wel, vooral op marketingweblogs. Het kamp van de voorstanders groeit iedere dag, maar er zijn ook twijfelaars en tegenstanders. Internetondernemer Max Roeleveld van Qualion bijvoorbeeld vindt dat tags overgewaardeerd worden. "Als de acceptatie en aanwezigheid ervan in het huidige tempo blijft doorgaan, dan gaan we nog een hele interessante toekomst tegemoet", zo schreef Roeleveld op zijn weblog. Volgens Roeleveld vormen tags één van de pijlers van Web 2.0, maar gaat er bij het taggen nog wel van alles mis. "Tags brengen helemaal geen orde, maar een schijnorde. Taggen is ook mensenwerk. Daardoor is de kwaliteit van veel tags wisselvallig. Verschillende gebruikers hebben verschillende ideeën over de betekenis van een trefwoord. Daar komt nog bij dat mensen spel- en typefouten maken, die mede door het 'ad hoc'-karakter van tags vaak onopgemerkt blijven."

Naast de inconsistentie door menselijke beperkingen, is er volgens Roeleveld ook een inconsistentie in de manier waarop tags werken. De oorzaak? Voor tags bestaat geen standaard. "Er is geen definitie van de werking van tags en er zijn geen ongeschreven regels voor het gebruik ervan", zegt Roeleveld, "op de ene plek moet je je tags met komma's scheiden, op een andere plek met spaties. Dat laatste levert weer problemen op met tags die uit meerdere woorden bestaan. Die worden dan als meerdere, losse tags geïnterpreteerd. Tenzij je je 'meervoudige-woordwaarde-tag' tussen aanhalingstekens zet. Of de spatie vervangt door een streep, underscore of punt. Of door niets, en alle woorden gewoon aan elkaar plakt. Meestal wordt er dan niet vermeld wat er precies van je verwacht wordt. Niet alleen het invoeren wordt daardoor een gokspelletje, het terugvinden is soms ook meer geluk dan wijsheid."

Dat tags ondoorzichtig zijn, komt volgens Roeleveld omdat ze door programmeurs zijn bedacht. "Een techneut moet je geen interface laten maken voor normale stervelingen. Al heb ik er wel vertrouwen in dat de grootste problemen worden opgelost. Op zijn minst zal dan iedereen aan tags gewend zijn, omdat ze je tegenwoordig links en rechts om de oren vliegen. Maar tot die tijd is het vooral een speeltje van en voor nerds, iets dat eerder nifty is dan bruikbaar voor de grote massa."

Student en parttime webdesigner Sjors Timmer zet eveneens kritische kanttekeningen bij het gebruik van tags. Volgens hem komen op internet alleen de meest generale tags bovendrijven. "Hoe algemener de beschrijving, hoe vaker deze voorkomt. En daardoor is zo'n beschrijving niet zo zinnig voor het vinden van informatie", zegt hij. Timmer denkt verder dat het nooit gaat lukken om alle webpagina's van tags te voorzien. "Zelfs al zouden er heel veel webpagina's een tag meekrijgen, dan nog is het niet genoeg. Het systeem werkt pas echt goed als meerdere mensen dezelfde pagina dezelfde specifieke tag meegeven, zodat er een gedeelde mening ontstaat." Net als Roeleveld wijst ook Timmer op het probleem met omschrijvingen. "Een bekend voorbeeld op Flickr is New York, dat op meerdere manieren getagd kan worden. Als omschrijving kun je 'new york', 'newyork', 'newyorkcity' en 'nyc' gebruiken. Daardoor is de stad New York veel meer versnipperd op Flickr dan steden als Londen en Parijs, die maar op één manier getagd kunnen worden." Timmer is verder van mening dat het helemaal niet zo simpel is om informatie te labelen. Zelf, zegt hij, is hij bijna maandelijks bezig om zijn tags op sites als Del.icio.us te herordenen. "De tagrevolutie is ook nog niet klaar. Er moet nog steeds een hoop gebeuren."

Het gebruik van tags kan zelfs tot een ongewenste scheefgroei leiden, vindt Maarten Janssen, student Digital Media Design aan de HKU te Utrecht. "Door het gebruik van tagclouds ontstaan problemen voor het hele metadateringsproces op internet", zegt Janssen. "Zo'n wolk met trefwoorden zorgt ervoor dat de populairste tags het vaakst worden aangeklikt. Gevolg? Er ontstaat een kleine groep internetpagina's die veel bezocht worden. Internetters gaan bovendien dezelfde populaire tags gebruiken bij het taggen van hun eigen pagina's en bestanden. Een tagcloud zorgt er dus voor dat veel mensen naar hetzelfde gaan kijken. Dat betekent ook dat slechts een klein deel van de dataschuur wordt ontsloten. Maar Web 2.0 pretendeert juist dat door zijn sociale karakter het web gelijker wordt."