Eerder deze week werd al bekend dat de website van het Witte Huis tegenwoordig draait op open source-software: besturingssysteem Linux en cms Drupal. Maar de verklaring (pdf) van het Ministerie van Defensie is serieuzer en gaat dieper.

Misvattingen

“Om effectief de gestelde doelen te behalen, moet het Ministerie van Defensie zijn software sneller dan ooit ontwikkelen en updaten, om nieuwe dreigingen voor te zijn en om te beantwoorden aan de steeds veranderende eisen. Het gebruik van Open Source Software kan hierin voordelen bieden”, zo begint de memo van het ministerie.

Deze memo is een aanvulling op een richtlijn uit 2003, die blijkbaar ietwat onduidelijk is. Er zijn op dit moment veel open source-programma’s in gebruik bij het ministerie, zowel in vertrouwelijke als in meer publieke omgevingen.

"Maar", schrijft David Wennergren van het Defensie, "er bestaat een aantal hardnekkige misvattingen en verkeerde interpretaties van wetten en regels die het effectieve gebruik van OSS in de weg staan." Met deze memo wil het ministerie die uit de weg ruimen, zodat open source breder kan worden ingezet.

Nieuwe richtlijn

Volgens de nieuwe richtlijn moet open source in vrijwel alle gevallen als gelijkwaardig worden beschouwd aan commerciële software. En bij aanschaf van nieuwe software moet er dus goed naar worden gekeken.

Verder heeft open source een aantal voordelen. Dat betreft onder andere de mogelijkheid om de broncode naar believen te veranderen, de minder grote afhankelijkheid van leveranciers, het kostenvoordeel door het ontbreken van licentiekosten, en de hulp van de brede open source-gemeenschap.

Een misvatting die wordt bestreden, is dat het ministerie de veranderingen in de code altijd moet teruggeven aan de gemeenschap. Dat is niet juist. Gebruikers mogen code aanpassen voor intern gebruik zonder dat de code hoeft te worden verspreid. Toch belooft het ministerie gewijzigde code beschikbaar te stellen als er aan de juiste voorwaarden is voldaan.

Bron: Techworld.nl.